‘Angst voor terreur kan voor ons economisch de dood in de pot zijn’

Integratie van moslims begint met werk, vindt VNO-voorzitter Hans de Boer. Maar Ahmed staat 2-0 achter.

Joodse objecten in Amsterdam zoals het Joods Historisch Museum, de Portugese Synagoge en de Hollandsche Schouwburg hebben een permanente politiepost gekregen. ANP

Hoe kijk je naar de terreurdreiging in Europa als je de Nederlandse werkgevers vertegenwoordigt? Angst is slecht voor de economie: mensen kopen minder, investeringen worden uitgesteld. „Het klinkt cynisch”, zegt Hans de Boer, voorzitter van VNO-NCW, „maar er is wel een level playing field. Wij hebben niet méér last van die dreiging dan de Belgen, de Fransen of de Duitsers.”

De andere kant, ook volgens Hans de Boer: „Dit verhaal is niet over drie of vier jaar voorbij, ik denk eerder aan veertig, vijftig jaar. Er is een influx van andere mensen en culturen. Wat er uit Afrika of het Midden-Oosten naar ons toekomt, is een soort volksverhuizing. We moeten een manier vinden waarop we dat kunnen incorporeren in de samenleving en de economie. Om de voedingsbodem voor radicalisering kleiner te maken. Het wordt een zoektocht langs glibberige, kronkelende paden en diepe afgronden. Misschien vallen we er soms in.”

Wat is zo’n afgrond?

„Mensen kunnen er bang en onzeker van worden en dat kan leiden tot dusdanig militant gedrag over en weer dat mensen zich niet meer veilig voelen op straat. Conflicten. Mijn vrouw en ik waren afgelopen zomer in Frankrijk. Op de terugweg waren we in een dorpje waar een feest aan de gang was. De restaurants waren dicht, maar je kon aanschuiven aan lange tafels. We zaten naast een familie uit Parijs, de zoon was politieman. Hij zei: ‘Binnen tien jaar is het burgeroorlog in Parijs.’ Een half jaar later begint het er al verdomd veel op te lijken.

Het kan zo ver gaan dat mensen zeggen: ‘Wij zijn wij, de rest komt er niet bij’. Voor Nederland is dat economisch gezien de dood in de pot.”

Waar was u toen de aanslagen in Parijs werden gepleegd?

„Op onze nieuwjaarsreceptie in Brussel. Ik had hetzelfde gevoel als bij nine-eleven, ik dacht: ‘Dit gaat een onuitwisbare invloed hebben op hoe wij leven.’ In mijn toespraak in Brussel heb ik gezegd: ‘Dit brengt ons weer dicht bij de klassieke motieven voor Europese samenwerking. Eén grote ruimte voor economische groei en vreedzaam samenleven.’

„We moeten het wezen van Nederland behouden: een open en modern land waar democratie, rechtsstaat en fatsoenlijk met elkaar omgaan centraal staan. Investeerders uit andere werelddelen kijken naar Europa en zien: het is niet mis wat daar gebeurt. Dan moet je eruit springen als een land dat echt werk maakt van vrijheid van meningsuiting en gelijke kansen.”

Hoe krijg je dat voor elkaar?

„Er is geen silver bullet als oplossing. Wij gaan als werkgevers over banen en groei en dat is een onmisbaar element in je strategie. Ik ken de beperkingen: er zijn ook jongens met een fatsoenlijke opleiding en een baan die naar Syrië afreizen. Maar voor mij is het zo klaar als een klontje: als Peter en Ahmed nu solliciteren op één vacature, heeft Ahmed het niet gemakkelijk. Jouw vraag is dan: wordt er gediscrimineerd?”

Het blijkt uit bijvoorbeeld SCP- onderzoek: er wórdt gediscrimineerd op de arbeidsmarkt.

„Het zou me verbazen als het niet zo was.”

Maar het ís zo.

