De kiezer in het midden houden

Overzie de binnenlandse politieke debatten en vraag je af wat deze week de belangrijkste problemen in Europa zijn. Het is niet zo dat politici uit Den Haag hun mond houden over Oekraïne en Griekenland – ze zijn er mee bezig. Het zijn wel onderwerpen die laten zien dat de politieke scheidslijnen weliswaar niet meer tussen de middenpartijen lopen, maar dat die er toch heel goed in kunnen slagen het debat te bepalen.

Neem Griekenland, dus het Europese financieel-economische beleid. Ook de PvdA vindt dat de Griekse schuld moet worden terugbetaald omdat dit ‘zo hoort’. Economen mogen dat onverstandig achten en de (geo-)politiek mag om iets anders vragen, dat maakt ook links in het Nederlandse midden geen indruk. Binnen de Unie heet dit het ‘noordelijke’ standpunt – net als de Duitse SPD staat de PvdA van eurogroepvoorzitter Dijsselbloem dichter bij centrum-rechts in eigen land dan bij geestverwanten in het zuiden. Maar er is ook een electoraal belang: die strengheid houdt het debat bij de middenpartijen, ver van de SP, die verwant is met Syriza, en de anti-Europese PVV. Het nieuwe driestromenland verenigt hier het politieke midden.

Voordat vlucht MH17 was neergestort was de ‘Griekse’ driedeling bijna even helder in de debatten in de Tweede Kamer over Oekraïne. PVV en SP toonden meer begrip voor Rusland dan de andere partijen, die vanaf het begin kozen voor Kiev. Maar na de vliegramp draaide de PVV en dempte de SP zijn kritiek op de Europees-Amerikaanse ‘confrontatiekoers’ met Moskou.

Over de Europese verhouding met Oekraïne en Rusland is nog steeds, of eigenlijk steeds dringender, een binnenlands politiek debat te voeren. Het gaat om wezenlijke keuzes: moet Europa nu meer één worden, is de NAVO genoeg? En hoe moet het verder met de afhankelijkheid van Rusland voor het energiebeleid? Oud-VVD-leider Bolkestein herinnerde er op de opiniesite Jalta aan dat hij er zich als fractieleider in de Tweede Kamer in de jaren negentig tegen verzette Rusland te tarten door Oekraïne naar Europa en de NAVO te lokken. Welke overwegingen winnen nu?

Maar helaas, het Oekraïnedebat in de Tweede Kamer gaat vrijwel alleen nog over ‘MH17’. De oorlog aan de oostgrens van Europa verschrompelt aan het Binnenhof al snel tot een (surrealistisch) decor voor het nieuwste nationale trauma: De Ramp, zijn Toedracht en het Onderzoek. Dat is geen toeval. Anders dan PVV en SP kunnen CDA en D66 zich nauwelijks van de VVD en de PvdA onderscheiden in het ‘grote debat’ over Rusland en Europa. De worsteling van het kabinet met MH17 leent zich beter voor hun oppositie.

Het is een vaker beproefde oppositietactiek van middenpartijen: kwesties over uitvoering, verantwoordelijkheden en effecten worden tot kern van de strijd. Overeenstemming op grote lijnen is voor hen electoraal onaantrekkelijk en speelt de flanken in de kaart. Neem de decentralisaties in de zorg: alle middenpartijen steunen die in de kern, maar het CDA voert de oppositie aan met kritiek op de uitvoering (te snel). Idem voor het terreurbeleid (CDA, D66: te weinig).

Ook de coalitiepartijen doen er onderling aan mee, zoals in het debat over een nieuw belastingstelsel. De ‘ideologische’ verschillen worden overdreven: zo domineren VVD en PvdA het debat, terwijl het voor de hand ligt dat het compromis, zolang dat in het midden wordt gesloten, zal bestaan uit een mix van lagere lasten op arbeid, wat meer herverdeling en ook meer economische prikkels. Geen ideologisch onoverbrugbare keuzes – wat niet wegneemt dat de strijd hard kan zijn en coalities kan doen verkruimelen.

Maar zo’n resultaat is moeilijk uit te leggen aan de kiezer.