Brussel? Dat is een gat in je cv

Veertien Nederlanders verlieten vorig jaar het Europees Parlement. Slechts één van hen heeft zelfstandig een nieuwe baan gevonden. En het wachtgeld van oud-Europarlementariërs stopt al snel.

Oud-Europarlementariër Daniël van der Stoep heeft de afschrijving net binnen: zo’n 6.500 euro bruto. Dat is het laatste wat hij krijgt aan wachtgeld van het Europees Parlement, waar hij twee jaar zat als PVV’er en daarna als onafhankelijk lid – tot aan de verkiezingen van vorig voorjaar.

En nu?

Nu niks. Ex-Europarlementariërs krijgen in Nederland geen WW en volgens Van der Stoep was de tijd te kort om een baan te vinden die past bij zijn achtergrond en ervaring. „Ik heb iets lopen bij de Raad van Europa. En de OVSE. Daar heb ik in september op gesolliciteerd en het is under consideration. Het lukt me, ik ben goed opgeleid en jong, 34. Maar het kost tijd.”

Van der Stoep heeft de afwijzing van uitkeringsinstantie UWV ook net binnen. Die heeft hij nodig voor de bezwaarprocedure. „Er zijn heel weinig mensen in Nederland die níét in aanmerking komen voor WW. De regering heeft daar in ons geval bewust voor gekozen. Ik ben nu op zoek naar EU-wetgeving om een zaak te beginnen.”

Veel oud-Europarlementariërs klagen. Als wachtgeld krijgen ze hun hele oude maandsalaris, en niet een percentage daarvan – zoals oud-Tweede Kamerleden. Maar veel korter: één maand per dienstjaar, minimaal zes maanden. Als je tien jaar Europarlementariër was, stopt de uitkering in het voorjaar. Ex-Kamerleden houden hun wachtgeld ruim drie jaar.

Oud-Kamerleden denken vaak dat ze een te ‘uitgesproken profiel’ hebben door hun optredens in de media, en daardoor moeilijk aan werk komen. Maar als het andersom is?

Nederlandse Europarlementariërs zijn nauwelijks bekend. Maar op de arbeidsmarkt hebben ze daar niets aan. Van de veertien die vorig jaar hun plek kwijtraakten of zelf opstapten, kwam er maar één zelfstandig aan een fulltime baan: PVV’er Auke Zijlstra. Hij koos voor een dienstbare functie, hij werd medewerker van PVV-Europarlementariër Hans Jansen.

De twee anderen die voltijds werken, hadden een terugkeerregeling. Er zijn nog twee anderen met vast werk, maar parttime.

Corien Wortmann (CDA) is sinds 1 januari bestuursvoorzitter bij pensioenfonds ABP – een gezaghebbende baan, drie dagen per week. Marije Cornelissen (GroenLinks) is adviseur bij consultancybureau BMC: in vaste dienst, ook drie dagen. Kartika Liotard (ex-SP) wordt ambtenaar bij het ministerie van Economische Zaken. Ze was eerder ambtenaar en had een terugkeergarantie.

Ook PVV’er Patricia van der Kammen is terug bij haar oude werkgever, de Tilburgse universiteit. Ze is beleidsadviseur en was met ‘politiek verlof’. De vroegere PVV-delegatieleider Laurence Stassen, nu ex-PVV, bereidt zich voor op een nieuwe politieke carrière. Ze zit in de raad van advies van VNL, de partij van ex-PVV’ers Louis Bontes en Joram van Klaveren, en doet mee aan de fondsenwerving. In het voorjaar reist ze daarvoor naar de VS, op uitnodiging van de conservatieve Heritage Foundation. „Ik denk dat het me op het lijf is geschreven.”

Het is mijn PVV-verleden. Punt

Twee ex-Europarlementariërs hebben een EU-pensioen: VVD’er Jan Mulder en Ria Oomen van het CDA. Oomen staat ook op een verkiesbare plaats voor de Eerste Kamer.

Lucas Hartong (PVV) probeerde om griffier, gemeentesecretaris of – al een paar keer – burgemeester te worden. In Brussel heeft hij gemerkt dat „het bestuurlijke” hem goed ligt. „Wij waren serieus bezig om voorstellen inhoudelijk te beoordelen.”

Waarom het tot nu toe niet lukt? „Door mijn PVV-verleden. Punt. In sollicitatiegesprekken ben ik drukker met het wegnemen van vooroordelen dan met mijn eigen presentatie. Ik krijg vragen als: hoe staat u tegenover minderheden in uw gemeente?”

