Internationaal Gerechtshof: Servië noch Kroatië pleegde genocide

Het Vredespaleis in Den Haag, zetel van het Internationaal Gerechtshof Foto ANP / Jerry Lampen

Servië heeft tijdens de Balkanoorlog tussen 1991 en 1995 geen genocide gepleegd in Kroatië. En Kroatië deed dat evenmin bij Serviërs. Beide landen hebben onvoldoende bewijs aangevoerd dat er van volkerenmoord sprake is geweest, stelt het Internationaal Gerechtshof in Den Haag, meldt persbureau AP.

De president van het hof Peter Tomka zei dat er wel bewijs is van misdaden door Servische en Kroatische troepen, maar dat de intentie om de Kroatische of Servische bevolkingen “volledig of gedeeltelijk uit te roeien” niet is aangetoond. De Kroatische regering zag onder meer de verwoesting in 1991 van de stad Vukovar door het Servische leger als genocide.

De stad in het oosten van Kroatië werd in november 1991 na een belegering van drie maanden ingenomen door Servische milities en het Joegoslavische Volksleger. In het ziekenhuis troffen de Serviërs bijna driehonderd mensen aan – burgers, soldaten, gewonde en niet-gewonde Kroaten. De Kroaten werden naar een varkensboerderij in het nabijgelegen Ovcara gereden, mishandeld en doodgeschoten. Voor de misdaden daar is de Kroatisch-Servische oud-leider Goran Hadzic aangeklaagd.

Alleen Srebrenica was genocide

De uitspraak zal mogelijk de-escalerend werken voor Kroatië en Servië. De landen begonnen de zaken tegen elkaar zestien jaar geleden. “Genocide is een explosieve term, die nog steeds veel sentimenten oproept bij de bevolking in die landen”, zegt buitenlandredacteur bij NRC Floris van Straaten.

“Die sentimenten worden nu in elk geval niet verder aangewakkerd. De enige genocideclaim die wel is toegekend was in Srebrenica.”

De zaken bij het Internationaal Gerechtshof staan los van de zaken tegen individuen bij het speciale Joegoslavië-tribunaal. De grootste vissen naast Hadzic zijn de Bosnisch-Servische generaal Ratko Mladic en de voormalige leider van de Bosnisch-Servische republiek Radovan Karadzic.

Kroatië en Servië waren tot begin jaren negentig deel van Joegoslavië. In 1991 stapten Slovenië en Kroatië daar uit, een jaar later volgden Bosnië en Macedonië. De Servische leider Slobodan Milosevic wilde dat gebieden in Kroatië en Bosnië met Serviërs werden ingeleverd. Daarover ontstond oorlog.