‘Kunst en commercie zijn één en hetzelfde’

Elk jaar op precies 1 september begint Lee Child, pseudoniem voor Jim Grant, te werken aan een nieuwe aflevering van zijn immens populaire Jack Reacher-thrillers. We kijken even over zijn schouder mee.

Lee Child, in Londen in 2013 Foto Ben A. Pruchnie/ Getty Images
Lee Child, in Londen in 2013 Foto Ben A. Pruchnie/ Getty Images

‘Dit is niet de eerste kladversie, weet je.” Hij had twee woorden getypt: ‘Hoofdstuk Eén’.

„O?” zei ik. „Wat dan wel?”

„Het is de enige kladversie!”

Zoals hij dat zei, klonk hij meer als Jack Reacher – zijn stoïcijns, militair personage – dan als Lee Child. „Als ik iets heb geschreven, dan moet het zo blijven. Het is net zoiets als met een oude foto die ineens opduikt. Daar sta je dan met zo’n afgrijselijk jaren-zeventig-kapsel en een jasje met enorme revers. Het ziet er niet uit – maar zo was het. En dat moet je met rust laten.”

We zitten in de schrijfkamer van zijn appartement aan Central Park in New York, een paar straten noordelijk van waar John Lennon woonde. Child zit aan zijn enorme, metalen bureau, de lange vingers in de aanslag boven het toetsenbord, en staart naar het 27-inch scherm. Het is 1 september 2014, vier voor half drie ’s middags.

Child moest op 1 september beginnen, omdat het op 1 september op de kop af twintig jaar geleden was dat hij, nadat hij zijn baan bij de televisie was kwijtgeraakt en papier en potlood kocht om Killing Floor te schrijven. Sindsdien is hij ieder jaar op diezelfde dag begonnen aan een nieuwe thriller. Het is een ritueel geworden. De teller staat nu dus op Reacher nummer 20.

Big Bang

„De eerste dag is altijd de beste dag”, zegt Child, inmiddels zestig jaar oud. „Omdat je nog niets in het honderd hebt laten lopen. Een fantastisch gevoel.” Hij laat me getuige zijn van de geboorte van een nieuw werk. Het moment van de Big Bang. Ik had geen flauw idee wat er zou gebeuren. Hij evenmin. Hij had niets gepland. „Ik heb geen titel en geen plot”, zei hij. Hij vertrouwde erop dat zijn inspiratie hem de weg zou wijzen. Als een muze. Iets heel elementairs en mythisch, zonder al te veel berekening. Toch had hij wel een vaag voorgevoel van wat er zou komen. „Ik kan het voelen. Het ritme. Het moet hortend worden. Een gesprek tussen jongens van de gestampte pot. Ik moet op zoek naar hun taalgebruik. Tegelijkertijd moet het wel voort hobbelen. Een voorthobbelend ritme. Een voortgaand momentum.”

Ik zat op een soort bankje een paar meter achter hem. Net op het randje, niet echt ontspannen achterover hangend. „Het is Freud op z’n kop”, aldus Child. „Jij zit op de sofa, terwijl je mij analyseert.”

De titel van zijn nieuwe Jack Reacher was de avond daarvoor bij hem opgekomen. „Make Me? Ik weet het niet, het staat nog niet vast. Maar ik mag die titel wel. Stoerdoenerij op het schoolplein. Iemand uitdagen zijn woorden in daden om te zetten. En dan is er ook nog een associatie met iemand in het oog houden, identificeren, volgen. En natuurlijk heeft dat Make Me ook iets erotisch of romantisch.”

Ik kon intussen over zijn schouder meekijken. „Je moet niet vergeten dat ik zo’n titel niet verzin. Reacher is echt. Hij bestaat. Dit is wat hij uitspookt, op dit moment. Daarom kan ik er ook niets aan veranderen – het is zoals het is.”

Een teug

Child stak een nieuwe sigaret op, nam een diepe teug, blies een grote wolk rook uit en legde de sigaret op de asbak. Ik dacht: die rook hoort er helemaal bij. Als bij de show van een illusionist. Rookgordijnen en spiegels. Lee Child was een illusionist die voor één keer het gordijn opzij schoof en zei: ‘Oké, kom maar, dan zal ik je precies laten zien hoe we het doen.’ Zijn geheimen open en bloot op tafel.

Hij tikte op een paar toetsen. „Geen spellingcontrole. En geen grammatica. Moet ik me door Microsoft laten vertellen wat grammaticaal is?!”

Wie niet wil weten hoe de volgende thriller met Jack Reacher in het Engels begint, moet het volgende stuk even overslaan. De eerste zin luidt: ‘Moving a guy as big as Keever wasn’t easy.’

Ik was meteen gegrepen. Het zat hem in ‘Moving’. Onvoltooid deelwoord, werkwoord van handeling. We beginnen met een begrafenis. De roman is nog niet eens begonnen en er is al iemand dood.

Volgens Forbes is het ‘merk Lee Child’ het sterkste merk in de wereld van de fictie. Er zijn meer lezers die hem willen leren kennen, liever dan welke andere auteur dan ook. En ze smachten naar meer Reachers. Het kost Lee Child het grootste deel van het jaar om er een te schrijven. Voor een deel omdat hij veel tijd kwijt is met ‘uitstapjes’, zoals hij dat noemt. Promotiecampagnes voor het boek. In oktober naar Madrid om een literaire prijs op te halen. In november naar de Bouchercon, de jaarlijkse reünie van schrijvers van thrillers en misdaadverhalen van over de hele wereld in Long Beach in Californië. In december een receptie bij de Verenigde Naties.

