Tumult om de toevalstumor

De boodschap dat domme pech de belangrijkste oorzaak is van kanker ging een eigen leven leiden. Hoe waar is het?

De wereld van kankeronderzoekers staat op zijn kop nadat het wetenschappelijk blad Science begin dit januari kwam met het nieuws dat tweederde van alle kanker een kwestie van pech is. De resultaten en conclusies van het onderzoek waren zo onduidelijk dat er vele interpretaties mogelijk waren. Dat zorgde wereldwijd tot verwarring alom.

Science publiceert vandaag wel zes uiterst scherpe reacties op de studie, die op 2 januari verscheen. De auteurs van het gewraakte artikel, kankeronderzoeker Bert Vogelstein en statisticus Cristian Tomasseti van de Johns Hopkins University in Baltimore, geven meteen weerwoord. Ze geven geen millimeter toe, maar gaan ook niet diep in op alle kritiekpunten.

Het opmerkelijk dat Science al binnen een maand na publicatie zoveel commentaar afdrukt. Dat geeft aan dat het tumult dezelfde orde van grootte heeft bereikt als de omstreden studie van NASA-biologen naar de zogeheten arseenbacterie, dat in december 2010 in Science verscheen. Dat onderzoek naar een bacterie die arseen in zijn DNA zou inbouwen, veroorzaakte een vergelijkbare rel. Toen verschenen een half jaar na dato acht kritische commentaren en een toelichting van de auteurs, maar het artikel werd niet teruggetrokken. Net als nu ging het om wetenschappers die (te) grote conclusies aan de uitkomsten van hun onderzoek verbonden.

In hun weerwoord slagen Vogelstein en Tomasetti er niet in om de belangrijkste misverstanden rond hun onderzoek uit de weg te ruimen. Ze benadrukken dat tweederde van de variatie in kanker in verschillende typen weefsels te verklaren is uit verschillen in stamceldelingen. Maar de interpretatie een journalist van Science aan hun onderzoek gaf („tweederde van alle kanker is te wijten aan pech”) laten zij handig in het midden liggen. Wel voeren zij aan dat schattingen van vermijdbare kanker - dus niet door toeval –in de VS uitkomt op 21 procent. „Niets in onze studie spreekt dat tegen”, schrijven ze gewiekst, terwijl ze zich dus niet uitspreken over de omstreden interpretatie dat tweederde van de kankers toeval zijn. .

Vernietigend commentaar krijgen de auteurs van het team van Christopher Wild. Hij is directeur van het internationale agentschap voor kankeronderzoek IARC in Lyon. Het aantal stamceldelingen is juist geen betrouwbare maat om het kankerrisico te voorspellen, schrijft Wild. Vanwege de grote onzekerheidsmarges kan het daadwerkelijk kankerrisico wel 30 keer hoger of 30 keer lager liggen dan de waarde waarop je op basis van het aantal stamceldelingen zou uitkomen! Daarmee valt de rol van toeval in het niet bij de grote invloed van omgeving en leefstijl op ontstaan van kanker.

Vogelstein en Tomasetti antwoorden daarop dat hun onderzoek alleen laat zien dat het verschil in stamceldelingen samenhangt met het verschil in kankerrisico tussen diverse weefsels en niet bedoeld is om de kans op een bepaalde tumor te voorspellen.

„Gevaarlijk misleidend”, noemt een internationaal team van kankerepidemiologen het artikel van Vogelstein en Tomasetti, omdat dit het belang van preventie in kanker bagatelliseert. Volgens de briefschrijvers staat de kans dat er iets misgaat bij de celdeling sterk onder invloed van de omgeving en is het dus niet terecht dit als een puur onvermijdelijk effect te zien. En statistische overspelen Vogelstein en Tomasetti hun hand door er klakkeloos vanuit te gaan dat het gevonden verband tussen stamceldelingen en tumorfrequentie een oorzakelijk is, vindt een Canadees team van Carolyn Gotay. De twee onderzoekers van Johns Hopkins gaan daar niet op in.

Veel wetenschappers hebben zich gestoord aan de niet erg wetenschappelijke term ‘bad luck’ in het artikel. Vogelstein en Tomasetti schrijven nu dat ze er doelbewust voor hebben gekozen het zo te formuleren, „met name omdat we ons bewust waren van de ongerechtvaardigde schuldgevoelens die veel patiënten en hun gezinnen hebben over kanker waaraan zij niets kunnen doen.” Een kind dat wordt getroffen door kanker is al erg genoeg; dat een ouder zich schuldig kan gaan voelen omdat hij of zij heeft gefaald in het vermijden van een bepaalde leefstijl of omgevingsinvloed, en daardoor de kanker heeft „veroorzaakt” is een regelrechte kwelling.