De wereld van de eenpitters

Voormalig 50Plus-Kamerlid Norbert Klein (Klein) Foto’s Pierre Crom/ANP, Martijn Beekman/ANP, Bart Maat/ANP

Henk Krol is in z’n nopjes. De eenmansfractie van 50Plus in de Tweede Kamer heeft zojuist een overwinning geboekt. Geen voorpaginanieuws, maar voor zijn fractie van gróót belang, vertelt hij zijn vijf medewerkers bij het wekelijkse fractieberaad op dinsdagochtend.

Wat is er aan de hand? Er zijn deze week drie debatten waaraan Krol graag zou willen deelnemen: over pensioenen, over huisartsen, en over gemeenten en ouderenzorg. Die stonden allemaal tegelijk ingeroosterd. Kan Krol in z’n eentje natuurlijk nooit tegelijk bij aanwezig zijn. Dan beginnen Kamerleden van andere partijen – „uitermate kinderachtig” – meteen te twitteren: waar is Henk, de ouderenvriend?

Maar hij heeft overlegd met de Kamervoorzitter en met andere fracties en een klein wonder is geschied: de debatten zijn verplaatst. Krol straalt, zijn medewerkers roeren tevreden in hun koffie. „Dat hebben we als piepklein partijtje maar mooi voor elkaar gekregen.”

Welkom in de wondere wereld van de politieke splinters. De Tweede Kamer kent maar liefst zes één- of tweemansfracties, bijna allemaal het gevolg van afsplitsingen. Hun bestaan is niet eenvoudig. Je hebt weinig spreektijd, kunt niet naar alle debatten toe, medewerkers en financiële middelen zijn beperkt. Je stem is zelden doorslaggevend, niemand heeft je echt nodig. Oud-partijgenoten maken gemene grapjes achter je rug of oordelen dat je hier niet meer hoort te zijn.

En toch vinden alle minifracties dat ze een rol van betekenis spelen, zo blijkt uit gesprekken met ze. Ze krijgen relatief veel media-aandacht en vieren hun kleine successen. Bijna allemaal zijn ze een nieuwe partij begonnen en onverwoestbaar optimistisch over hun politieke toekomst.

Neem de tweemansclub van Tunahan Kuzu en Selçuk Öztürk. In november vorig jaar splitsten ze zich na een confrontatie over de integratiekoers af van de PvdA. Na een paar taaie maanden hebben ze inmiddels drie medewerkers, drie stagiairs en een eigen fractiekamer met een enorm interactief scherm op poten.

Volgende week lanceren Kuzu en Öztürk hun eigen politieke beweging, met een naam, een logo en een ‘hoofdlijnenprogramma’. Hun partij zal gekenmerkt worden door „een stukje politieke vernieuwing”, vertellen ze op hun fractiekamer. Ze willen de mening van de burger inbrengen in het parlement. Zo ontwikkelen ze een telefoonapplicatie. „Op die app vragen we bijvoorbeeld: wat willen jullie in het debat vragen aan Mark Rutte, of aan Geert Wilders?” vertelt Kuzu.

Kuzu staat op en scrollt over het reuzescherm. Op zijn Facebookpagina laat hij een stukje zien uit het recente Kamerdebat over ‘Parijs’ waarin hij Wilders interrumpeert. „Dit heeft bijna een miljoen mensen bereikt, en kijk eens naar al die positieve reacties! Ongelooflijk.”

Eigen zoon in dienst

Ook Norbert Klein is voor zichzelf begonnen. Na een lang politiek leven voor de VVD in de provincie en een kort bestaan in de Kamer voor 50Plus kreeg hij daar ruzie. Vooral aan Klein kleeft het verwijt dat hij alleen voor zijn salaris in de Kamer is blijven zitten. Zeker toen hij eind vorig jaar zijn eigen zoon in dienst nam. „Tijdelijk en parttime”, benadrukt hij.

Klein is niet alleen van plan zijn termijn uit te zitten, hij heeft ook een eigen beweging opgericht: de Vrijzinnige Partij. Aspirant-partijleden moeten door de ballotage. „We doen een soort screening, om te vermijden dat gelukszoekers op een congres hun mensen optrommelen en een beslissing forceren, zoals je bij 50Plus wel zag.” Tot nu toe doet Klein die gesprekken zelf, „het aantal is nog te overzien”: hij heeft nu zo’n dertig leden. Hij doet mee aan de Provinciale Statenverkiezingen in Gelderland, Utrecht en Zuid-Holland. Klein wil er zijn voor „onafhankelijke mensen”. „Ik vind bijvoorbeeld dat we eens serieus naar het basisinkomen moeten kijken.” Hij is overigens ook voor een kiesdrempel.

