Terreurverdachte Omar H. al eerder uit het oog verloren

Syriëganger Omar H. wordt verdacht van het voorbereiden van een terroristische daad. Foto ANP /Aloys Oosterwijk

De van terrorisme verdachte Omar H., van wie vorige week bleek dat hij aan Justitie en veiligheidsdiensten bleek te zijn ontglipt, heeft zich eerder aan hun toezicht onttrokken. In juni 2013 is H. naar Duitsland gereisd, hoewel hij een verbod had om naar het buitenland te gaan. Van daaruit probeerde hij naar Turkije te reizen.

Dit blijkt uit rapporten van de Reclassering over Omar H., die NRC HAndelsblad heeft ingezien.

Plannen voor een jihadreis

H. werd in het voorjaar van 2012 opgepakt nadat de veiligheidsdienst AIVD had ontdekt dat hij concrete plannen had om naar Syrië te reizen. Daar wilde hij vechten tegen het regime van Assad. H. had toen al een kilo aluminiumpoeder, tien meter ontstekingslont en een gasflesje gekocht. H. bezocht ook sites die uitleggen hoe je explosieven maakt. En hij was actief op jihadistische sites.

Met tussenpozen was H. vrij, maar er golden beperkende voorwaarden. Omdat hij in de zomer van 2012 en 2013 door die beperkingen niet naar het buitenland kon, “wilde hij er gewoon even uit”. H. wilde naar een vriendin in Turkije, zo verklaarde hij. Hij werd echter in Düsseldorf vastgezet en teruggebracht naar Nederland.

Onthulling

Vorige week ontstond ophef nadat het AD had onthuld dat H. vorig jaar het land had verlaten. Twee weken geleden werd hij in hoger beroep bij verstek tot anderhalf jaar cel veroordeeld wegens het voorbereiden van een terroristisch misdrijf. Dat was een half jaar langer dan zijn aanvankelijke straf van een jaar. Die had hij inmiddels uitgezeten. Volgens zijn advocaat zit H. nu niet in Syrië.

Uit dezelfde reclasseringsrapporten blijkt dat de NCTV (Nationaal Coordinator Terrorismebestrijding en Veiligheid) betrokken was bij het toezicht op H. Vanaf augustus 2012 tot de zomer in 2013 was er een keer per zes weken een “casuïstiekbespreking” over hem. Daarbij waren diverse vertegenwoordigers van Reclassering en Justitie betrokken, en ook een medewerker van de NCTV was aanwezig.

De Reclassering kenschetste de kans op herhaling van het gedrag waarvoor H. was veroordeeld, als “gemiddeld”. Een goede beoordeling is moeilijk, aldus de Reclassering, omdat H. gewelddadige intenties en uitreisplannen naar Syrië altijd ontkende.