Vrede in Oekraïne? Niet zonder deze zeven voorwaarden

Morgen is er opnieuw topoverleg over een einde aan de strijd in Oekraïne. Maar voor er een overeenkomst is, moet er voor zeven prangende problemen een oplossing komen.

Vrijdag spraken Angela Merkel, Vladimir Poetin en François Hollande in Moskou met elkaar – en morgen weer, tijdens een ontmoeting die doorslaggevend kan zijn.Foto AP / Alexander Zemlianichenko

Is de Oekraïnecrisis bijna voorbij? Het Kremlin ontkende gisteren dat president Vladimir Poetin voor het blok is gezet door Angela Merkel. Zij zou gedreigd hebben dat, als Rusland niet voor woensdag instemde met een bestand, de Europese Unie de sancties verder zou opschroeven, zo schreef The Wall Street Journal. „Niemand kan ooit met de president op een ultimatieve toon spreken”, reageerde woordvoerder Dmitri Peskov voor de wereldomroep Moskou Spreekt.

Een dag eerder had Poetin wel aangekondigd dat hij, als het vooroverleg in Berlijn zou slagen, woensdag aanwezig zou zijn bij een topconferentie in Minsk. Daar moeten een nieuw bestand en een ‘routekaart’ naar vrede voor de Donbas worden beklonken.

De hoofdlijnen van zo’n akkoord, dat Duitsland en Frankrijk vorige week op tafel hebben gelegd, zijn onbekend gebleven. Maar om de oorlog in de Donbas te beëindigen, moeten ten minste deze zeven problemen aan de orde komen. Anders is de route naar vrede onbegaanbaar.

1. Er moet een wapenstilstand komen, en nu écht

De wapenstilstand die op 5 september in Minsk werd gesloten, heeft amper een dag soelaas geboden. Daarvoor waren twee redenen. Ten eerste was er aan beide zijden onvrede over de gebiedsverdeling zoals die er toen was. Na de pijnlijke nederlaag bij Ilovaisk in augustus zonnen Oekraïense troepen op wraak, en de pro-Russische milities lieten geen kans onbenut om verder op te rukken, vooral rond de provinciehoofdstad Donetsk en richting havenstad Marioepol.

Ten tweede was de bufferzone tussen de strijdende partijen, die vijf maanden geleden werd overeengekomen, te smal. Het gebied was in totaal 30 kilometer breed, aan beide kanten 15 kilometer. De bevolkingscentra konden door deze breedte niet buiten bereik van de zware wapens worden gehouden. Daardoor lag bijvoorbeeld het internationale vliegveld Sergej Prokofjev voortdurend onder vuur.

In een nieuw akkoord zou sprake zijn van een gedemilitariseerde zone van 50 tot 70 kilometer. Al het wapentuig van Oekraïners en pro-Russen zou achter deze grens moeten worden teruggetrokken. Maar wie ziet toe op handhaving van de demarcatielijnen? Waarnemers van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE) doen dat, maar zij hebben geen machtsmiddelen om de wapenstilstand af te dwingen.

2. Er moet serieuze bewaking van de grens komen

In het akkoord van september werd ook afgesproken dat de OVSE bij de Russisch-Oekraïense grens mocht controleren, om de vrije toevoer van wapens en soldaten tegen te gaan. Er is niets van terechtgekomen. Als de grens een vergiet blijft, kunnen de pro-Russische milities in de afgescheiden volksrepublieken Donetsk en Loegansk (samen Novorossia) met mensen en materieel bevoorraad blijven worden. Fractievoorzitter Joeri Loetskenko van het Blok Petro Porosjenko in het Oekraïense parlement eiste gisteren dat de grens „uitsluitend” door Oekraïense grenstroepen wordt bewaakt. Van een vredesmacht, waarin Russen een dominante rol spelen, wil hij niets weten. Het is ondenkbaar dat de rebellen daarmee instemmen.

