Op ramkoers met Europa, wie gaat het eerst opzij?

De nieuwe Griekse premier Alexis Tsipras legt al meteen zijn eisen op tafel: schuldverlichting en een eind aan de ‘verstikkende’ bezuinigingen die Europa en IMF eisen. De Griekse beurs stortte prompt in. Is een confrontatie nog te vermijden?

Schoonmaker van de Griekse beurs, die gisteren fors kelderde (foto linksboven), de nieuwe minister van FinanciënYanis Varoufakis (linksonder) en een Atheensekiosk met kranten die berichten over Syriza’s zege (rechts).
Schoonmaker van de Griekse beurs, die gisteren fors kelderde (foto linksboven), de nieuwe minister van FinanciënYanis Varoufakis (linksonder) en een Atheensekiosk met kranten die berichten over Syriza’s zege (rechts). Foto EPA, AFP, Reuters

Het waren harde woorden voor een man die zo weinig manoeuvreerruimte heeft als Alexis Tsipras. De nieuwe Griekse premier koos gisteren, tijdens de eerste bijeenkomst van zijn kabinet, voor de confrontatie met de schuldeisers in Brussel en andere hoofdsteden. Tsipras noemde de begrotingseisen die Europa en IMF aan Athene stellen „verpletterend en onhaalbaar”. En kondigde aan te zullen inzetten op „schuldverlichting en een einde aan de verstikkende bezuinigingseisen”.

De regering voegde gisteren meteen de daad bij het woord door de verkoop van de overheidsbelangen in het havenbedrijf van Piraeus en staatselektriciteitsmaatschappij DEI stil te leggen. Maatregelen die door de trojka van Europese Unie (EU), Europese Centrale Bank (ECB) en het Internationaal Monetair Fonds (IMF) geëist waren in ruil voor de ruim 240 miljard euro die Griekenland sinds 2010 te leen heeft gekregen.

Tsipras zei geen dingen die hij niet al tijdens de verkiezingscampagne of daarvoor gezegd had. Maar velen hadden afgewacht of de soep ook nog zo heet gegeten zou worden als Syriza, het linkse blok van Tsipras, eenmaal de macht had. Het zag er gisteren, drie dagen Tsipras’ eclatante verkiezingszege, wel naar uit.

De reacties waren net zo duidelijk. Jyrki Katainen, de Finse vicevoorzitter van de Europese Commissie, zei dat de Grieken „al hun beloftes moeten nakomen”. De Duitse minister van Economische Zaken Sigmar Gabriel herhaalde nog eens dat er geen sprake kan zijn van schuldkwijtschelding. „Als Griekenland van maatregelen wil afwijken moet het daar zelf de kosten voor dragen, in plaats van die naar andere Europese landen te exporteren via een afschrijving.”

Voor de financiële markten waren de uitlatingen van gisteren aanleiding om Griekse aandelen en staatsobligaties te dumpen. De Atheense beursindex versnelde de val die maandag al was ingezet en daalde 9 procent, vooral door de aandelen van banken. De vier belangrijkste banken hebben in twee dagen een kwart van hun beurswaarde verloren. De rente op tienjaarsobligaties steeg tot 10,5 procent.

Beleggers sorteerden hiermee voor op een ramkoers tussen Athene en zijn schuldeisers. Gaat Griekenland inderdaad weigeren de leningen volledig terug te betalen? Vier vragen.

1 Hoeveel heeft Griekenland geleend en hoe zwaar drukt die last op de Grieken?

Vanaf mei 2010 verstrekten de overige eurolanden aanvankelijk 52,9 miljard euro aan Griekenland. De Nederlandse bijdrage bedroeg daarbij 3,2 miljard. Het IMF deed er 20,1 miljard bij. In 2012 kwam er een tweede steunpakket uit Europa, van 143,6 miljard (Nederlands aandeel: 14,6 miljard). Het IMF zegde nog eens 28 miljard toe, waarvan meer dan de helft nog moet worden overgemaakt. Bij elkaar is dat 244,6 miljard euro.

