Iedereen is slecht behalve wij

Laura Starink reisde door Letland, Polen en andere Oost-Europese landen die in WO II een dubbele bezetting hebben doorgemaakt. Nieuwe tegenstellingen worden er versterkt door het verleden.

Oekraïners en Polen demonstreren voor de Russische ambassade inWarschau tegen de Russische bezetting van de Krim, maart 2014 Foto Wojtek Radwanski/AFP

Een schaduw valt over Oost-Europa. De huidige crisis in Oekraïne maakt niet alleen veel onschuldige slachtoffers in de regio en zet de verhouding tussen Rusland en Europa op scherp, maar beneemt daardoor ook een helder en eerlijk zicht op de gedeelde geschiedenis van grote verschrikkingen gedurende de twintigste eeuw. In de fog of war gaat de waarheid verloren, zo blijkt uit het jongste boek van slavist en journalist Laura Starink die al meer dan dertig jaar de ontwikkelingen in dit gebied nauwgezet volgt.

Haar boek is een curieuze maar ook zeer leesbare combinatie van reisimpressies, vraaggesprekken, historische beschouwingen en correspondentenjournalistiek. Het verhaal volgt twee thematische lijnen. Het oorspronkelijke idee was om na te gaan of in Oost-Europa na de val van het communisme met een frisse en onbevangen blik kon worden gekeken naar het eigen beladen oorlogsverleden. Maar dit onderzoek naar Geschichtsbewältigung werd ingehaald door de actualiteit toen afgelopen jaar het politieke geweld losbarstte in Oekraïne. Starink laat met vele voorbeelden zien hoe beide processen op een kwaadaardige manier met elkaar zijn verweven. Spoken uit het verleden vergiftigen nog altijd de relaties in het heden, en nieuwe tegenstellingen worden versterkt door tendentieuze verwijzingen naar het verleden.

Dit boek laat zich lezen als een actualisering van het concept Bloedlanden van de Amerikaanse historicus Timothy Snyder. Want Laura Starink gaat op reis in precies die landen die gelegen zijn tussen de voormalige rijken van Hitler en Stalin. Gebieden in Oost-Europa die tussen 1939 en 1945 een dubbele bezetting hebben doorgemaakt, die zwaar getroffen werden door onderdrukking, deportaties en massamoord, en die gemangeld zijn tussen de twee ideologische kwaden van het nazisme en het stalinisme. Wie zich verzette tegen de een, werd beschuldigd van collaboratie met de ander, of andersom. Elke keuze kon een fatale keuze zijn die schuld en schaamte met zich meebracht. Welke sporen hebben deze traumatische ervaringen achtergelaten in hedendaags Letland, Oost-Polen, Russisch Kaliningrad en Oost-Oekraïne?

Onheilsplaatsen

In een vierluik langs deze onheilsplaatsen leidt het onderzoek van Starink naar de verschillende opvattingen van een keur van mensen uit de vele bevolkingsgroepen die hier samenleven zoals Letten, joden, Polen, Tataren, Oekraïners en ‘grote broer’ de Rus. Van hen komen historici en veteranen, politici en priesters, dichters en soldaten, en anderen aan het woord. Wat zij te zeggen hebben, stemt niet gerust. Laura Starink maakt er geen geheim van hoe zij een paar jaar eerder deze zoektocht was begonnen in een hoopvolle verwachting die gaandeweg plaatsmaakte voor ‘gemengde gevoelens’ en ten slotte uitmondde in een ‘tomeloze tristesse’.

In Letland houdt de inheemse bevolking openlijk de veteranen en gevallenen van de Letse SS-legioenen in ere als nationale vrijheidsstrijders, terwijl de Russische minderheid deze mensen juist bestempelt als heulers met Hitler. De Russen zien zichzelf als nazaten van de bevrijders van het nazi-juk, maar worden door de Letten sinds 1991 consequent aangemerkt als de voormalige bezetters. Ondanks pogingen van een kleine historische elite om waardenvrij onderzoek te doen, is het vak geschiedenis hier nog steeds een ‘politiek mijnenveld’. De recente crisis maakt dat beide zijden ‘verkrampt reageren’ en van elkaar vervreemden, getuige de provocaties rondom herdenkingsoptochten en oorlogsgraven.

In Polen schuilt de pijn op een andere plaats. Starink reist af naar een onooglijk dorpje Jedwabne aan de grens met Wit-Rusland waarover in 2001 bekend werd hoe hier in 1941, toen de Russen zich terugtrokken en de Duitsers op het punt stonden het gebied in te nemen, de lokale Poolse boeren eigenhandig de joden in de omgeving te grazen namen, hen bijeen dreven in een schuur die zij vervolgens in brand staken. Hoe nu om te gaan met deze zwarte bladzijde uit de eigen geschiedenis? Het taboe op het antisemitisme in Polen is weliswaar doorbroken maar de heftige discussie erover heeft de natie verdeeld. ‘Je hebt twee Polens’, zegt rabbi Schudrich, ‘het Polen van de hoop en het Polen van de wanhoop. Er is een deel dat het multiculturalisme altijd heeft beschouwd als een verrijking van de cultuur. Maar er is ook die oude traditie van xenofobie: iedereen is slecht behalve wij. Bij de onthulling van het gedenkteken in Jedwabne heeft de president Kwasniewski de schuld erkend voor misdaden begaan door Polen, maar bij deze gelegenheid ontbrak de Katholieke Kerk die blijft volharden in wegkijken.

Hartland

Kaliningrad is geen Russisch hartland maar een Russische enclave in Europa, omsloten door Polen en Litouwen. Deze van oorsprong Oost-Pruisische stad Königsberg werd in de oorlog door de Sovjets op de Duitsers buitgemaakt. Gebouwen werden verwoest, de bevolking werd verdreven en een nieuwe modelstad zou verrijzen. De huidige importbevolking is trots op de aparte westerse positie van deze stad maar worstelt ook met de eigen identiteit en geschiedenis. ‘Inmiddels is zo langzamerhand elke Duitse baksteen die bewaard is gebleven liefdevol afgestoft en bestudeerd’. De nostalgie naar het Duitse verleden uit zich in een ware ‘schatgraversrage’. Maar over de komst van het Rode Leger in 1945 en de Russische wandaden zoals plundering, verkrachting, moord en het laten verhongeren van de Duitse bevolking, spreekt en leest men liever niet.

In Oekraïne neemt de hedendaagse oorlog het over van het verleden. In het conflict tussen Oost en West heeft Poetin historische mythes direct ingezet als propagandawapen. In Kiev zitten nu de ‘fascisten’ met steun van ‘buitenlandse agressors’ (de VS en bondgenoten) en ultrarechtse terroristen, ‘banderovtsy’ (genoemd naar het beruchte opstandelingenleger van Stepan Bandera dat met de nazi’s collaboreerde). ‘Een barricade heeft maar twee kanten,’ verzucht kunstenaar Weisberg. Dus hoe harder Moskou de Oekraïners uitscheldt voor banderovtsy, hoe populairder deze bedenkelijke held in Oekraïne wordt.

Al het oud zeer dat Laura Starink in haar boek zo zorgvuldig heeft verzameld, alsook de recente polarisering daarvan, is dat nu allemaal te wijten aan die ‘grote broer’ in Moskou? De suggestie wordt gewekt en dat is misschien jammer gezien de rijke variatie in het geboden materiaal. Maar zij geeft wel mooi uitdrukking aan onze wanhoop over Rusland: ‘We worden het niet eens’.