Rij

Ik sta met een volle kar boodschappen in de rij. Er staat een man achter me met een pak melk en een fles shampoo. „Wil je voor?”, vraag ik.

„Oh, ja, graag, dankuwel meneer”, zegt hij iets te keurig.

De vrouw van een jaar of vijfenvijftig achter de man kijkt me hoopvol aan.

„Mag ik ook voor? Ik was de koffie vergeten en die heb ik nu. Zo vervelend he?” Ik twijfel even want dat ze koffie vergeten is, vind ik geen reden om voor te gaan. „Vooruit dan maar!”

„Dankuwel!”

De jongen daarachter. „En ik?”, vraagt hij hoopvol. „Nee, jij niet.”

„Stom!”, zegt hij en kijkt me beledigd aan.