Piladvies griep valt verkeerd

Moeten grieppatiënten extra behandeld worden met griepremmers? De slepende ruzie over Tamiflu is opnieuw ontbrand.

Het inpakken van Tamilflu-pillen bij fabrikant Roche. Foto EPA

De griepprik beschermt dit jaar niet goed tegen de griep, omdat een van de virusstammen waartegen het vaccin zou moeten beschermen gemuteerd is. Patiënten uit risicogroepen zouden er daarom goed aan doen om, als zij malaise voelen aankomen, hun huisarts te vragen om griepremmers als Tamiflu, zei viroloog Ab Osterhaus van het Erasmus MC in Rotterdam dit weekend in het NOS Journaal.

De uitlatingen van Osterhaus, die adviseur is geweest voor de farmaceutische industrie, hebben de woede gewekt van huisartsen. Die vinden dat grieppatiënten alleen in uitzonderlijke gevallen Tamiflu (oseltamivir, van fabrikant Roche) en de soortgelijke griepremmer Relenza (zanamivir, van GSK) mogen krijgen. Het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde plaatste zondag onmiddellijk een kritisch stuk dat een achtergrond van vermeende belangenverstrengeling schetst rond de griepremmers.

Osterhaus baseert zich op een studie die anderhalve week geleden verscheen in het medische tijdschrift The Lancet en werd uitgevoerd door de wetenschappelijke studiegroep Mugas. Onderzoekers concludeerden daarin dat oseltamivir de ernstige gevolgen van griep (longontsteking, ziekenhuisopname) kan verminderen. Dat ging in tegen een zogeheten Cochrane-analyse in The BMJ, april 2014: die concludeerde juist dat Roche de effecten van het middel te rooskleurig had voorgesteld. Dat leidde tot een rel omdat veel overheden tijdens de Mexicaanse griepepidemie massaal mogelijk ineffectieve griepremmers hadden ingeslagen. Deze week waren journalisten van The BMJ er als de kippen bij om de onderzoekers van de Lancet-studie vooringenomenheid en gebrek aan transparantie over hun analyses te verwijten. Arts-epidemioloog Dick Bijl, hoofdredacteur van het Geneesmiddelenbulletin sluit zich daarbij aan. „De industrie kiest een andere invalshoek, waardoor de kans op een positief resultaat bij voorbaat al groter is. Daarom is voor mij de Cochrane-studie leidend.”

Osterhaus is woedend over de verdachtmakingen. „Ik heb zelf het initiatief genomen voor het Mugas-onderzoek. Op een internationale conferentie hebben we besproken hoe we de effectiviteit van oseltamivir onbevooroordeeld konden onderzoeken. Iedereen was het erover eens dat Roche gevraagd zou worden het project te financieren. Maar Roche mocht alleen gegevens aanleveren en geen direct contact hebben met de onderzoekers van de London School of Hygiene & Tropical Medicine die de analyse uitvoerden. De afspraak was dat de resultaten zonder meer gepubliceerd zouden worden, of de uitkomst nu negatief zou zijn of positief.” Bijl is niet overtuigd. „Het is theoretisch mogelijk dat mensen uit de risicogroep baat hebben bij oseltamivir”, zegt hij, „Helaas is daarvoor geen bewijs.”

Maar volgens Osterhaus zijn er nu twee studies die aantonen dat oseltamivir de ernst van symptomen vermindert, en daarmee het sterfterisico. Naast de Mugas-studie is dat een vorig jaar gepubliceerd onderzoek in The Lancet Respiratory Disease, waaruit bleek dat het middel in de uitbraak van de Mexicaanse griep levensreddend was geweest bij ernstig zieke patiënten. Osterhaus: „Als ik dan in een interview van twee minuten moet zeggen of er bij het falen van het vaccin nog een redmiddel is, dan zeg ik als viroloog voluit ja. Ik zou mijn grootmoeder met griep ook adviseren deze pillen te nemen. Het is absurd dat huisartsen mensen de toegang ertoe willen ontzeggen zonder dat ze zich verdiept hebben in studies die hun ongelijk aantonen.”