Kuren in een holle steen

Bernard Hulsman bespreekt

architectuurontwerpen die op

elkaar lijken. Vandaag: hotels in de vorm van een amethist.

Links: Amethist. Rechts: Ontwerptekening van hetAmethyst Hotel, met kamers achter violet glas rondom een leegte. Beeld: NL architects

Het is vreemd gesteld met imitatie in de architectuur. Hoewel de meeste gebouwen variaties op andere ontwerpen zijn, staat imitatie in laag aanzien. Een architect die het werk van collega’s een beetje te nauwgezet imiteert loopt zelfs het risico op een rechtszaak wegens plagiaat.

Maar imitatie van dingen die buiten de architectuur staan, is geen enkel probleem, merkte de Canadese architectuurhistoricus Witold Rybczynski eens op in een essay over plagiaat in de architectuur. Inspiratie zoeken bij je tijdgenoten of in het verleden is verboden, stelde hij vast, want de hedendaagse architect wordt geacht hoogst origineel te zijn. „Maar het is oké om inspiratie te vinden in bijvoorbeeld de scherven van een gebroken koffiepot zoals Daniel Libeskind zegt te hebben gedaan.”

Het ontwerp van NL Architects voor het Amethyst Hotel in Zuid-China valt beslist in de categorie ‘imitatie die oké is’. Want NL Architects heeft het Amethyst Hotel de vorm gegeven van een opengebroken amethist, de holle steen uit de kwartsgroep met een binnenkant van violette kristallen. Het gebouw is ontworpen voor een keten luxehotels en moet op een kunstmatig eiland met de naam Oceaanbloem komen. Bedoeling is dat het Amethyst Hotel het eerste wordt van een reeks steeds iets andere reuzenamethisten.

Op architectuur- en vormgevingssite Dezeen leggen Kamiel Klaasse and Pieter Bannenberg van NL architects uit dat ze hun ontwerp hebben gebaseerd op de „verleidelijke edelsteen” wegens de „helende werking die er wereldwijd aan wordt toegeschreven.” Een steenvormig hotel dat gasten gezond maakt – het klinkt als een grap. Maar in het artikel over hun ontwerp lijken de architecten uiterst serieus. Ze laten weten dat het Amethyst Hotel, met zijn kamers achter violet glas rondom een leegte, ook verwant is met de beroemde atriumhotels van de Amerikaanse architect/ontwikkelaar John Portman.

Toch noemen NL Architects hun hotel een „lichtelijk krankzinnig project”. Blijkbaar voelen ze zich er toch een beetje ongemakkelijk bij. Over de reden hiervan zeggen ze verder niets. Maar het is niet moeilijk te raden waarom: het Amethyst Hotel is eerst en vooral een onvervalst staaltje postmoderne Las Vegas-architectuur, in omgekeerde vorm dan. Want terwijl veel hotelcasino’s in de gokmetropool verkleinde imitaties zijn van hun namen – Hotel New York New York is een klein Manhattan, Venice een miniatuur-Venetië – is het Amethyst Hotel juist een immense vergroting van een amethist.

Op zichzelf is dit natuurlijk geen bezwaar. Maar in serieuze architectuurkringen staat Las Vegas bekend als de hoofdstad van de banaliteit, een stad waar het casinokapitalisme heeft geleid tot de wanstaltigste architectuur ter wereld. En met postmoderne fratsen wil een serieus, ‘conceptueel’ architectenbureau als NL Architects uiteraard niet worden geassocieerd.