Het goede Jezusgevoel, zonder religie

Iedereen zijn eigen Jezus. Dat is de goede boodschap van de nieuwe glossy Jezus!.

Genoeglijk. Dat is de nieuwe, op mat papier gedrukte glossy Jezus!. En goed gemaakt. Het is geen evangelisatievehikel. Dit is een hernieuwde kennismaking met een cultfiguur die de Westerse cultuur nu al tweeduizend jaar achtervolgt. Jezus is onschuldig, in de Jezus! is hij een vaag symbool van goedheid aan de einder, die neerdaalt in cultuur, mode en diepe gedachten. Verwacht hier vooral gevoel, geen historische of filosofische beschouwingen. Echt iets voor een zonnige zondagmiddag.

Niet-christen en eenmalig hoofdredacteur Arthur Japin schrijft mooi over de drie dagen die hij in de Israëlische woestijn doorbrengt, op zoek naar Jezus. Net op het moment dat het Israëlische leger er vlakbij oefeningen begint. Weg diepe stilte. „Midden in de nacht begreep ik het ineens: dit is de stem van God. Dit bulderen, dit dreunen. (...) God zegt me: dit is waar religie toe leidt. Uiteindelijk zal hier de laatste wereldoorlog beginnen.” Dit zijn waarschijnlijk de somberste woorden in het hele tijdschrift. Want daarna stapt de lezer binnen in een wereld vol beschaafde emotie en magisch bijgeloof, als bijvoorbeeld Tattoo Bob – wereldberoemd in Rotterdam – mag vertellen over zijn favoriete Jezustatoeages en zijn eigen belevenissen in de wereld van geloof. Want toen Bob in coma lag, zag hij Petrus met een zwarte kap, die hem wenkte. Gelukkig had zijn vrouw zich ‘suf gebeden’. „Sindsdien weet ik zeker dat wij als mens veel te klein zijn.”

En zo lezen we verder, met een vrij mallotige modereportage (Pontius Pilatus in Versace), een nuchtere beschouwing over Jezus als getrouwde man, een fotopagina vol Jezusverschijningen in marmitedekseltjes en geroosterd brood, een interview met een non, een pleidooi van Bram Bakker voor vergeving (‘Adem uit en stel je voor dat de pijn je verlaat’), een mooi stuk over Jezus in de popmuziek en ook een aantal historische blokjes (zoals: het jaar nul bestond niet, Jezus in de islam). En met een duidelijk piekje van vreugde aan het eind als je op de zoekplaat ‘Zoek Jezus’ Hem inderdaad vindt: niet in je hart, maar – spoiler alert! – in sandalen op het water.

In de teksten gaat het vaak over kwetsbaarheid, over traumatische jeugdervaringen met pesten, en over de troost die het idee Jezus kan geven. Maar alleen de geïnterviewde non praat nog echt met Hem. Als Arthur Japin op zijn woestijntocht Jezus had ontmoet zou hij hem niet hebben gesproken, schrijft hij, maar hem alleen hebben omarmd.

Iedereen zijn eigen Jezus. Dat is het onuitgesproken motto van dit mooie en vriendelijke blad. In de bijbehorende Jezus-enquête heeft ook het Nederlandse volk zich uitgesproken: Jezus is iemand als Nelson Mandela en de Dalai Lama, zeggen de meesten. Nogal onrealistische personages, luidt de nuchtere analyse door de Jezus-redactie. Veel mensen zien hem ook als een sprookjesfiguur. Kortom: Jezus, altijd goed.