Nederlandse pop glorieus op Grasnapolsky

Festival Grasnapolsky speelt zich af in het spectaculaire gebouw van Radio Kootwijk op de Veluwe, met eindeloze ruimte rondom.

Het opvallendste kenmerk van popfestival Grasnapolsky is de locatie. Het driedaagse festijn, dit jaar voor de tweede keer gehouden, heeft plaats in voormalig zenderpark Radio Kootwijk op de Veluwe. De toegangsroute loopt door een mistig spookbos waar wilde zwijnen opduiken, en eindigt bij een nederzetting uit 1918 in de stijl van de Amsterdamse school: een spectaculair gebouw, geïnspireerd door de vorm van een sfinx. De hoofdzaal op de eerste verdieping geeft groots uitzicht op de eindeloze ruimte rondom.

In dit hoofdgebouw en in enkele bijgebouwen, zoals een watertoren en een paardenstal waren optredens, er waren relaxruimten met dj’s, en kleinschalige exposities. Dat de eetkramen buiten stonden opgesteld, bleek iets te optimistisch voor de tijd van het jaar.

Muzikaal heeft Grasnapolsky geen duidelijke signatuur, al lag in het programma de nadruk op Nederlandse en Vlaamse bands, en een enkele Amerikaan. Deze tweede editie was nagenoeg uitverkocht, en trok zo’n 1500 mensen die overnachtten op een nabij bungalowpark waar ‘s nachts zwembadfeestjes gehouden werden. Het willige publiek liet zich makkelijk opporren – tot de niet zo flatteuze lintwormdans bij rapper Fresku, een woeste dans bij rockduo zZz, en een gestileerde chaos van opspringen en tekst scanderen bij beatboxer Maask.

Grasnapolsky is illustratief voor twee poptrends: ook de winter blijkt een geschikt seizoen voor meerdaagse popfestivals en de Nederlandse popmuziek verkeert in zo’n goede staat dat er – kort na Noorderslag – opnieuw een festival mee gevuld kan worden. Het was mooi geweest als de programmering zich op Nederlandse muziek had geconcentreerd.

Op de zaterdag triomfeerde Janne Schra bij de presentatie van haar nieuwe cd Ponzo. Ongedwongen, in fladderige poncho, voerde ze haar band aan in nieuwe nummers die hier extra funky werden gespeeld, zoals het nummer Carry On, met wilde vocale uithalen. In de begeleiding was er een mooie afwisseling tussen intiem en weelderig.

Het was verfrissend dat op Grasnapolsky allerlei genres aan bod kwamen: singer-songwriter, rap, elektronica. Jammer dat hiphop niet overtuigend werd vertegenwoordigd, door de Eindhovense Fresku, die de eigen onzekerheid tot thema van zijn zelfhulprap maakte, maar te weinig aandacht had voor flow en beats.

De opruiende samenspraak van Maask met zijn publiek trof meer doel. Het publiek begon vervreemd om zich heen te kijken na een aantal braaf uitgevoerde dialogen als „Ik zeg neo, jullie zeggen nazi” en „Ik zeg I, jullie S”.

Het indrukwekkendste nieuwe elektronicageluid kwam van het jonge Amsterdamse duo Cut_, bestaand uit Sebastiaan Dutilh en Belle Doron. Bij dit duo is niet alleen aandacht voor dansritmes maar ook voor klank en textuur, bleek uit de van klankkleur krioelende instrumentaties. Hij met grootse gebaren aan de knoppen draaiend, zij voluit in schallende zang – samen raak, in nummers als Honey and Pearls en hun Engelse versie van Stromae’s Papaoutai.

Elektronica-solist Falco Benz speelde in de grote zaal en kreeg deze soepel in vervoering. Benz had afgelopen jaar een dance-hit met het uitgekiende microdeuntje van zijn nummer Hat Tricks, dat hier het optreden eindigde. Zo sloot Grasnapolsky de zaterdag af met een dubbel hoogtepunt. In het hoofdgebouw bij Falco Benz, en in de paardenstal met zZz. Onder de lage zoldering speelden Björn Ottenheim en Daan Schinkel van zZz een voorproefje van hun binnenkort te verschijnen cd Juggernaut. Het titelnummer werd een tien minuten durende explosie van orgel, jungle-drums en een enkele noodkreet. zZz zijn meesters in het uitdiepen van hun beperkte mogelijkheden: Ottenheim ruig zingend achter het lage drumstel, en Schinkel gebogen over zijn klavieren. De set eindigde in meerdere opzichten als een rock-’n-rollparingsdans – tussen publiek en band, en muzikant en instrument.