De pijn van de werkloosheid: ruim 11 miljard

Ondanks economisch herstel, kampt het UWV met een historisch tekort. De WW moet anders gefinancierd worden.

Voor het eerst in jaren zullen in 2015 het aantal banen stijgen en het aantal werkloosheidsuitkeringen dalen, maakte het UWV gisteren bekend. Tegelijkertijd zal het tekort bij de uitkeringsinstantie dit jaar met een kwart oplopen tot 11,3 miljard euro – bijna evenveel als de hoogste boete die BP kan krijgen voor de olieramp in de Golf van Mexico in 2010.

Hoe kan dat?

Eerst het goede nieuws. De economische groei versnelt dit jaar tot 1,5 procent van het bruto binnenlands product (bbp), denkt het Centraal Planbureau. Het UWV verwacht dat er dit jaar 31.000 nieuwe banen (0,4 procent) bijkomen voor werknemers plus nog eens 31.000 banen voor zelfstandigen met en zonder personeel. Omdat daarbij meer mensen van baan wisselen en mensen met pensioen gaan, stijgt het aantal vacatures met 13 procent tot bijna 800.000.

Er zullen minder ontslagen zijn en voor het eerst sinds 2011 zal het aantal WW-uitkeringen weer iets dalen. Het UWV verwacht een bescheiden afname van 10.000 uitkeringen tot in totaal 430.000 eind dit jaar. Vorige zomer waren de ramingen nog wat somberder, dus sprak de uitkeringsinstantie gisteren verheugd van een „financiële meevaller” van 479 miljoen euro op de uitkeringslasten.

Maar ondanks die meevaller van bijna een half miljard euro heeft het UWV eind dit jaar een historisch tekort van ruim 11 miljard euro. Het ligt niet aan het UWV zelf. De kosten om de organisatie draaiende te houden, zijn stabiel: bijna 7 procent van de totale lasten (1,9 miljard euro).

Nee, de reden is dat er niet genoeg geld in het Algemeen Werkloosheidsfonds wordt gestort, zegt het UWV. In 2009 stond dit fonds nog 10 miljard euro in de plus, maar datzelfde jaar besloot het kabinet Balkenende-IV om de werknemerspremie voor de WW af te schaffen om de koopkracht te stimuleren. Nu betalen dus alleen werkgevers voor deze uitkeringen. De hoogte van de premie (2,07 procent van het brutoloon) stelt de minister van Sociale Zaken vast. Het astronomische tekort is dus ook een politieke keuze. Het kabinet wil werkgevers niet meer belasten, want dat zou weer ten koste van banen kunnen gaan.

Vooral door de hoge werkloosheid (640.000 mensen) is het tekort sinds 2013 bijna verdubbeld van ruim 6 naar ruim 11 miljard euro. Wat meeweegt, is dat veel werklozen 55-plus zijn (30 procent) en een relatief hoge uitkering hebben. Hun aandeel neemt toe, terwijl dat van jongeren afneemt.

Is het tekort erg? Ja en nee. Het is een boekhoudkundig tekort. De staat springt ieder jaar bij zodat de uitkeringen gewoon worden doorbetaald. De pijn zit bij de belastingbetaler, die de rekening voor de werkloosheid betaalt. Het UWV moet bij een negatief saldo wel rente betalen aan het ministerie van Financiën. Verder telt het tekort van het UWV mee in het begrotingstekort van de overheid, wat van de Europese Unie niet hoger mag zijn dan 3 procent van het bbp.

Zijn er oplossingen? Als de economie aantrekt en de werkloosheid verder daalt, zal het tekort vanzelf slinken. En er komt meer geld aan: vanaf 2016 moeten ook werknemers weer geleidelijk WW-premie gaan betalen, hebben vakbonden en werkgevers afgesproken in het sociaal akkoord. Het kabinet heeft de Sociaal Economische Raad gevraagd om advies over een „fiftyfiftyverdeling” met werkgevers, dat binnen afzienbare tijd wordt verwacht. Verder wordt de maximale WW-duur vanaf 2016 in stapjes verkort van drie naar twee jaar. Dat is jammer voor de werklozen, maar goed voor de werklozenpot.