Column

Hoe de ratio het toch aflegt tegen verdriet

De Kleine Wereld van Machteld Cossee

Er is bijna elke werkdag wel een documentaire te zien op NPO2, alleen op maandag is dat het geval op primetime. In de praktijk blijkt dat dan wel doorgaans een film te zijn met een aan de gezondheidszorg ontleend thema. Televisiekijkers zijn namelijk dol op zieke mensen.

De tv-obsessie met slachtoffers leidt maar al te vaak tot het uitmelken van leed, liefst met veel tranen en een beetje verstilde pianomuziek. In dat licht was gisteren De Kleine Wereld van Machteld Cossee (2DOC/VARA) een verademing.

Afwezigheid van muziek, droog observerende cinema en een dappere poging om vooral elke emotie buiten de deur te houden kenmerken dit portret van een vrouw die langzaam doof en blind wordt. Er zijn in Nederland maar 800 mensen met dit syndroom van Usher; de film gaat vooral over de psychologie van het flink zijn.

Ruim zes jaar volgde Hetty Nietsch, een veteraan van de sociaal bevlogen tv-journalistiek bij Zembla, de hoofdpersoon. Machteld Cossee hoort op haar zeventiende verjaardag wat haar te wachten staat: steeds meer „door een rietje kijken”, letterlijk kokervisie, en steeds minder gehoor, ook met een apparaat in het oor. Aanvankelijk kan ze studeren, sporten en werken, maar dat wordt steeds lastiger. Ze ontmoet een man die zegt het niet erg te vinden met een patiënt zijn leven te delen en ze krijgen twee kinderen. Aan het slot van de film is ze 37 en zijn zelfs vrijwilligerswerk en sociale contacten zo goed als onmogelijk geworden. Het huwelijk staat onder grote druk, door de eindeloze misverstanden en ruzies.

De grote charme van Machteld is dat ze haar uiterste best doet om laconiek te blijven. Dat zit in de familie. Haar vader, een huisarts, geeft toe dat ze na de diagnose wel „iets meer met emotie en gevoel” hadden kunnen reageren. Moeder vindt nog steeds dat praten over een ziekte nou ook weer zoiets is.

Wat Nietsch heel knap laat zien is de verbrokkeling van deze rationele levenshouding. Eerst zijn het nog de vriendinnen, die breken als ze op een blindeninstituut met een speciale bril op de neus ervaren wat het zicht van Machteld is. En dan is het de zieke die de mantelzorger moet troosten.

Maar de tegenslagen zijn niet te tellen. Machteld moet noodgedwongen stoppen met roeien. De echtgenoot kan de stress niet meer aan. Hulpverleners hebben moeite de juiste toon te vinden, een belangenorganisatie van slechtzienden slaat Machtelds aanbod om vrijwilligerswerk te komen doen af, op een vrij onfatsoenlijke manier.

Je moet er niet aan denken wat een draak van een film dit geworden was, als de vormgeving had gehengeld naar de emotie van de kijker. Nu zijn we juist onder de indruk van de innemende moed van de hoofdpersoon, die expres niet aan de toekomst denkt. Als de tranen dan toch komen, is dat geheel ondanks haarzelf en dus buitengewoon authentiek.

Er zijn wat problemen met de montage, die door het doorbreken van de chronologie enige verwarring wekt, vooral ten aanzien van de leeftijd van de kinderen. Een kniesoor die daarop let, er zijn erger dingen.