Harold Pinter heeft ooit eens gezegd: ‘Ik begrijp niet hoe iemand in elkaar zit die wacht op de volgende Lee Child.’ Child wordt neergezet als de anti-Proust. Maar het zal literaire snobs verbazen dat Child niet een soort idiot savant is met een magische formule. Hij neemt zijn schrijverschap uiterst serieus. Hij is een poëet, in de oude Griekse betekenis van het woord poiesis, een maker, een ambachtsman, toegewijd aan zijn kunst, schatplichtig aan de handwerkslieden in de metaalbewerking van zijn jeugd in Birmingham en Sheffield (vandaar Make Me).

Om maar iets te noemen, op 1 september ’s avonds legde hij uit waarom hij een komma gebruikte. Hij voelde de behoefte een komma te zetten in een zin waarin een paar schurken die arme Keever aan het begraven waren. Dat moest de zin een „treuriger, bedachtzamer karakter” geven, zei hij. Het had iets te maken met een perspectief à la Flaubert. Hij werd helemaal in beslag genomen door de „stem”. Nog weer later bekommerde hij zich geruime tijd om het woord ‘onto’ (hij vond het een lelijk woord). Even voor Kerst meldde hij: „Ik heb net een zin van vier woorden geschreven. Ik ben er erg mee in mijn sas.” Een klassiek geval van degree-zero- minimalisme dat doet denken aan L‘étranger van Camus. Meursault met spierballen.

Child heeft een fortuin verdiend met zijn vorm van mythisch realisme. Net zo goed als Reacher half Rimbaud, half Rambo is, zo is Child tegelijkertijd poëet en meedogenloos zakenman. Hij acht dat niet tegenstrijdig. Toen hij een jaar of acht was, leidde de introductie van de Cortina door Ford tot een inzicht dat hem heeft gevormd. „Dat moest de eerst ‘moderne auto’ worden. Er werd beweerd dat ze het stuurwiel keer op keer opnieuw hadden ontworpen, alleen om op de kosten te bezuinigen. De meningen waren bij ons in Birmingham (waar hij opgroeide) verdeeld. We gingen ervan uit dat het waar was. Het stuurwiel was zo’n belangrijk onderdeel van het hele ding. Het meest eigene van de hele auto, eigenlijk. En het was sommige mensen een doorn in het oog dat de commercie het won van het design. De kunstzinnigen moesten niets hebben van commercie. De techneuten moesten niets hebben van kunstzinnige mensen. Maar toen al realiseerde ik me dat kunst commercie is. Ze zijn één en hetzelfde. Het is niet het één of het ander.”

Manmoedig

Toen Personal in september j.l. uitkwam, was het niet alleen nummer 1 op de Engelstalige bestsellerlijsten, de roman verkocht ook beter dan de eerstvolgende tien, vijftien boeken op de lijsten samen. Dat gold onder meer voor Martin Amis’ roman over de Holocaust. Dat vertelde ik een andere schrijver, die even stil bleef. Hij dacht erover na en gaf vervolgens zijn weloverwogen oordeel: ‘Fuck you, Lee Child! Hij was van mening dat Lee Child in wezen alle competitie tot nul reduceerde. Child onderging het manmoedig. „We doen allemaal ons best”, zei hij. „Ik heb geen moeite met hen, als zij geen moeite hebben met mij.”

Hoewel Lee Child een zwak heeft voor epigonen, Amis bewondert en welwillend staat tegenover Julian Barnes en Edward Docx, heeft hij het minder begrepen op David Baldacci. Jack Reacher is een voormalige marechaussee. Hij is een reus. Hij deelt kopstoten uit. John (‘Johnny come lately’) Puller, Baldacci’s terugkerende held van recenter datum, is ook MP. Ook hij is een reus. Ook hij deelt kopstoten uit. „Puller”, snauwt Child, „is jatwerk.”

In een van zijn thrillers komt een personage voor dat Baldacci heet. Reacher breekt hem beide armen. In een andere thriller komt iemand voor die Puller heet, een volslagen idioot. In Persoonlijk wordt Baldacci getransformeerd tot Archibald. Reacher schiet hem door het hoofd. „Wat ik niet begrijp, is dat niemand hem even apart heeft genomen en hem zachtjes heeft toegesproken: ‘Luister, David, je beseft toch wel dat iedereen dit puur plagiaat zal vinden?’ Reacher was er eerder dan Puller – en hij is beter!”

Oude bokser

Meekijkend over zijn schouder, als de papegaai van een piraat, terwijl hij zijn roman schrijft, is een leerzaam voorrecht. Ik vraag me zo nu en dan af waarom hij mij tolereert. Misschien wil hij als deze oude bokser (die een pakje Camel per dag rookt) een toeschouwer voor zijn laatste grote gevecht. „Ik schrijf op de rand van een beroerte”, zegt hij. Maar eerlijk gezegd begin ik te vermoeden dat hij iemand om zich heen wil die het opvalt dat hij bij tijd en wijle een briljante zin van vier woorden produceert. Hij heeft eens een korte lofzang op de democratie geschreven, een acrostichon: de vijf versregels begonnen met de letters O-B-A-M-A. „Het viel niemand op!” klaagt hij.

Kort geleden zette de Amerikaanse uitgever van Child toch vraagtekens bij de titel Make Me. Child vertrok geen spier. „Ik kon niet meer terug. Ik had jou de titel verteld. Je zou de draak met me steken.”