Op cultuur-safari in je eigen stad

De ‘WijkSafari’ was al een succes in twee achterstandswijken, nu is de Amsterdamse Bijlmer aan de beurt. De organisatie kamt de buurt uit op zoek naar bijzondere mensen, plekken en verhalen. Als toeschouwer kom je op plaatsen waar je anders nooit komt.

Nexendra Esser van basisschool De PolsstokFoto Rien Zilvold

‘Hoe begin je? Gewoon gáán. Je loopt over de Bijlmerdreef, kijkt om je heen. Soms bel je zomaar ergens aan. Niet meteen voor een ‘theaterproject’, maar om mensen te leren kennen. Een relatie opbouwen. De rest gaat dan vanzelf.”

Sophia Jonker (30) van kunstenaarsplatform Zina is sinds oktober ondergedompeld in de Amsterdamse Bijlmer. Ze bezocht buurtcentra, wijkbijeenkomsten, barbershops, Ghanese kerken, Chinese nagelsalons, de Vluchtgarage en de voedselbank. Na edities in Slotermeer en de Utrechtse wijk Ondiep organiseren Zina en FemaleEconomy van Adelheid Roosen nu een ‘WijkSafari’ in Amsterdam Zuid-Oost.

Tijdens zo’n project worden acht kunstenaars ondergebracht bij acht karakteristieke buurtbewoners: een adoptie, noemt het gezelschap dat. Twee weken lang leven ze intensief samen. Uit die ontmoeting creëren ze een scène, geregisseerd door Roosen of Titus Muizelaar. Bezoekers op ‘safari’ zien twee van die scènes, gewoon bij mensen thuis. Daarnaast bezoeken ze andere sleutellocaties in de wijk: een moskee, een toko, een kapsalon. De WijkSafari is een unieke, sociale en artistieke beleving; vreemde deuren gaan voor je open, wat privé was wordt publiek, barrières worden geslecht en vooroordelen doorbroken – dat is althans het idee. De safari in de Bijlmer gaat dit voorjaar van start; de adopties beginnen in maart. Maar de voorbereidingen zijn in volle gang. Een rondgang.

1 Basischool de Polsstok Egoli 2

Acteur/theatermaker Thomas de Bres (41) gaat ‘in adoptie’ bij groep 1 en 2 van basisschool de Polsstok. Directeur BartJan Commissaris leidt hem rond. De school, op levensbeschouwelijke grondslag, maakt deel uit van de DE Brede School in Zuid-Oost. Kinderen van de openbare school, de islamitische school en de levensbeschouwelijke school krijgen daar in groep 1 en 2 gemengd onderwijs. Daarna kiezen de ouders een richting, maar blijven de leerlingen samen muziekonderwijs en creatieve vakken volgen. „Hier zitten honderd culturen bij elkaar”, zegt Commissaris. „Wij vinden het van groot belang dat kinderen van uiteenlopende achtergrond en geloofsovertuiging met elkaar praten. Je hoeft het niet altijd met elkaar eens te zijn, zolang je maar het gesprek aangaat.” Die gedachte sluit perfect aan bij de ambitie van de WijkSafari.

Vandaag stelt De Bres zich voor aan zijn toekomstige adoptieklas. Gehurkt geeft hij dertig vierjarigen een handje: Faroukh, Jalaysha, Azriel, Diamando, klinkt het. En hoe oud denken zij dat hij is? ’81! 63? 14!’ Na de kennismaking gaan De Bres en de kinderen een potje kikkeren. „Zo onbekommerd spelen is heerlijk! De Homo Ludens – dat is ook de kern van acteren.”

De Bres wil met de kinderen een scène maken over de liefde. „Ze wisten al te vertellen dat liefde niet vechten is, en niet slaan, en niet boos zijn. Eén meisje zei: ‘Ik vind de liefde lief’.”

2 Ghanees zorgcentrum Akwaaba Bijlmerdreef 252

Van basisschool gaat het naar zorgcentrum; van jong naar oud. In het Ghanese zorgcentrum Akwaaba (‘welkom’) ontmoet actrice Elly Ludenhoff (68) de opgewekte Ghanees Nii Tackie (63), met het oog op een adoptie, al wordt dat nog niet met zoveel woorden gezegd. Eerst maar eens kennismaken. Tackie heeft een hernia en kan niet lang staan. Zijn scootmobiel is groter dan zijn keuken thuis, lacht hij. Maar daar maakt hij wel graag fufu, een Ghanees aardappelgerecht. „Met pindasoep!”

