Belgische en Nederlander winnen Turing Gedichtenwedstrijd

Voor het eerst zijn twee dichters bekroond tot winnaar van de Turing Gedichtenwedstrijd, het grootste poëzieconcours in het Nederlandse taalgebied. 

Dat is woensdagavond bekendgemaakt in de Amsterdamse Stadsschouwburg.

Het gaat om de gedichten Witlof van Ruth Lasters uit Antwerpen en De zotte Charlotte van Laurens Hoevenaren uit Brummen.

De dichters delen de hoofdprijs van € 10.000 en ontvangen ieder een bedrag van € 5.000.

Volgens de jury deden de winnaars

“in kwaliteit niet voor elkaar onder. Waar de ene een messcherp beeld van een historisch drama schetst, toont de ander een kraakhelder onderzoek naar het ontstaan van taal. Omdat zij twee genres in de poëzie voorbeeldig vertegenwoordigen, eindigen de gedichten ex aequo op dezelfde plaats.”

Lees hieronder de winnende gedichten van Lasters en Hoevenaren:


Witlof

De afzonderlijke oerknallen van
dingen, het (ontstaans)eureka van sorbet, papier, de slede,
radio-

golven, de dasknoop, het elektron, poedersuiker. Was het
in stolpen maar ergens bewaard. Grote glazen reservoirs

waaronder men dan bij verwonderingverlies, bij bovenmatig
balen

inhaleren kon het prilste, prettigste begrippen-

begin, ontdekkingsenthousiasme.
Dan in zo’n stolp met jou te staan, diep in te ademen de kick

van de vondst van wat wij daarna dan verzoend en
-strengeld

weken aten: rauwe, bleke losgewoelde ledematen van

de aarde.

De zotte Charlotte

Op kousenvoeten sluip ik naar het dagverblijf
– ook ’s nachts blijf ik gekleed als dame –
en zie het licht achter de tralieramen
dat alle zinsbegoocheling verdrijft.

Ik tel de dagen, schrijf ze in mijn waaier
met tekenen die niemand lezen kan of zal.
Mijn geest wordt alle dagen taaier
al voeren ze me gif en slachtafval.

Het enige bezoek is van mijn gouvernante.
Ik vraag haar steeds een jurk met diep decolleté;
ze brengt alleen borduurwerk voor me mee
en nooit een groet van oom en tante.

En als ik bij het weggaan vraag:
‘Was het een jongen of een meisje, leeft het nog?’
dan mompelt ze plots heel erg vaag
en zegt alleen: ‘Ach kindje toch.’