Bijna iedereen op Urk weet wel hoe het is

De kustwacht denkt niet dat viskotter Z-85, sinds woensdag vermist, terugkomt. Gisteren werden twee lichamen uit het Kanaal gevist. Maar op Urk praten ze nog niet over slachtoffers.

De laatste keer dat een Urker kotter verging is meer dan twintig jaar geleden: in 1994. Foto Ilvy Njiokiktjien

Op Urk zeg je niet zomaar dat vissers die niet terugkeren overleden zijn. Ze zijn vermist. En over vermiste mannen hoor je niet meteen te praten alsof ze al dood zijn. Daarvoor is het nog te vroeg.

En dus hangt er geen vlag halfstok bij het gemeentehuis van Urk. Er liggen geen bloemen bij het monument voor de Urker vissers die niet terugkeerden van zee. En de meeste Urkers hebben gistermiddag maar weinig zin om over ‘slachtoffers’ spreken. Stel je voor dat de familie van de vermiste mannen het in de krant leest, zegt een vrouw in een café aan de Urker haven.

Toch rekent de kustwacht er niet meer op dat viskotter Z-85 nog terugkomt. Sinds woensdagmiddag rond drie uur is niets meer vernomen van het schip, met twee Urkers (een man van 29 en de kapitein van 45), een Belg en een Portugees aan boord. Het water in het Kanaal, waar het signaal van de kotter voor het laatst werd opgepikt, is maar negen graden – langer dan twee uur hou je het daarin niet vol. Het was woensdag onstuimig op het Kanaal, zegt Peter Westenberg van de kustwacht, met golven van 2,5 meter.

Twee lichamen gevonden

De kans is dan ook groot dat de twee lichamen die gisteren uit het water zijn gehaald van opvarenden van het Urker visserschip zijn, zegt de kustwacht. Ze zijn naar Frankrijk overgebracht voor identificatie. Er werd gisteren ook een reddingsvest uit het water gevist dat afkomstig is van de Z-85 en aan de Franse kust spoelde een reddingsvlot aan.

Verschillende Urker mannen van een jaar of 70 bespreken het laatste nieuws, terwijl ze schuilen voor de wind en hagel. Ze dragen zwarte mutsen, roken een sigaretje. Natuurlijk hopen ze dat de mannen nog leven, maar zo niet, dan hopen ze toch vooral dat hun lichamen gevonden worden. Want de onzekerheid is vreselijk, weet Klaas Kramer (70). „Ik had ooit een kameraad. Die is dik 1,5 jaar weggeweest. Ze vonden hem terug op Terschelling.”

Bijna iedereen op Urk is ooit geconfronteerd met ‘achterblijvers op zee’. Want bijna iedereen heeft er zelf ooit weleens een neef, vader of opa verloren. Op het vissersmonument in Urk staan 368 namen van mannen die niet meer terugkwamen.

Veel van hen zijn nooit teruggevonden. Niet dat de Urkers daar inmiddels aan gewend zijn, zegt de voorlichter van de gemeente Urk, Simone Mahn. „De impact is er niet minder groot om.” Dit soort gebeurtenissen „grijpt vaak juist in elkaar”, zegt ze. Het confronteert iedereen weer opnieuw met vorige verliezen.

Al gebeurt het wel steeds minder vaak dat schepen niet meer terugkomen. De laatste keer dat een Urker kotter verging is meer dan twintig jaar geleden: in 1994. „In de loop van de jaren is de scheepvaart veel veiliger geworden”, zegt Peter Westenberg van de kustwacht. Schepen zijn uitgerust met geavanceerde navigatiesystemen. Op dat systeem zagen collega’s ook dat de Z-85 weg was. Zij sloegen woensdag alarm.

Simone Mahn denkt dat de Urkers deze dagen goed op elkaar zullen passen. „Urk is een hechte gemeenschap. Urkers zoeken elkaar op. In de kerk wordt er stil bij gestaan.” Burgemeester Pieter van Maaren zei in een verklaring ook dat de saamhorigheid groot is. „Wij vouwen onze handen en bidden om kracht en sterkte.”

    • Geertje Tuenter