Reinier van Zutphen voorgedragen als Nationale ombudsman

Reinier van Zutphen (1960) is voorgedragen als nieuwe Nationale Ombudsman. Dat heeft de tijdelijke commissie verantwoordelijk voor de benoeming aan de Tweede Kamer laten weten.

Reinier van Zutphen is voorgedragen als nieuwe Nationale Ombudsman.
Reinier van Zutphen is voorgedragen als nieuwe Nationale Ombudsman. Foto ANP / Lex van Lieshout

Reinier van Zutphen (1960) is voorgedragen als nieuwe Nationale ombudsman. Dat heeft de tijdelijke commissie verantwoordelijk voor de benoeming aan de Tweede Kamer laten weten.

Van Zutphen is senior raadsheer en sinds 2012 president van het College van Beroep voor het Bedrijfsleven. Daarvoor was hij van 2007 tot en met 2012 voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Rechtspraak. Verder is hij bezoldigd lid van de toezichtsraad van Reclassering Nederland en Stichting Juridisch Loket Nederland.

Van Zutphen volgt Alexander Brenninkmeijer op als Nationale ombudsman. Sinds 1 januari 2014 was Frank van Dooren al de waarnemend Nationale ombudsman. Naar verwachting stemt de Tweede Kamer voor het krokusreces, dat op vrijdag 13 februari begint, over zijn voordracht.

Van Woerkom

De benoemingscommissie was sinds september op zoek naar een nieuwe ombudsman, nadat de vorige kandidaat, de voormalige directeur van de ANWB Guido van Woerkom, zich had teruggetrokken. Over hem was ophef ontstaan na uitspraken over een Marokkaanse taxichauffeur.

De Nationale ombudsman behandelt klachten van burgers over de overheid, als die er via klachtenprocedures niet zijn uitgekomen. Hij wordt geacht dat onafhankelijk en onpartijdig te doen, samen met een team met zo’n 170 medewerkers.

Van Woerkom trok zich terug als kandidaat omdat hij niet meer boven elke twijfel verheven was. Vertegenwoordigers van de Marokkaanse gemeenschap hadden aangegeven geen vertrouwen te hebben in de ANWB-man.

NRC-journalist en jurist Folkert Jensma verwacht dat er over Van Zutphen weinig controversieels te vinden is:

“Hij is een echte beroepsrechter, en dus professioneel neutraal. Hij is gewend om te luisteren, naar huis te gaan om erover na te denken en er dan een stuk over te schrijven.”

Jensma - die hem vooral kent uit de tijd dat hij het gezicht was van de Nederlandse Vereniging van Rechtspraak - omschrijft Van Zutphen als een “vlotte, toegankelijke man”. Als Ombudsman zal in hetzelfde domein opereren als hij nu doet: tussen burger en overheid.

“Hij is volgens mij altijd werkzaam geweest in de rechterlijke macht. Wat dat betreft heeft hij een zelfde soort profiel als Brenninkmeijer. Als voorzitter was hij uitgesproken, helder en toegankelijk. Hij aarzelde niet om dingen bij de naam te noemen en was gemotiveerd om bij bijvoorbeeld Nieuwsuur en aan debattafels de belangen van de rechtspraak zo vocaal mogelijk te verdedigen. Hij heeft wat dat betreft de gave van het woord in het openbaar. De publieke kant van de Ombudsman lijkt hem op het lijf geschreven.”

NRC-journalist Marcel Haenen was jaargenoot van Van Zutphen op de rechtenfaculteit. Haenen omschrijft Van Zutphen als een “vroegrijpe, corduroy broeken dragende ambitieuze student”.

“Hij werkte als student-assistent van de hoogleraar Inleiding tot de rechtswetenschap van de Erasmus Universiteit Rotterdam Jack ter Heide, een controversiële hoogleraar die voortdurend ruzie had met de overige hoogleraren van de juridische faculteit. Ter Heide en zijn volgelingen golden een beetje als een nogal typische, eigengereide afdeling binnen de faculteit.”