TV, internet op zwart: dan rest alleen de radio

Het Journaal op zwart toont onze kwetsbaarheid. De autoriteiten zien niet in dat soms alleen de radio nog werkt, vindt Henri Beunders.

De dag na het incident op het Mediapark zei premier Rutte: „Het NOS Journaal is de tank van de televisie (..) als die niet uitzendt, dan is dat een zaak van groot nationaal belang”. Een merkwaardige vergelijking. Nederland heeft namelijk helemaal geen tanks meer, zoals velen na de ramp met de MH17 pas ontdekten. En toen donderdag het Journaal meer dan een uur op zwart stond, bleek dat het ook aan de informatievoorziening in noodgevallen ontbreekt.

Wat zou er zijn gebeurd als Tarik Z. de waarheid had gesproken: „Er zijn nog vijf plus 98 hackers die klaar zijn voor een cyberaanval”? Of als er een dijk is doorgebroken. Dan liggen internet, de kabel en de stroomvoorziening eruit. Wat dan? Het Journaal blijft met twee miljoen kijkers in alle lagen van de bevolking een van de meest bekeken tv-uitzendingen. Het punt is: televisie speelt in de rampenplannen slechts ‘een ondersteunende rol’, net als internet.

De ruggengraat van de crisisbeheersing bestaat uit radio: Radio 1 en regiozenders. De bevoegdheid om zendtijd te vorderen of ‘rampenzenders’ in te schakelen voor officiële mededelingen en instructies ligt bij de premier. Hij kan dit delegeren aan lagere overheden. Maar dat heeft Rutte in dit ‘zwarte uur’ niet gedaan.

Volgens het convenant tussen rijksoverheid en regiozenders wordt van hen onder andere verwacht ‘dat berichten (en geruchten) voordat zij worden uitgezonden worden geverifieerd’, bij de burgemeester of voorzitter van de Veiligheidsregio of de Commissaris van de Koning ‘als de inhoud niet overeenkomst of zelfs strijdig is met een mededeling van het bevoegde gezag’. Nu kwam er uit Den Haag geen mededeling of instructie, al zaten Rutte, minister Opstelten en nationaal coördinator terreurbestrijding Joustra wel snel bij elkaar.

Niettemin, Volkskrantjournalist Bert Wagendorp beschreef zaterdag hoe hij in de auto luisterde naar Radio 1. Daar presenteerde huisarts en oud-Kamerlid Rob Oudkerk een programma. „Speculaties en associaties, dat is wat Rob Oudkerk van Radio Noordeloos had te bieden. Hij had geen nieuws en daarom begon hij maar vast te duiden en opinievormen”, aldus Wagendorp. Door Tarik Z. brak er een tsunami aan geruchten en complottheorieën uit. Radio 1 was op dat moment de facto de rampenzender en had dus de taak dit tegen te gaan, maar de laatste die dit besefte was wel de voormalige politicus.

Dit tekent de rommeligheid en onkunde inzake de communicatie tijdens van crises. Het is vooral polder-Nederland: vol overlegorganen. Als in de hoofdstad een ramp gebeurt, moet burgemeester Van der Laan als voorzitter van de Veiligheidsregio een vergadering gaan voorzitten met zijn vijf collega’s uit onder andere Uithoorn en Aalsmeer. Joustra is ook geen ‘chef terreurbestrijding’ maar ‘coördinator’. Zo kan iedereen zijn eigen ding doen, zoals de politie die al jaar en dag voorop loopt met digitale nieuwigheden als sms-alert, burgernet, amberalert en @wijkagent op Facebook en Twitter. Of het wat helpt, wordt zelden uitgezocht.

De laatste jaren zijn wel degelijk grote stappen gemaakt, zoals het optuigen van websites met informatie: www.risicokaart.nl, www.crisis.nl en www.denkvooruit.nl. Wie vooruit wil denken kan op die site zien wat er in het noodpakket moet zitten dat beter in huis kan zijn: ‘radio op batterijen of opwindbare radio, afgestemd op de rampenzender; zaklamp; extra batterijen; eerstehulpkit met eerstehulphandboek; lucifers in waterdichte verpakking; waxinelichtjes; warmhouddekens; gereedschapsset; waarschuwingsfluitje’. De campagne voor zo’n ‘life kit’ – inclusief een blik bruine bonen – werd in 2006 met veel bombarie gestart. Maar een jaar later was ik nog niemand tegengekomen die er een voor eigen rekening had aangeschaft. Want de overheid gaf ze ons niet cadeau. En hier hebben we na het medium radio probleem twee.

Hoe groot is het bereik van de regionale radio? Onder de tien procent. De NPO lag er een uur uit, nog zonder stroomstoring of cyberaanval. Het is nu volstrekt onduidelijk hoe afhankelijk al die rampenzenders en dat hele Mediapark intussen zijn geworden van internet gestuurde verbindingen. Banken liggen er soms een hele dag uit. DigiD werd in 2013 weer getroffen door een aanval. Dan maar 112 bellen? Vergeet het maar. Bij de stroomstoring in Haaksbergen in 2004 was dat onmogelijk. Als iedereen 112 belt, ligt het netwerk sowieso plat. Het rampenplan met de radio als kern stamt uit de tijd van de smogalarms in Rijnmond, rond 1970. Iedereen daar wist toen: ‘ga naar binnen, sluit ramen en deuren en zet de regionale radiozender aan’. Iedereen zou verplicht een ‘life kit’ in huis te hebben. Inclusief die transistorradio. Berichten door de lucht zenden kan namelijk bijna altijd.

De directeur van xs4all zei jaren geleden dat zijn staf onderling nog altijd communiceerde via het Internet Relay System, uit de steentijd van internet. Die man had het begrepen: hoe meer hightech we worden, hoe primitiever de communicatie in crisistijden moet verlopen.