Tackie kwam in 2005 naar Nederland, om een in Nederland woonachtige Ghanese te trouwen, vertelt hij. Maar de hernia en een mislukte rugoperatie maakten hem ongewild als huwelijkskandidaat, en hij werd door zijn aanstaande uit huis gezet. Het vooruitzicht deel te nemen aan de WijkSafari maakt hem heel gelukkig. „It’s exciting, you meet new people, you laugh a lot; it is good for your health.”

Hij is vaak eenzaam, stelt Tackie monter. „En eenzaam zijn is saai.” Ludenhoff informeert naar zijn hobby’s. Zijn aquarium maakt hem gelukkig, zegt hij. En zijn Kerstverlichting. Die heeft hij altijd aan, in het hele huis, omdat hij het zo magisch vindt dat in Nederland de elektriciteit nooit uitvalt.

Het klikt tussen de twee, maar de deal komt nog niet meteen rond. Voorzichtig informeert Tackie naar een eventuele vergoeding bij deelname. Deelnemers krijgen die, bevestigt Jonker. Het bedrag moet ze even uitzoeken. Wordt vervolgd. „Logisch dat hij dat vraagt”, vindt Jonker. „Elly komt mogelijk toch twee weken bij hem inwonen. Deelnemers krijgen sowieso een onkostenvergoeding. Soms helpen we ze met spullen, als iemand bijvoorbeeld een koelkast nodig heeft.” Maar wat als mensen dan alleen deelnemen vanwege het materiële gewin? „Ik kan het ze niet kwalijk nemen. En het geeft ook niet, zolang ze voor de duur van het project maar volledig toegewijd zijn.”

3 Moskee Taibah Kraaiennest 125

Mohammed Gaffar, secretaris van de Taibah-moskee, hoeft niet te aarzelen over deelname aan de safari. Iedereen is welkom, om zijn trots, ‘de Witte Parel van de Bijlmer’ van dichtbij te bekijken. Aan regisseur Muizelaar en actrice Nazmiye Oral vertelt hij de ontstaansgeschiedenis van zijn moskee, maar niet voordat hij glunderend de feestverlichting in de gebedsruimte heeft gedemonstreerd: groene en blauwe lichtjes als sterren, tot bovenin de hypnotiserende koepel. De zuilen en balkons zijn fraai versierd met groene, witte en gele linten. „We hadden vorige week feest, en volgende week weer, dus we hebben dat maar laten hangen.”

De Surinaamse moslim Gaffar trof na zijn vertrek uit Suriname in 1975 tot zijn schrik een moskeeloos Amsterdam Zuid-Oost aan, vertelt hij. „Toen was bidden dus een beetje behelpen, gewoon bij iemand in de huiskamer.” Later kregen de gelovigen van het stadsdeel op vrijdagen de beschikking over een danszaaltje. „Moesten we elke week boenen, alle alcohol weg, zodat het nog een beetje netjes rook.” Maar die combinatie van dansen, drinken en islam was toch niet helemaal ideaal, constateert Gaffar droogjes. Na lang lobbyen en collecteren kwam er een eigen, kleine moskee, met een gebedsruimte voor zo’n 250 man.

In de Bijlmer bleek dat een gat in de markt: op de moskee kwamen algauw 700, 800 mensen af, uit 23 verschillende culturen. „Mensen moesten bidden op straat!” Gaffar slaat met zijn hand op tafel. Weer ging de moskee op de schop en drie jaar lang bidden de moslims in een tochtige, verlaten garage. Maar nu is daar dan ‘de Witte Parel’: „een voorbeeld voor heel Europa, misschien wel de hele wereld!” 20.000 moslims uit Zuid-Oost zijn verbonden aan de moskee, zegt Gaffar, 1000 man kan er tegelijk bidden, en er wordt nog uitgebreid met een Koranschool en een vrouwenafdeling.

In de WijkSafari wordt de moskee waarschijnlijk een ‘wisselplek’ zegt Oral; een plek waar twee groepen toeschouwers elkaar ontmoeten en van gids wisselen. Gaffer kijkt ernaar uit: iedereen, moslim of niet, mag zijn moskee komen bewonderen, zegt hij. Graag zelfs. „Te weinig Nederlanders weten wat de islam echt is, en dat is jammer. Men moet weten dat wij geen wrede mensen of bandieten zijn. Wij zijn hier eerlijk en oprecht met ons geloof bezig.”

