Vaste boekenprijs geen excuus

Ook de komende vier jaar blijft de Wet op de vaste boekenprijs van kracht. Minister Bussemaker (Cultuur, PvdA) maakt zich sterk voor een wat prijsbepaling betreft gelijk speelveld voor uitgevers en álle boekhandels. Dat is een verstandig besluit.

De vaste boekenprijs gaat terug op een afspraak tussen uitgevers en boekhandelaren uit 1923. Sinds 2005 wordt bij wet aan de gedachte gehoor gegeven dat het boekenvak een te groot maatschappelijk en cultureel belang vertegenwoordigt om verpletterd te worden tussen enerzijds een bestsellercultuur met prijsknallers en anderzijds het zogeheten betere boek als luxeartikel. Per vier jaar wordt de Wet op de vaste boekenprijs heroverwogen.

De prijs voor een boek is bescheiden. Hij stijgt nauwelijks. Hij daalt ook niet. De vaste boekenprijs ondermijnt niet de onderlinge concurrentie, uitgevers zijn commerciële bedrijven en zo gaan ze dan ook te werk: op kwaliteit. Boekhandels doen nadrukkelijk aan klantenbinding. De consument is niet gebaat bij de laagste prijs als die betekent dat het aanbod verschraalt. Keuzemogelijkheid heeft haar waarde en haar prijs.

Tegenstanders van de vaste boekenprijs suggereren dat de kopers van bestsellers vooral mensen zijn met een lager of middeninkomen. Doordat zij via de vaste boekenprijs meer betalen dan nodig is, zouden zij de verondersteld koopkrachtiger kopers van het minder vlot verkopende boek subsidiëren. Maar op het gebied van boeken en lezen liggen de scheidslijnen zo scherp niet, bleek uit onderzoek van CPB en SCP. Het publiek met een voorkeur voor een bepaald genre subsidieert zichzelf. Ook literair hoogwaardige boeken kunnen een bestseller zijn, zie bijvoorbeeld de romans van Adriaan van Dis of de literaire essayistiek van Geert Mak.

In haar toelichting stelt de minister voorop dat het boekenvak zich de komende vier jaar moet leren verhouden tot de, al dan niet agressief opererende, internetboekhandels. Die aansporing is terecht. Het Amerikaanse Amazon intimideerde in een prijsconflict een groot internationaal uitgeefconcern door de boeken van dat bedrijf minder prominent aan te bieden. Nu Amazon de Nederlandse markt betreedt, kan de vaste boekenprijs een weerwoord zijn, maar hij mag geen excuus zijn om achterover te leunen.

Verder vraagt de minister om onderzoek naar de werking van de vaste boekenprijs. Functioneert die interne subsidiëring werkelijk of is het een fopspeen? Een ‘Kennis- en Innovatiecentrum voor het boek’ zal dat bekijken. Nu pas. Het boekenvak had dat allang uit eigen beweging moeten doen. In antwoord op de sceptici en als voorschot op de herijking van de wet.