‘Overdreven’ verscherping van controle op wapenvergunning

Er komt een uitgebreide psychische screening voor mensen met een wapenvergunning.

Herdenking van de schietpartij in winkelcentrum De Ridderhof, een jaar nadien. Tristan van der Vlis schoot in 2011 zes mensen en zichzelf dood. Foto Robin Utrecht/ANP

Tristan van der V. kreeg een wapenvergunning én verlenging daarvan, ondanks eerdere incidenten met luchtbuksen en een opname in een psychiatrische kliniek. Bart van U., de vermoedelijke moordenaar van Els Borst en zijn zus, moest daarentegen zijn wapenvergunning inleveren. Het heeft hem niet weerhouden van zijn daden, maar roept wel de vraag op: hoe bont moet je het maken voordat je een wapenvergunning wordt geweigerd, of je vergunning wordt ingetrokken?

De ervaring van sportschutters is dat er maar weinig nodig is om hun wapen of vergunning – tijdelijk – kwijt te raken. „We zeggen wel eens gekscherend dat we zelfs onze schouders moeten ophalen als we een dreun krijgen in de kroeg”, zegt Pim de Waard, vicevoorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Wapenhandel (NVW). „Wie in scheiding ligt, heeft al een probleem. Als de sleutels van de wapenkluis op de keukentafel liggen bij een thuiscontrole, kun je alles inleveren. Als ook maar één serienummer niet klopt, ook. En terecht, het is geen plakje cake.”

Dat lijkt niet op het beeld dat de advocaat van de politie opriep bij de behandeling van de zaak van de slachtoffers van Tristan van der V. Zij schetste de praktijk zoals die gold toen Van der V. zijn vergunning had, dus voor 2011. Een vergunning moet worden geweigerd als er reden is om aan te nemen dat iemand er misbruik van zal maken, bijvoorbeeld omdat hij verkeert in criminele kringen of psychisch instabiel is. Maar om dat te kunnen nagaan, keek de politie in de praktijk alleen naar de gegevens die al bij haar voorhanden waren. Als de politie een vergunning weigerde of introk op grond van vrees voor misbruik, was dat in 70 tot 80 procent van de gevallen omdat iemand al strafbare feiten had gepleegd. Verder werd 10 procent de vergunning onthouden omdat bij controle bleek dat wapens en munitie niet goed waren weggeborgen, en 10 tot 20 procent vanwege onbetrouwbare huisgenoten of verkeren in criminele kringen. Slechts heel incidenteel was de psychische gesteldheid van een aanvrager reden voor vrees tot misbruik.

Rechters geloven ook niet zomaar dat iemand zijn wapen zou kunnen misbruiken. In een uitspraak van 2012 vond een rechter onvoldoende grond voor intrekking van de wapenvergunning van een man die bij de politie bekend was voor alcoholmisbruik en bedreiging van zijn ex-vrouw, terwijl hij ook onder behandeling van een psycholoog was en antidepressiva slikte. Een andere uitspraak, uit 2014, ging over een vader die zijn zoon herhaaldelijk met de dood had bedreigd in het bijzijn van getuigen, en één keer zelfs het pistool tegen diens hoofd had gezet. De rechter wees de intrekking van de vergunning af omdat er onvoldoende onderzoek naar de bedreigingen was gedaan.

Na de schietpartij in Alphen aan den Rijn zijn de regels voor verlofverlening al iets aangescherpt, en de bestanden opnieuw nagelopen op risico’s. Ook is er een wet in de maak met nog strengere voorwaarden. Nu al moet de aanvrager een formulier invullen waarin expliciet wordt gevraagd naar de geestelijke gesteldheid en gedwongen opnames. En om te verzekeren dat alleen sportschutters een vergunning krijgen, moeten vergunninghouders aantonen de sport echt te beoefenen.

Het wetsvoorstel, dat nu voor advies bij de Raad van State ligt, zal onder meer een uitgebreidere psychische screening voorschrijven en de opgave van referenten, voor nieuwe aanvragen én voor verlengingen. Ook zal de politie altijd een melding krijgen als mensen gedwongen zijn opgenomen.

Pim de Waard, van de NVW, denkt dat de aangescherpte regels voor sportschutters van na ‘Alphen’ hun doel voorbijschieten. Hij wijst op het verplicht deelnemen aan competitie. Op het verbieden van bepaalde kalibers. En op het verplichte C5-formulier – het ‘gekkenbriefje’ – met enkele zelf in te vullen vragen over onder meer depressie, trauma’s en criminele banden. Hij ziet meer in de uitgebreide screening van het wetsvoorstel.

Het zijn „overdreven” maatregelen voor recreanten zonder kwaad in de zin, vindt De Waard. „Ik blijf het raar vinden dat men de sportschutters blijft aanpakken, terwijl het niet bij de wapenbezitters is misgegaan, maar bij politie en overheid.” De meeste sportschutters en jagers zijn juist voor een betere handhaving dan nu, zegt hij.

„Nu is voor deelname aan schietsport alleen een verklaring omtrent gedrag nodig. Pas voor aanschaf van een wapen krijg je te maken met screening van de politie. Wij zouden graag zien dat mensen al bij deelname aan de schietsport helemaal worden doorgelicht, dus inclusief huisbezoek.”