Daar lag de baby, in een supermarkttas

Fotografe Rachel Corner legde de plaatsen vast waar vorig jaar baby’s werden gevonden, die dood of levend aan hun lot waren overgelaten. De moeder is vaak nog in de buurt, zegt de Kinderbescherming.

AMSTERDAM. Een vrouw hoorde zacht babygehuil toen ze haar fiets in oktober naast deze container in Amsterdam-West parkeerde. Aanvankelijk dacht de politie dat een babyfoon was weggegooid. Maar met een warmtecamera werd een levende baby aangetroffen in het ondergrondse deel van de container. Een meisje, van een paar dagen oud. Haar ouders zijn niet gevonden.

Gemiddeld, zo schrijft de Raad voor de Kinderbescherming, wordt er in Nederland één keer per jaar een baby hulpeloos achtergelaten. In 2014, echter, werden er maar liefst vier baby’s gevonden. De een lag in een vuilniszak op een galerij, de ander in het struikgewas, een derde in een AH-tas in een brandgang. Dood.

Eén baby bleef leven. Midden in de nacht hoorde een vrouw gehuil uit een ondergrondse vuilcontainer komen. Ze alarmeerde de politie, en die haalde een meisje van een paar dagen oud tussen het vuil vandaan.

Enkele jaren geleden ontmoette de Nederlandse fotografe Rachel Corner de New Yorkse ambulancemedewerker Timothy Jaccard. Nadat hij een baby uit de wc had gehaald, besloot hij het verdronken kindje een naam en een graf te geven.

Sindsdien heeft Timothy Jaccard ruim honderd dood gevonden baby’s begraven, en heeft hij een hulplijn voor zwangeren-in-paniek opgericht. Rachel Corner fotografeerde een aantal ‘vindplekken’ in New York. En onlangs trok ze in Nederland langs brandgang en galerijflat.

Waarom laten moeders hun pasgeboren kinderen achter – al dan niet voor dood? Iedere moeder heeft haar eigen redenen, en tegelijk verschillen die redenen niet zoveel van elkaar. Ze komt uit een streng religieus gezin, verblijft illegaal in Nederland, is verkracht, lijdt onder incest.

De politie is erop gebrand de ouders te vinden; het hulpeloos achterlaten van een kind is strafbaar. Vaak ook, aldus de Kinderbescherming, is de moeder nog in de buurt.

De eerste vondelingenluiken

Er gebeurde in 2014 nog iets: Nederland kreeg zijn eerste ‘vondelingenluiken’. Eerst in Papendrecht, daarna in Groningen. Hier kunnen moeders hun pasgeboren baby anoniem achterlaten. Tegelijkertijd met de opening van het vondelingenluik opende de stichting Beschermde Wieg het nummer 0800-6005 voor moeders-in-nood en een live-chat.

Tot nog toe is er nog geen baby neergelegd. Wel hebben zo’n veertig vrouwen gebeld of gechat, zegt initiatiefneemster Barbara Muller. „Veelal jonge meisjes die zwanger zijn geworden door incest.” Er belden ook meisjes die hun kind hebben gedood, vroeger. „Zij vinden de vondelingenkamer een goed initiatief.”

De Raad voor de Kinderbescherming is tegen het vondelingenluik. Want, zo meent die, daarmee „wordt voorbijgegaan aan belangrijke rechten van kinderen, om op te groeien bij de eigen ouders of familie en – als dat niet mogelijk is – in ieder geval hun afkomst te kennen”. Maar bij Beschermde Wieg kiezen ze voor het babyluik, omdat het alternatief misschien een vuilcontainer is. Dan weet je maar niet wie je ouders zijn.