Het liefst wil je zélf je raam runnen

Prostituees die hun eigen bordeel runnen: in Utrecht lukt het niet, in Amsterdam misschien wel. Wat is het verschil tussen de steden?

Op de Wallen gaat Amsterdam misschien zelf ramen huren voor prostituees. Foto Olivier Middendorp

Wat hebben de prostituees in Amsterdam dat die in Utrecht niet hebben? De gemeente Amsterdam maakte donderdag bekend desnoods zélf bordeelpanden te zullen verhuren aan corporaties van zelfstandige prostituees. Het doel is, zoals steeds, het bestrijden van misstanden in een legale, maar nog altijd niet normale branche.

Bijna anderhalf jaar geleden stond de gemeente Utrecht voor hetzelfde besluit. Toenmalig burgemeester Aleid Wolfsen had de Utrechtse bordeelboten aan het Zandpad gesloten na signalen van misbruik en mensenhandel. Als antwoord op de sluiting dienden de werkloze prostituees een voorstel in bij Wolfsen (PvdA): de gemeente moest de ramen opkopen en zelf gaan verhuren, vonden zij. De burgemeester wees het plan af. Een gemeente kan zich niet zo mengen in de prostitutiesector, zei hij. Wolfsen was niet tegen raamprostitutie, maar wel met een „schone exploitant”. Het Zandpad bleef dicht, ruim driehonderd prostituees kwamen op straat te staan. Plannen van de prostituees om voortaan als corporatie te werken, kwamen nooit van de grond.

Waarom kan het in Amsterdam wél?

De situatie in Utrecht was tamelijk eenduidig. De boten aan het Zandpad werden geëxploiteerd door één ondernemer die klaarblijkelijk werd verdacht van criminele of op zijn minst onwenselijke praktijken – de burgemeester beriep zich op een ‘bestuurlijke rapportage’ over de situatie, waarvan de inhoud nooit is geopenbaard.

In Amsterdam is de situatie complexer. De Wallen, het gebied waar de meeste raamprostitutie zich afspeelt, liggen al jaren onder het vergrootglas van bestuur, justitie en politie. In de jaren 90 constateerde een parlementaire enquêtecommissie dat dit deel van het centrum een wildwestwijk was, waar criminelen met zwart geld en geweld regeerden en waar de overheid geen zicht, laat staan greep op had.

Onder leiding van toenmalig wethouder en locoburgemeester Lodewijk Asscher (PvdA) is vanaf 2007 een grootscheeps plan ten uitvoer gebracht om de wijk terug te veroveren.

Prostitutie werd aangemerkt als een van de ‘economisch laagwaardige’ functies die in de wijk waren oververtegenwoordigd (net als coffeeshops, massagesalons, speelhallen en minisupermarktjes). De gemeente kocht samen met corporaties voor veel geld bordeelpanden van ‘foute’ eigenaren aan. Prostitutieramen en coffeeshops gingen dicht.

Maar ergens stokte de machine. Het geld om panden aan te kopen raakte op. De panden die waren aangekocht, bleken moeilijk rendabel te maken. Burgemeester Eberhard van der Laan (PvdA), na het vertrek van Asscher naar Den Haag verantwoordelijk voor het project, spant zich al jaren in om bonafide investeerders over te halen om hier te investeren. De presentatie van een omvattend plan hiervoor werd keer op keer uitgesteld.

In dat licht moet het besluit van afgelopen donderdag worden gezien. Amsterdam móét iets met die panden en wíl iets met de misstanden in de prostitutie. In het bericht dat het college van B en W naar buiten bracht worden die twee kwesties verknoopt. „De mogelijkheid van zo’n prostitutiebedrijf in zelfbeheer dient zich aan”, schreef het stadsbestuur, „doordat er vijf panden beschikbaar zijn waar een raamprostitutiebedrijf in kan worden gevestigd, én omdat de stichting HVO Querido (een maatschappelijke hulporganisatie) zich bereid heeft getoond om de sekswerkers te begeleiden bij het opzetten daarvan.”

De volgende stap in Amsterdam is een haalbaarheidsonderzoek, waarvan het college hoopt dat het voor de zomer tot conclusies leidt. Het blijft de vraag of het ditmaal wel lukt. Eerdere plannen voor ‘zelfbeheer’ zijn gestrand op organisatorisch onvermogen bij de betrokken ‘sekswerkers’. De gemeente is steeds op zoek naar betrouwbare en duurzame partners in de branche, maar heeft daarbij al een paar keer de neus gestoten.

Coalitiepartij VVD heeft meteen aan de rem getrokken. Fractievoorzitter Marja Ruigrok vindt het prima dat er een corporatie komt, maar het exploiteren van bordeelpanden is een zaak voor ondernemers, vindt zij, niet voor de gemeente.