4 De echte toko Harriet Freezerstraat 108

Naast religie is in de Bijlmer voedsel een vaste waarde in het sociale verkeer. ‘In welke toko moet je tenminste één keer geweest zijn?’ vroeg Jonker iedereen die ze tegenkwam. En altijd was het antwoord: bij omu!

Omu (opa) is de 72-jarige Chinees Kai Hing Li, die veertig jaar geleden in de Bijlmer de eerste Surinaamse toko startte. Inmiddels is de zaak verhuisd en vernoemd, en het assortiment uitgebreid met Aziatische, Afrikaanse en Zuid-Amerikaanse producten. Zoon Ramon Li: „Wij verkopen producten die je nergens anders kunt vinden.” Zoals Ahomka, een Ghanees gembersnoepje. Of bevroren podosiri, pulp van de onder hipsters nu zo populaire açai-bes.

In het begin was tachtig procent van hun klandizie Surinaams, vertelt Ramon, en kwam men bij omu voor eten, raad en daad. Die sociale functie lijkt onveranderd, want hoewel op een dinsdagmiddag bij de ene kassa niemand staat, vormt zich bij die van Li een lange rij. Ramon zucht theatraal. „Mijn vader heeft gewoon meer karakter en charisma dan ik.”

Omu is een begrip in de wijk, merkte Jonker tijdens haar research, een plek waar mensen zich thuis voelen. Daarom mag hij op safari niet ontbreken. Welke rol de zaak straks precies zal spelen, weet ze nog niet. „Maar we gaan in elk geval even langs voor het lekkerste broodje uit de Bijlmer.”

5 Cultureel centrum NoLimit Geldershoofd 80

Een theatrale tocht door de Bijlmer, volgens veel betrokkenen is dat een verhaal van migratie, daadkracht en hoop. Rapper Gideon Everduim (30), alias Gikkels, die straks de slotperformance van de safari leidt, benadrukt liefdevol de potentie van zijn wijk. „Ik zie in Zuid-Oost een groot saamhorigheidsgevoel en een enorm empathisch vermogen bij de bewoners.”

De Bijlmer is een ‘arrival city’, weet Everduim. „Hier wordt de economie van de stad bepaald.” Mensen die aankomen in zo’n ‘arrival city’, zegt hij, vormen de potentiële nieuwe middenklasse van de stad. „Maar die positieve kant van de wijk wordt niet vaak belicht.”

Natuurlijk, erkent ook Everduim, heeft het stadsdeel een slechte reputatie. Maar de feiten waar dat op is gebaseerd zijn al héél oud, zegt hij. Hoe oud precies? „Zeker tien jaar!”

Maar die andere kant van de Bijlmer, van mislukking, armoede, afvoerputje, is er natuurlijk ook. Zina is er niet op uit om dat te maskeren; naïef is de WijkSafari niet. Regisseur Titus Muizelaar: „We hebben niet de intentie de boel te romantiseren. Het hoeft niet allemaal lief en gezellig te zijn, we schuwen de confrontatie niet. Misstanden mogen ook benoemd worden.”

6 Vluchtgarage Kralenbeek 100

De Turks-Duits-Nederlandse performer Melih Gençboyaci (37) toont straks in de safari een minder fraaie kant van de Bijlmer: de illegaliteit. Hij gaat ‘in adoptie’ bij de uitgeprocedeerde asielzoekers van ‘We are here’ in de Vluchtgarage, waar hij een scène wil maken met de Somalische Nasir (36). Op een regenachtige dinsdagavond wacht hij hem op in de kamer van een groepje Eritreërs, bij een klein elektrisch kacheltje. Nasir is laat. De Eritreërs schenken thee voor de bezoekers; ieder krijgt een eigen zakje – gekregen van buurtbewoners die boodschappen doneren. Als Nasir er is, verontschuldigt hij zich uitvoerig: hij moest repeteren in Theater Frascati, voor een voorstelling over migratieproblematiek. Gençboyaci, grappend: „Man, jij staat vaker op toneel dan ik!”

De acteur, die geboren is in Duitsland, opgroeide in Turkije en nu in Nederland woont, is gefascineerd door het nomadenbestaan van de illegalen. „Ik wil iets maken over de tijdelijkheid, ontworteling en beweging die hun levens bepaalt. Hun enige zekerheid is onzekerheid.”

Dat wrange feit werd recent nog onderstreept: ontruiming dreigt voor de Vluchtgarage. Hoe het verhaal van Nasir dan verder gaat, is straks ook te zien in de ‘WijkSafari’.