‘Ontruimen V&D’s leidt tot surseance’

V&D weigert voorlopig huur te betalen. Het vastgoedbedrijf dat 12 van de 63 panden bezit, wil er nu vier laten ontruimen.

In het Brabantse Uden staat voor eind deze maand de opening van een nieuw V&D-filiaal gepland. Maar tegelijkertijd vecht de warenhuisketen voor zijn voortbestaan. Foto Lex van Lieshout/ANP

Een dictaat? Welnee, zo moest de brief helemáál niet worden opgevat. Twee weken geleden plofte het betreffende epistel bij de eigenaren van de winkelpanden van warenhuisketen V&D op de mat.

Afzender: de directie van V&D. De strekking: beste vastgoedeigenaar, het gaat extreem slecht met V&D en daarom betalen we u van februari tot en met mei geen huur. En na die vier maanden moet de huur structureel omlaag. We komen deze week even bij u langs om ons besluit toe te lichten.

De eigenaren van de 63 V&D-vestigingen waren woest. Waarom moesten zíj opdraaien voor de malaise bij V&D? Er volgden onderhandelingen. Maar die leidden niet tot handtekeningen van de vastgoedbazen.

Sterker nog, de grootste vastgoedeigenaar, IEF Capital, met twaalf V&D-panden, spande een kort geding aan. Dat diende gisteren voor de rechtbank in Amsterdam. Als V&D geen huur wil betalen, betoogde IEF, moeten de winkelpanden snel worden ontruimd. Dan kunnen er andere huurders in, en blijft de schade voor de vastgoedeigenaar binnen de perken. Het kort geding ging over vier filialen: die in Amsterdam (Kalverstraat), Den Haag, Utrecht en Maastricht.

Gisterochtend, op de dag van het kort geding, bleek V&D plotseling tóch de huur van deze vier winkels te hebben overgemaakt. Althans, een deel. De huur van de Kalverstraat was volledig voldaan, die van de andere drie voor de helft.

Op de zitting bleek al snel wat daarachter stak. De raadsman van V&D, Jan Willem de Groot van advocatenkantoor Houthoff Buruma, gooide het over de procedurele boeg. Volgens hem is de Amsterdamse rechter alleen bevoegd om te oordelen over ontruiming van het Amsterdamse filiaal. Ontruiming van de andere filialen zou door rechtbanken in die regio’s moeten worden beoordeeld, zei hij.

En tja, vroeg De Groot vervolgens retorisch, als het alleen over het filiaal in Amsterdam gaat: wat is daar nu helemaal aan de hand? V&D heeft de huur immers betaald. Weliswaar 48 uur te laat, „maar dat is toch geen reden om een huurder er na 21 jaar uit te vegen?” Voor IEF Capital was de betaling geen reden voor een mildere opstelling. „Dit is een selectieve, strategisch gekozen betaling in een poging ontruiming te voorkomen”, aldus raadsman Jesse Zijlma, van advocatenkantoor BarentsKrans.

Uit de brief van twee weken terug blijkt volgens hem dat V&D niet van plan is de komende maanden huur te betalen. De advocaat van V&D betwist dat de brief op die manier kan worden geïnterpreteerd. De Groot: „Het was een vóórstel, geen dictaat.”

Beschuldigingen dat IEF Capital uit zou zijn op een faillissement, wees Zijlma van de hand. Volgens hem heeft de verhuurder juist „constructief meegedacht” en was IEF Capital bereid V&D tegemoet te komen. De verhuurder wilde instemmen met een huurvrije periode van vier maanden en een huurverlaging van 30 procent daarna, als het concern 20.000 van de 160.000 vierkante meter inlevert. Zijlma: „Als V&D de huurlasten wil beperken, moet het minder ruimte huren.” V&D wees het voorstel af.

De V&D-raadsman beklemtoonde gisteren herhaaldelijk de „maatschappelijke rol” van het warenhuis. Bij een faillissement zouden 10.500 werknemers hun baan kwijtraken. Ook 1.900 leveranciers zouden de dupe zijn. En alle winkeliers die hun winkel opzettelijk in de buurt van een V&D hebben gevestigd vanwege de aantrekkingskracht van het warenhuis. De Groot: „IEF maakt dat helemaal niets uit.”

Volgens V&D zou ontruiming van de vier winkels leiden tot uitstel van betaling en de kans op een faillissement vergroten. Als de vier winkels sluiten, zei De Groot, verliezen 606 werknemers hun baan. „En V&D kan hun afvloeiingsregelingen nimmer betalen.”

De rechter doet vrijdag uitspraak.