3. Er moeten krijgsgevangenen worden vrijgelaten

Beide partijen hebben gevangenen. Eind december werden er bijna 370 uitgewisseld: 145 Oekraïners tegen 222 pro-Russische rebellen. Dezer dagen zouden er volgens plan wederom ‘krijgsgevangenen’ worden geruild. De uitwisseling van soldaten is het enige punt uit het Minsk-akkoord dat niet volledig is mislukt.

4. Er moet iets gedaan worden aan ongehoorzame bataljons

In de Donbas vechten naast Oekraïense militairen en plaatselijke opstandelingen ook vrijwilligersbataljons uit Oekraïne en huurlingen uit Rusland. Wie bevelhebber is, is aan beide zijden diffuus. Binnen het pro-Russische rebellenkamp is intern een strijd gaande die begin dit jaar zelfs uitdraaide op afrekeningen. De Oekraïense vrijwilligerskorpsen laten zich ook niet alles gelegen liggen aan het nationale commando in Kiev. Een aantal commandanten is eind oktober in het parlement gekozen en ontleent daaraan een eigen mandaat. Bovendien is er aan de zijde van de separatisten een gevecht gaande om bezits- en andere economische machtsposities in de Donbas. Als er nu vanuit Minsk topdown een wapenstilstand wordt verordonneerd, kan dat ook een reden zijn voor ongehoorzaamheid.

5. Er moet duidelijk zelfbestuur voor de Donbas komen

Rusland eist al bijna een jaar dat Oekraïne een federale staat wordt. Daarin zouden de regio’s veto’s krijgen over buitenlands politiek beleid, handelsbeleid en militaire samenwerking. De machthebbers in Kiev willen niet verder gaan dan lokaal zelfbestuur in fiscale zaken, politiebeleid, onderwijs, taal en cultuur. Zonder autonomie voor de Donbas zal de samenleving met een bestand niet akkoord gaan.

Maar hoe autonoom moet de Donbas worden? Rusland wil het gebied feitelijk losweken van Oekraïne zonder dat het Moskou geld kost, zoals wel het geval is met de eerdere annexatie van de Krim. Kiev vreest dat verregaande autonomie het einde is van de eenheidsstaat Oekraïne.

6. Er moet weer betalingsverkeer mogelijk zijn voor de Donbas

De plaatselijke bevolking is zo goed als afgesneden van het normale Oekraïense betalingsverkeer. De separatisten hebben de Privatbank, de grootste bank van Oekraïne, overgenomen. Andere banken zijn dicht of niet meer in staat contant geld uit te betalen. Pinautomaten zijn leeg. Vooral bejaarden hebben daarvan last. Omdat de regering in Kiev de pro-Russische rebellen ervan verdenkt lokale bankrekeningen te plunderen, heeft ze de betaling van de pensioengelden gestaakt. Europa veroordeelt die stap: Oekraïne zou zijn verplichtingen aan ouderen moet nakomen. Maar Kiev geeft nog geen krimp.

7. Er moet weer normaal leven mogelijk zijn in de Donbas

Wie gaat er in de Donbas over water en elektriciteit? Het oorlogsgebied is, net als de Krim, aangesloten op de Oekraïense netwerken. De regering in Kiev gebruikt dit als pressiemiddel. En daarbij blijft het niet. Veel nutsvoorzieningen zijn door de oorlog kapot of verwoest. De vraag is wie er voor de reparatie opdraait. Oekraïne wil dat niet zolang de rebellen er de macht hebben. Rusland heeft er geen trek in omdat het ontkent direct betrokken te zijn. De burger kan zijn dagelijks leven niet hervatten als hiervoor geen oplossing wordt gevonden.

In september werden deze zeven problemen van leven en dood wel benoemd maar niet aangepakt, omdat de meeste partijen er geen belang bij dachten te hebben. Onder de dreiging van een nog veel grotere oorlog wordt in Minsk mogelijk een tweede poging gedaan. Het lijkt de laatste poging.