De secretaresse verdient meer dan de president...

Politieke machthebbers in China behoren tot de slechtst betaalde leiders ter wereld. President Xi zag zijn salaris onlangs stijgen tot 1.630 euro per maand. Dat vraagt om corruptie.

Foto Wang Zhao / AFP

Chinese leiders die zichzelf royale salarisverhogingen van ruim zestig procent toekennen, hebben het makkelijker dan hun Europese collega’s. Het besluit de salarissen van president Xi Jinping en premier Li Keqiang meer dan te verdubbelen naar respectievelijk 1.630 euro en 1.425 euro per maand werd weliswaar publiek bekendgemaakt, maar toen de discussie daarover een ongewenste wending nam, kwam de censuur in actie.

Tik vandaag op de websites van Chinese media of van het twittersysteem Weibo de karakters in voor ‘salarisverhoging Xi’ en je krijgt het bericht terug dat deze informatie niet beschikbaar is. Over de Chinese leiders wordt altijd al geheimzinnig gedaan, maar de reden van deze ingreep laat zich niet moeilijk raden: de meeste internettende Chinezen konden in de eerste etmalen na de aankondiging van deze loonexplosie niet geloven dat de politieke top van de tweede economie ter wereld tot de laagst betaalde leiders ter wereld behoort.

De ene president verdient 30.000 euro, de ander 4.192

President Obama verdient immers bijna 30.000 euro per maand, de Japanse premier Abe bijna 25.000 euro en de Singaporese regeringsleider Lee Hsien Loong zelfs 74.000 euro. De Russische president Poetin, leider van een zeer matig presterende economie, incasseert 4.192 euro per maand.

„Met zulke lage salarissen is het geen wonder dat er zoveel corrupte partijfunctionarissen zijn, want met dat soort salarissen kun je er geen maîtresse op nahouden of je kind in het buitenland laten studeren”, aldus een zekere MoshanHua op internet.

Een Beijingse twitteraar voegde daar snedig aan toe dat Xi Jinping, Li Keqiang en de andere leden van het Politbureau met de huidige huur- en koopprijzen niet in het hart van Beijing zouden kunnen wonen als zij niet in de villa’s van de staat woonden en tot aan het graf toe kunnen rekenen op gratis huisvesting, gezondheidszorg, vervoer en – en daar wordt meestal over gezwegen – hun rijk geworden families.

Hoe is het anders mogelijk, zo vroeg een twitteraar zich af, dat president Xi met zo’n laag salaris zijn enige dochter aan Harvard in de Verenigde Staten kan laten studeren? Toen een andere internetter daaraan toevoegde dat Xi zelf niet vermogend is, maar dat zijn familie puissant rijk is geworden in de vastgoedsector, kwamen de censoren snel in actie. Ze sloten na enkele uren de discussie, die al snel afweek van de partijberichtgeving. Vrijwel alle families van de vijf generaties partijleiders zijn tot dusver vermogend geworden, met uitzondering van de familie van Mao Zedong.

En de burgemeester? Die krijgt nog geen 850 euro per maand

De salarisverhoging voor de Chinese top is onderdeel van een nationale opwaardering van de salarissen van partijfunctionarissen en ambtenaren. Uit de nieuwe schalen blijkt dat bijvoorbeeld de partijsecretarissen en burgemeesters van metropolen als Shanghai (23 miljoen inwoners) en Chengdu (10 miljoen inwoners) nog geen 850 euro per maand verdienen. Partijsecretarissen van provincies met 80 miljoen inwoners (Sichuan) of 100 miljoen inwoners (Guangdong) moeten het ook met zoiets doen.

Het is niet verwonderlijk dat de belangstelling onder pas afgestudeerden voor banen in de partij- en staatsapparaten voorzichtig afneemt en particuliere bedrijven, zoals Alibaba en Huawei, jaarlijks worden overspoeld met vele tienduizenden sollicitaties. Of zoals Xue Feilong, die werkzaam is bij het gigantische IT-bedrijf in de Hongkongse krant Mingpao zei: „Ik verdien als secretaresse van de managementstaf van Huawei meer dan de president van China.”

    • Oscar Garschagen