In de wandelgangen bestaat ergernis over de eenpitters. Ze willen bij elk debat of ordevoorstel hun zegje doen, klagen andere Kamerleden, en dat kost vreselijk veel tijd. De splinters waren vorige week zelfs onderwerp van gesprek in het presidium, het dagelijks bestuur van de Kamer: de VVD legde een plan op tafel om hun spreekduur in te korten. Andere partijen – waaronder coalitiepartner PvdA – verzetten zich, dus verandert er voorlopig niets.

BN’er als lijsttrekker

Een ander veelgehoord verwijt jegens de eenpitters: ze zijn er zonder een persoonlijk mandaat met hun zetel vandoor gegaan. Oud-PVV’er Louis Bontes relativeert die kritiek. „Er heeft geen enkele burger op [PvdA’er] Lodewijk Asscher gestemd en die is wel mooi vicepremier. Bovendien, wij mochten binnen de gesloten PVV helemaal geen persoonlijke campagne voeren, dus hoe hadden we voorkeurstemmen kunnen halen?”

Bontes had kritiek op Wilders en werd in oktober 2013 uit de fractie gezet. Na Wilders’ ‘minder Marokkanen’-oproep, sloot Joram van Klaveren zich bij hem aan. Samen begonnen zij Voor Nederland (VNL). Volgens het duo is er behoefte aan een échte conservatieve partij, rechts van de VVD. „Wilders beloofde dat, maar hij schoof langzaam op naar de SP.”

Geert Wilders is in de recente geschiedenis de enige afgesplitste die uitgroeide tot een machtsfactor van betekenis. Hoe denken deze splinterpolitici te slagen? „We hebben juist geleerd van de mensen die het niet gelukt is”, zegt Van Klaveren. „Waarschijnlijk komen we met een bekende Nederlander als lijsttrekker.” Wie die charismatische leider zal zijn, willen ze niet zeggen, maar Bontes en Van Klaveren concluderen dat ze zelf nu de bekendheid ontberen om genoeg stemmen te trekken.

De enige eenpitter die geen eigen partij gesticht heeft, is ex-PVV’er Roland van Vliet. Toen hij met Wilders brak na diens ‘minder Marokkanen’ bleef hij vooral in de Kamer omdat hij voorzitter was van de parlementaire enquêtecommissie naar de woningbouwcorporaties. Nu reist hij door het land om daarover presentaties te geven en viert kleine successen in de Kamer, zoals met een motie op fiscaal terrein.

Van Vliet, voor zijn politieke carrière een goedbetaalde belastingspecialist, weet niet of hij tot de volgende verkiezingen in de Kamer blijft. „Als ik ooit besluit eerder weg te gaan, krijgt de PVV mijn zetel terug, ik heb daar niet de minste moeite mee”, zegt Van Vliet. Hij heeft nooit een geheim gemaakt van zijn sympathie voor de VVD, maar een rechtstreekse overstap was voor de liberalen geen optie.

Alle andere eenpitters zitten in een merkwaardige spagaat. Ze zijn oppositie, dus tégen het kabinet. Maar een snelle val van Rutte II betekent waarschijnlijk óók het einde van hun Kamerlidmaatschap. Illustratief is een anekdote van PvdA-Kamerlid Mohammed Mohandis, die in de Kamer vlakbij Klein, Krol, Kuzu en Öztürk zit. „Tijdens de ‘Kerstcrisis’ over de vrije artsenkeuze vroegen ze hoe het was afgelopen. Ik grapte: ‘Het is helemaal mis, jongens. ’ Je zag dat ze zich rot schrokken.”

Geen van de eenpitters zegt zich Mohandis’ grapje te herinneren. Maar mocht het kabinet morgen vallen, dan zijn ze er klaar voor. Ze hebben draaiboeken klaarliggen, zeggen ze.

Norbert Klein hoopt nog op meer steun. Hij werkt op dit moment samen met Kees de Lange, senator voor de Onafhankelijke Senaatsfractie en ook ex-50Plusser. Maar die is geen lid van Kleins Vrijzinnige Partij. „Ik kijk even aan hoe het gaat. Ik zie eigenlijk niet waar het gat in de markt zit.”