Zuchtend en steunend, maar toch weer een titel

Even leek de beste tennisser van de wereld te wankelen, maar Novak Djokovic versloeg gisteren Andy Murray in de finale van het toernooi in Melbourne. Het is zijn achtste grandslamtitel alweer.

Novak Djokovic kust zijn achtste grandslamtitel. Foto Narendra Shrestha/EPA

Eerst het racket, dan zijn shirt, de zweetbandjes en de revervespullen. Novak Djokovic strooide de hele inhoud van zijn imposante tennistas uit over de eerste rijen van de Rod Laver Arena. Het tennisstadion op Melbourne Park beschouwt hij al jaren als zijn tweede woonkamer. Zoals Boris Becker, sinds een jaar zijn coach, zich in zijn gloriejaren zo thuis voelde op het centercourt van Wimbledon.

Voor de vijfde keer – en in zijn vijfde finale – won de 27-jarige Serviër gisteren de Australian Open, zijn achtste grandslamtitel. De Schot Andy Murray had de eindstrijd in Melbourne voor de vierde keer bereikt, maar stond opnieuw met lege handen. Drie keer was Djokovic in Melbourne te sterk voor hem, één keer versperde Roger Federer hem de weg.

De setstanden vertelden gisteren het verhaal: 7-6 (5), 6-7 (4), 6-3 en 6-0. Twee sets, op een zeer hoog niveau, had Murray goed tegenstand kunnen bieden aan Djokovic – meer dan dat zelfs. De finale leek aanvankelijk een klassieker te worden: de eerste twee sets, de tiebreaks, slokten ruim tweeënhalf uur op. Djokovic zuchtte en steunde en kampte met pijntjes, verzwikte zijn enkel en werd behandeld aan een blaar op zijn hand. „Ik voelde me moe”, erkende de Serviër na afloop. „In twintig minuten tijd ging ik door een fysieke crisis.”

Murray kreeg de nummer één van de wereld aan het wankelen, zeker toen hij in de derde set een 2-0 voorsprong nam. Maar de Schot vergat de genadeklap uit te delen, en betaalde daar de hoogst mogelijke prijs voor. Djokovic herstelde, knokte zich terug, en Murray stortte in, steeds meer vloekend tegen zichzelf. „How do you do it? How!”, schreeuwde hij tegen zichzelf nadat hij Djokovic een punt in de schoot had geworpen. De vierde en laatste set liep zelfs uit op een vernedering voor de Brit.

„Mijn spel bij deze grand slam was waarschijnlijk het meest stabiel van mijn carrière, en toch slaag ik er niet in te winnen”, sprak hij na afloop teleurgesteld. „Maar ik wil Novak feliciteren met zijn vijfde titel. Het is een fantastisch record, en volledig verdiend.”

Toch had olympisch kampioen Murray voldoende aanknopingspunten om optimistisch te zijn over zijn start van het nieuwe jaar. Voor het eerst sinds zijn zege op Wimbledon (2013) en de rugoperatie die daarna volgde stond hij weer in een grote finale. Na een wat mindere periode onder zijn nieuwe coach, de Française Amélie Mauresmo, keert hij weer terug in de topvier van de wereldranglijst.

Maar Djokovic verslaan op Melbourne Park is slechts voor een enkeling weggelegd. De overmacht van de Serviër is groot: sinds zijn eerste eindoverwinning in 2008 won hij 47 partijen, drie keer kwam hij ‘slechts’ tot de kwartfinales. Met zijn vijfde eindzege passeerde hij Federer en André Agassi, die deze grandslamtitel ieder vier keer wonnen. Djokovic jaagt nog op één man: Roy Emerson. Deze Australiër, die hem gisteren de trofee overhandigde, won het toernooi tussen 1961 en 1967 zes keer, maar dat was voor het tijdperk van de ‘Opens’.

Op een roze wolk

Djokovic leeft ondertussen op een roze wolk. Hij blijkt sterk genoeg om midden in een finale af te rekenen met fysieke tegenslag. Het is misschien de invloed van zijn jonge gezin: in oktober beviel zijn vrouw Jelena van hun eerste kind. „Het heeft een diepere betekenis, het geeft een diepere waarde aan mijn leven nu ik vader en echtgenoot ben”, zei hij tijdens zijn persconferentie. „Trouwen en vader worden in het laatste half jaar heeft me absoluut nieuwe energie gegeven, iets wat ik nooit eerder heb gevoeld. Op dit moment gaat alles in mijn leven in de goede richting.”

Djokovic won dus voor de vijfde keer het grandslamtoernooi in Australië, naast zijn twee Wimbledon-titels en één eindzege op de US Open. Alleen Roland Garros ontbreekt nog op zijn erelijst. Maar daar wil hij zo min mogelijk woorden aan vuil maken. Het past niet in zijn levensfilosofie. „Ik geloof er heel sterk in dat alles met een reden gebeurt in het leven. Ik probeer geen energie te verspillen aan vragen als ‘wat gebeurt er als’. Er is een reden dat ik hier zo goed speel en vijf titels heb gewonnen, en er is een reden dat ik Roland Garros nog nooit heb gewonnen. Ik zal erin blijven geloven dat ik die in elk geval één keer kan winnen, tot mijn carrière voorbij is.”