NS-dochter Abellio wint openbaar vervoer in Limburg

Station Maastricht. ANP / Koen Suyk

NS-dochter Abellio mag vanaf eind volgend jaar tot 2031 bijna al het openbaar vervoer in Limburg gaan verzorgen. Dat maakte gedeputeerde Patrick van der Broeck (CDA, Openbaar Vervoer) vanmiddag bekend in het provinciehuis in Maastricht.

Het bedrijf scoorde bij de aanbesteding van de 1000 haalbare punten 732 punten en liet daarmee Arriva (574 punten) ver achter zich. De andere mededinger Veolia voldeed in de eerste aanbestedingsronde al niet aan de criteria. Het bedrijf kwam te veel geld tekort voor een sluitende exploitatie.

Het gaat om de grootste en meest complexe openbaar-vervoerconcessie die ooit in Nederland werd aanbesteed. Alleen de intercity-treinen tussen Limburg en de Randstad vallen er niet onder. Dat betekent dat de NS zelf, anders dan nu nog het geval is niet langer zorg draagt voor de stoptreinverbinding tussen Roermond en Maastricht en die tussen Sittard en Heerlen.

Nieuwe naam: door!

Abellio gaat opereren onder de merknaam Door!. Er komt een apart bedrijf voor Limburg met een hoofdkantoor in Maastricht. Abellio-directeur Annemarie Zuidgeest-Tabak:

“We willen nog een stap verder gaan dan de aanbesteding. Iedereen krijgt eersteklas-zitplaatsen. De tweedeklas bestaat straks niet meer.”

Het Zwitserse Stadler Rail gaat de nieuwe treinen leveren. Op de Maaslijn tussen Roermond en Nijmegen wordt de eerste jaren nog met oud materieel gereden. De bussen komen van het Nederlandse VDL. Vanaf 2024 moet alle openbaar vervoer in Limburg emissieloos rijden.

Veolia houdt tot eind 2016 de concessie die het sinds 2006 had. Provincie en reizigers waren tevreden over het bedrijf met de wit-rode bussen en treinen. Het aanbod nam met 50 procent toe, het aantal reizigers uiteindelijk met 40 procent.

Minstens twee miljard euro

De nieuwe concessie vertegenwoordigt een waarde van minstens twee miljard euro (verwachte opbrengsten en toegezegde bijdragen van de provincie Limburg). Veolia verloor afgelopen najaar een kort geding, waarin het bezwaar maakte tegen de deelname van aan de NS gerelateerde bedrijven aan de Limburgse aanbesteding. Volgens de Fransen was er geen sprake van gelijke kansen, omdat de Nederlandse vervoerder al beschikt over allerlei vervoersvoorzieningen en eventuele tekorten op de concessie kan compenseren met opbrengsten van lijnen elders.

De verwachting is dat Veolia nu opnieuw een rechtszaak gaat beginnen, omdat er geen sprake zou zijn geweest van een gelijk speelveld tussen de mededingers bij de aanbesteding. Zo’n procedure kan voor vertraging van de lopende procedure zorgen. Mogelijk kan Veolia dan ook na december 2016 nog even doorrijden en extra verdienen aan de bestaande concessie.