„Ja, oké. En nu hang ik. Dan staat er in NRC: voorzitter VNO-NCW zegt dat er wordt gediscrimineerd. Ik zeg: ik kan me er van alles bij voorstellen, maar er wordt ook niet altijd gediscrimineerd. Je kunt met een naam ook gewoon pech hebben: denk aan wat er gisteren in de studio’s van de NOS is gebeurd. Mijn eerste reactie was: je zou maar Tarik heten en vandaag een sollicitatiegesprek hebben. Maar het zal heel regelmatig gebeuren dat als Peter en Ahmed reageren op één vacature, Ahmed twee nul achter staat nog vóór zijn brief op de post is.”

Wat vindt u daarvan?

„Het strookt niet met de open, moderne en inclusieve samenleving die wij willen. Het moet niet.”

Wat doet u ertegen?

„Ervoor zorgen dat er twee vacatures zijn in plaats van één.”

Maar wat zegt u tegen uw leden over discriminatie?

„Het ligt bij ons nooit op tafel. Ik hoor leden ook niet klagen over allochtonen op de werkvloer. Het heeft allemaal te maken met beeldvorming. Die kun je alleen veranderen als mensen aan het werk kunnen gaan en met elkaar communiceren. De arbeidsmarkt is de beste integratiemachine. Die moet je dan niet dichtreguleren met ontslagbescherming zus en een boete-dingetje zo. De meeste nieuwe banen ontstaan bij innovatieve, jonge starters: het hoogopgeleide volkje waarvan je kunt verwachten dat het door een hoofddoekje heen kijkt. Die moet je het niet te moeilijk maken om een Yasmina aan te nemen.”

In uw toespraak op de VU, bij de opening van het academisch jaar, was u niet erg optimistisch over de integratie op universiteiten.

„Ik vind het verontrustend wat ik hoor: dat daar de werelden zo gescheiden zijn. De nieuwe elites van allerlei herkomst moeten elkaar juist zien te vinden. Universiteiten én studenten moeten ermee aan de slag, ze moeten een grote bijeenkomst organiseren en zeggen: hee jongens, wat willen wij samen doen? Maar niet alleen zij, iedereen moet een tandje bij zetten in de omgang met elkaar.”

Zijn er bedreigingen tegen Nederlandse bedrijven?

„Nee.”

Zijn er wel zorgen over?

„Nederland is een doorvoerland en dus relatief kwetsbaar. Wij hebben ook veel bedrijven met buitenlandse vestigingen en die voelen zich verantwoordelijk voor hun mensen. Of het in Rusland is of de Arabische wereld. Die zitten niet te wachten op strapatsen uit Nederland die hun mensen in een onveilige situatie brengen.”

Wat bedoelt u?

„Fitna-achtige dingen. Mijn zus zei laatst: ‘Als ik een buurman heb met een manke poot en ik zeg elke ochtend tegen hem: hee, manke. Dan is na een week onze relatie weg. Dat dóé ik toch niet?’ Moet je dan wel tegen iemand die in Allah gelooft de hele dag lopen zeuren over Allah? Het mag, maar is het wijs? En menslievend?”

Waarom vertelt u dit?

„Je vraag had kunnen zijn: hoe denk je over de vrijheid van meningsuiting? Dan had ik met deze anekdote geantwoord. Ik ben er helemaal voor, maar maak er gepast gebruik van. Ik zit niet te wachten op wie dan ook die van Nederland een plek maakt waar de hele tijd wordt geprovoceerd.”

Bedreigt Geert Wilders het beeld dat u wilt creëren van Nederland?

„Nee. Imagotechnisch helpt het niet, maar hij mag zeggen wat hij wil.”

Hij haalt de ‘strapatsen’ uit waar uw leden niks van moeten hebben?

„Ja. Dat kost banen en dat krijgt hij van mij te horen, ik spreek hem binnenkort. Maar van Wilders maken wij ons sterke punt: wij zijn open, hij mag hier zijn verhaaltje doen.”

U wilt Wilders gebruiken om te laten zien hoe vrij Nederland is?

„Economisch gezien is het van belang dat we open society zijn en ook dat we netjes met elkaar omgaan. Wilders hoort erbij. Maar is het verstandig om elke dag weer over die manke poot te beginnen? Nee.”

    • Petra de Koning