Voor je het weet zit je wéér de hele avond over je werk te praten

Bo&Caro gaan elke dag naar een bedrijf. Ze zijn bij aandeelhoudersvergaderingen, productpresentaties of vrijdagmiddagborrels en willen graag weten: wie is hier belangrijk?

Wat: Ondernemen met De Uitvreter in de Amsterdamse Jordaan

Wie: Uitvreter Steven De Haer en gasten Jan Scheurleer en Anne Sliepenbeek

Ja. Hij kent het verhaal van Nescio. En néé, het restaurant van Steven de Haer is niet naar Japie vernoemd. De naam ‘De Uitvreter’ heeft hij helemaal zelf bedacht, na heel lang brainstormen. “Het moest duidelijk worden dat het hier geen chique boel is waar je kleine liflafjes krijgt.”

Bij De Haer worden de schalen gewoon op de grote tafel, waar iedereen samen aan zit, gezet. En er wordt gegeten wat de pot schaft. Meestal iets Italiaans, want De Haer leerde koken van zijn Italiaanse ex-schoonmoeder.

Straf

De Haer trekt een enorm stuk vlees uit de oven, prikt er even behoedzaam in. Horeca-ervaring? Niet echt. Hij werkte als ‘freelance user experience designer’ en verbeterde de gebruiksvriendelijkheid van Funda.nl. Maar toen zijn flex-werkplek in de verhuur ging besloot hij daar te gaan experimenteren met een besloten restaurantje. Dat liep al snel zo goed dat hij er in september voor koos te verhuizen naar een nieuwe, grotere locatie.

Dat betekende in eerste instantie: gedoe met de gemeente. Gesoebat om vergunningen, papieren en formulieren en eindeloos wachten, bellen en zuchten. “Je zou denken dat ze ondernemers in dit soort tijden juist zouden stimuleren.” De Haer trekt de knoop van de blauwgeblokte theedoek op zijn hoofd wat strakker aan. “Maar ik kreeg het idee dat mijn ondernemingszin juist bestraft werd.”

Gelukkig zitten Sliepenbeek en Scheurleer (r) vanavond nog met anderen aan tafel.

Een foto die is geplaatst door Bo&Caro (@boencaro) op

Praten over je werk

Via een microkredietverstrekker leende De Haer vijfentwintigduizend euro en met een goed georganiseerde crowdfundingactie wist hij binnen twee dagen nog achtduizend euro op te halen. Omdat hij de boel zelf verbouwde was dat precies genoeg om alles te bekostigen. “Maar bij de gemeente vonden ze het verdacht, ze geloofden niet dat ik met zo weinig geld iets kon opzetten.” Ze stelden een onderzoek in dat keer op keer verlengd werd. Pas toen het ze uiteindelijk duidelijk werd dat De Haer écht niets illegaals aan het uitvreten was, mocht hij eind vorig jaar de tent openen.

Er komt een stelletje binnen. Anne Sliepenbeek, advocaat bij Hofhuis Alkema Groen en Jan Scheurleer, werkzaam bij de Rabobank, schuiven aan. “Hier gaan eten heeft natuurlijk een risico”, zegt Scheurleer. “Je kunt bij mensen aan tafel komen te zitten waar je totaal geen zin in hebt. Zit je noodgedwongen weer de hele avond over je werk te praten.”

Al zou Scheurleer dat nu helemaal niet erg vinden. “Ik ga weg bij de bank om melkpoeder te verkopen in Afrika. Morgen teken ik mijn contract.” Vriendin Sliepenbeek rolt met haar ogen. “Niet weer over Afrika…” Vermoeid: “Heel leuk voor hem, maar hij kan er maar niet over ophouden. Ik word er helemaal gek van.”

Gelukkig zitten er vanavond nog andere mensen aan tafel.

 

    • Bo van Houwelingen & Caroline van Keeken