Hartong heeft een betaalde bijbaan als politiek commentator in het EO-radioprogramma Dit is de Dag. Maar verder zal hij, nu zijn wachtgeld ophoudt, van zijn spaargeld gaan leven. „Wat moet ik anders? Ik heb gelukkig wel wat opzij gezet.”

Headhunters weten niet wat je kunt

Bij Daniël van der Stoep is het geld op, zegt hij. Vorig jaar voerde hij campagne voor de Europese verkiezingen met zijn anti-EU-partij Artikel 50. „Dat heeft me zo’n 35.000 euro gekost.”

De partij haalde geen zetel. Nu denkt Van der Stoep soms aan het geld dat hij – uit principe – al die jaren heeft laten liggen in Brussel: „Ruim 4.000 euro per maand aan onkostenvergoedingen kon ik gratis krijgen. Je bent toch een dief van je eigen portemonnee. Als ik het alleen het laatste jaar had geaccepteerd, zou ik nu zo’n 50.000 euro hebben gehad.”

Van de oud-PvdA-Europarlementariërs, die als delegatie ruziënd uiteenvielen, heeft er nog niet één een baan. Judith Merkies woont nu in de buurt van Frankfurt, waar haar man werkt. Emine Bozkurt is terug in Nederland. Thijs Berman heeft in Brussel een adviesbureau en doet klussen, zoals nu in Libanon: hij helpt het parlement bij de communicatie met burgers.

Berman heeft al een paar keer gesolliciteerd, want met alléén zulke opdrachten redt hij het financieel nog niet. „Ik sta te trappelen, maar het is tot nu toe niet eenvoudig. Eén keer werd ik afgewezen omdat ik als ex-politicus te uitgesproken zou zijn, een andere keer legde ik het af omdat de tegenkandidaat oud-premier was.”

Berman had al in 2013 aan headhunters laten weten dat hij beschikbaar was. „Ze zijn blij om je in hun portefeuille te hebben, maar ik heb een keer aan zo’n headhunter gevraagd: weet jij wat ik als Europarlementariër heb geleerd en te bieden heb? Het antwoord was, heel vriendelijk: nee.”

Het lijkt de Efteling wel

„Ken je de Python in de Efteling?” vraagt oud-Europarlementariër Toine Manders (eerst VVD, later 50Plus). Zoals die attractie, zo voelt het leven in Brussel en Straatsburg volgens Manders. Als het voorbij is, sta je tollend op de grond. Het duurde maanden voordat hij van dat gevoel af was en emotioneel afscheid kon nemen van ‘Europa’. In het begin was hij toch steeds even in Brussel. „Maar ik ben er nu al vier maanden niet geweest, ik richt de blik weer op de toekomst.”

Manders solliciteerde een paar keer, zonder succes. „Men zit niet te wachten op een oud-politicus.”

Hij gaat nu na of hij zich weer als advocaat, zijn oude beroep, kan inschrijven op het tableau van de Orde van Advocaten. Hij wil ‘advocaatbemiddelaar’ worden voor het mkb. „Mkb’ers laten zich te weinig adviseren door advocaten. Ik wil proberen een brug te zijn, waardoor kleine ondernemers preventief advies kunnen krijgen en er minder procedures nodig zijn.”

Afgelopen najaar kregen alle oud-Europarlementariërs die minstens tien jaar in Brussel hadden gezeten een koninklijke onderscheiding. Manders was erbij, net als Kartika Liotard. Ze was trots, zegt Liotard. „Maar iemand die ik goed ken, zei: ‘Ik vind dat jij dat niet hebt verdiend. Het is voor mensen die zich hebben ingezet voor de maatschappij’. Dat raakte me.”

Liotard, die in 2010 in conflict raakte met de SP en als onafhankelijk Europarlementariër verder was gegaan, hoefde geen moeite te doen voor een baan. En toch: vrolijk klinkt ze niet. Het is natuurlijk „vrij comfortabel” dat ze als oud-ambtenaar een functie aangeboden moest krijgen. Ze wordt ‘senior adviseur Europese subsidies’ in Deventer, in een regiokantoor van Economische Zaken.

Maar Liotard vindt die baan niet „passend”. Ze had minister Henk Kamp voorgesteld dat zij het departement zou adviseren over Europa. Ze heeft een netwerk, ze is expert in voedselveiligheid en dierenwelzijn. „Nederland is in 2016 EU-voorzitter en ik zou een goede bijdrage kunnen leveren, ook richting Brussel. Ik kreeg niet eens antwoord.”