Waarom (nog) niemand V&D te hulp wil schieten

die betrokken zijn bij V&D kunnen de kans dat het warenhuis overleeft, vergroten. Maar hun steun is kostbaar en er is geen garantie dat het goed komt.

Allemaal zitten ze met hetzelfde dilemma: helpen we V&D of niet?

De warenhuisketen vraagt alle betrokken partijen om hulp in zijn overlevingsstrijd: verhuurders, werknemers, banken, leveranciers en eigenaar Sun Capital. V&D is nu met alle partijen in onderhandeling over zijn voortbestaan.

Niemand heeft baat bij een faillissement, een scenario dat ineens realistisch is geworden na de aankondiging van het reddingsplan, tweeënhalve week geleden. V&D zou qua aantal werknemers (10.000) het grootste Nederlandse faillissement in decennia zijn.

Helpen vergroot de kans dat V&D overleeft. Tegelijk is het een risico. V&D (619 miljoen euro omzet, 42 miljoen euro verlies) vraagt kostbare steun, die geen garantie biedt dat het dan goed komt. Het bedrijf kan best alsnog omvallen. Bovendien willen partijen voor ze toegeven zeker weten dat de rest ook meedoet. Gevolg: niemand beweegt (nog).

Allemaal wegen belanghebbenden hun voors en tegens. Dit zijn hun dilemma’s.

1 Vastgoedeigenaren

V&D eist van de eigenaren van zijn winkelpanden een huurvrije periode én een structurele huurverlaging.

Als zij daarmee instemmen, verkleinen ze de kans op een faillissement en behouden ze V&D voor de langere termijn als huurder. Maar, zegt de grootste vastgoedeigenaar IEF Capital, V&D betaalt al niet al te best: (aan IEF) gemiddeld 136 euro per vierkante meter. Andere huurders zijn bereid meer te betalen, in ieder geval voor filialen in grote steden. Nog een nadeel: als de verhuurders instemmen met de eis van V&D, scheppen zij een precedent. Want als V&D minder mag betalen, kunnen bijvoorbeeld Hema en Bijenkorf dat ook eisen. Bovendien daalt de waarde van de panden. De rechter doet op 20 februari uitspraak over een mogelijke ontruiming van vier V&D-filialen.

2 Werknemers

De 5.000 werknemers van V&D (niet die van restaurantketen La Place) moeten 6 procent van hun loon inleveren. Door akkoord te gaan, zouden zij de kans op een faillissement verkleinen. Maar er zitten veel nadelen aan. Vaste lasten dalen immers niet mee. De gevraagde baangarantie in ruil voor het loonoffer krijgen de werknemers niet. Tegelijkertijd zou de loonkorting wel flinke gevolgen hebben voor hun werkloosheidsuitkering als het warenhuis failliet gaat, zegt bestuurder Martijn den Heijer van vakbond CNV. „De WW-uitkering is gebaseerd op het laatstverdiende loon.”

De vakbonden eisten van V&D dat de looneis vóór gisteren van tafel ging. Nu V&D heeft geweigerd, stappen de bonden naar de rechter. Dat kort geding dient op 16 februari.

3 Banken

V&D is ook in gesprek met banken ING, ABN Amro en Rabobank. Ook van hen wordt expliciet een offer gevraagd. Dat zou een versoepeling van de afspraken kunnen zijn of kwijtschelding van een deel van de schuld.

Hoeveel schuld V&D bij de banken heeft, is onbekend. Begin vorig jaar was dat nog 40 miljoen euro, blijkt uit het laatste jaarverslag. Dat is relatief weinig voor een groot bedrijf als V&D. Ter vergelijking: de veel kleinere lingerieketen Marlies Dekkers had een bankschuld van ruim 14 miljoen toen het in 2013 failliet ging. Het is goed mogelijk dat de schuld van V&D onder druk van de banken intussen verder omlaag is gebracht.

Maar het gaat nog steeds om miljoenen en die wil het bankentrio graag terug. Zij moeten afwegen welk scenario het minste risico met zich meebrengt. Schuld kwijtschelden kost geld. Maar als V&D omvalt, moeten ze nog maar afwachten of ze wat terugkrijgen en zo ja, hoeveel.

4 Leveranciers

Aan de leveranciers is officieel geen steun gevraagd. Maar wil V&D in zijn 63 winkels spullen blijven verkopen, dan moeten de leveranciers blijven leveren. Dat vergt vertrouwen.

Veel leveranciers krijgen pas zestig of negentig dagen na levering betaald. Als V&D omvalt, kunnen zij vermoedelijk naar hun geld fluiten – tenzij zij zich verzekerd hebben bij een kredietverzekeraar. Gisteren bleek dat CB (Centraal Boekhuis), de grootste boekendistributeur van Nederland, sinds 23 januari niet meer aan V&D levert. Reden: kredietverzekeraar Coface heeft zijn dekking stopgezet. Of kredietverzekeraar Atradius, marktleider in Nederland, hetzelfde heeft gedaan, wilde het bedrijf gisteren niet zeggen. „We houden de ontwikkelingen nauwlettend in de gaten”, zegt Edwin Kuhlman, hoofd van de afdeling die de kredietwaardigheid van bedrijven beoordeelt. Het bedrijf heeft „nauw contact” met de directie van V&D.

5 Eigenaar Sun Capital

Het Amerikaanse Sun Capital, sinds 2010 eigenaar van V&D, zou het bedrijf kunnen redden door er nieuw geld in te steken. De investeringsmaatschappij is bereid om 40 miljoen euro in V&D te steken, maar alleen als alle andere belanghebbenden ook meehelpen. Onder die voorwaarde, redeneert Sun, bestaat er een kans de investeringen terug te verdienen.

Sun kocht V&D voor 70 miljoen euro en stak er in 2013 nog 30 miljoen euro in, blijkt uit het jaarverslag. Als Sun V&D laat vallen, is het dat geld gegarandeerd kwijt. Maar nog een miljoeneninvestering is ook een risico.

Sun maakt zich dus afhankelijk van de rest. Mocht die collectieve hulp er niet komen, dan heeft Sun het bedrijf niet laten vallen – dat hebben ze dan met z’n allen gedaan.