Rugbysters staan voor zware route naar Olympische Spelen

Het Nederlands vrouwenteam heeft alle investeringen en ambities ten spijt een troebel zicht op de Spelen in Rio.

Wat een verschil met exact vier jaar geleden. Waar destijds een groep sevens-rugbysters, barstend van ambitie, aankondigde een medaille op de Olympische Spelen te willen winnen, werd gisteren het zware profiel van de laatste etappe naar Rio geschetst. De namen van vier jaar terug zijn veranderd, maar de aspiraties zijn gebleven. Alleen, Rio raakt steeds verder uit het zicht.

Het begon zo mooi: de sevens-rugbysters speelden de world series, kregen een stipendium en van NOC*NSF ruim 300.000 euro per jaar om fulltime te kunnen trainen. Aan faciliteiten geen gebrek. Er was echter één probleem: de speelsters maakten onvoldoende vorderingen; zij werden internationaal voorbijgestreefd door lager gerangschikte landen.

Het dieptepunt volgde vorig jaar, toen Nederland uit de world series kukelde, dit jaar het benodigde podium van olympisch niveau mist en opeens via een moeilijke, alternatieve route over anderhalf jaar in Rio moet zien te komen. En ook nog eens met vermindering van kwaliteit, want nadat vorig jaar sterspeelster Kelly van Harskamp vanwege motivatieproblemen afhaakte, volgde enige weken geleden het adieu van aanvoerster Linda Franssen, al had haar afscheid voornamelijk met een schouderblessure te maken.

De sterk gewijzigde selectie is weliswaar jong en talentvol, maar zal moeite hebben zich voor ‘Rio’ te plaatsen. De weg via een topvierplaats in de world series is afgesneden. Resteert het EK, waarvan de kampioen, en eventueel de nummer twee, zich kwalificeert. Laatste olympische strohalm is het olympisch kwalificatietoernooi een maand voor de Spelen,waar zestien landen om één ticket strijden.

De ironie wil dat uitgerekend het world-seriestoernooi in Amsterdam – waarvoor Nederland een wild card kreeg – onzeker is geworden. De begroting van zo’n twee ton heeft een gat van 50.000 euro, dat voor vrijdag aanstaande gedicht moet worden.