Griekenland heeft volgens het IMF nu een staatsschuld van 317 miljard euro, ofwel 174 procent van het bruto binnenlands product – daarin zitten ook schulden aan private partijen, waaronder banken. Veel economen zijn het er over eens dat er te weinig inkomsten zijn om de rentelasten te dragen. De overheid moet via belastingheffing en bezuinigingen een groot begrotingsoverschot creëren om die rente te betalen. Dit doet de Grieken pijn, zeker in combinatie met de werkloosheid van 26 procent. Tsipras zegt dat hij een humanitaire crisis probeert op te lossen.

2 Er zijn toch al allerlei schuldverlichtende maatregelen geweest?

Ja. De ECB geeft bijvoorbeeld de inkomsten uit de Griekse staatsobligaties die zij tijdens de eurocrisis gekocht heeft, aan Athene. De rente op het eerste leningpakket is flink verlaagd, van de driemaands-Euribor (een variabele rentevoet) plus 3 procent naar driemaands-Euribor plus 0,5 procent. Ook is de looptijd met vijftien jaar verlengd, tot 2041.

De schuldeisers hebben hier geen verlies op geleden. Ze krijgen alleen later hun geld terug, en ze verdienen minder aan rente-inkomsten. Maar de rente die zij zelf moeten betalen op de kapitaalmarkt om het geld te lenen dat zij vervolgens aan Griekenland uitlenen, ligt lager dan de rente die Griekenland aan hen betaalt.

3 Welke opties zijn er nu om Griekenland te helpen?

Tsipras heeft gezegd dat hij kwijtschelding van de helft van de schuld wil. Maar voor veel schuldeisers, Duitsland voorop, is het hele idee van kwijtschelding uit den boze. Laat staan de helft. Voor Nederland zou dat neerkomen op 9 miljard euro.

Mogelijkheden voor zogenoemde ‘herstructurering’ zijn er nog wel. De Brusselse denktank Bruegel heeft er een aantal doorgerekend. Een optie is om de rente op het eerste pakket te verlagen naar alleen de Euribor. Dat zou betekenen dat de eurolanden geen inkomsten meer hebben uit hun leningen aan Griekenland. Het zou Griekenland 6,4 miljard euro aan renteafdracht besparen, ofwel 3,4 procent van het verwachte bbp dit jaar.

Een andere mogelijkheid is de looptijd van het eerste pakket verder verlengen, bijvoorbeeld weer met tien jaar, nu tot 2051. Griekenland zou dan kunnen wachten met geld lenen op de kapitaalmarkt om de leningen aan Europa af te lossen. Die kostenbesparing zou volgens Bruegel kunnen neerkomen op circa 8 miljard euro.

Zo is het ook mogelijk om de looptijd van de leningen uit het tweede pakket te verlengen. Renteverlaging is voor dit pakket niet meer mogelijk zonder dat het de andere landen geld kost. Uitstel van betaling kan in theorie altijd. De meeste leningen uit dit pakket hebben een looptijd van ongeveer dertig jaar. Als die met tien jaar verlengd wordt, kan dit Griekenland 15 miljard aan rente besparen zonder dat het de andere landen geld kost.

4 Zou dit genoeg zijn voor een compromis met Griekenland?

Deze maatregelen bij elkaar zouden Griekenland ruim dertig miljard euro kunnen besparen, maar wel uitgesmeerd over tientallen jaren. Dat zou wat lucht geven, maar dit bedrag kan nooit toereikend zijn voor de vervulling van al Tsipras’ ambities.

Bovendien moet Griekenland momenteel met Europa onderhandelen over geld dat het land de komende maanden op de been moet houden. Op 28 februari loopt het tweede steunpakket af, en moet er een nieuwe overeenkomst zijn om nog aanspraak te kunnen maken op leningen.

De ECB heeft al gedreigd dat de Griekse banken geen toegang meer zullen hebben tot de goedkope bankleningen die zij nu van Frankfurt krijgen als er eind februari geen nieuw programma is. Zonder deze hulp kunnen de banken niet functioneren. Maar ook in deze discussie hanteert Tsipras een geheel eigen lijn. Wat hem betreft is de deadline voor een nieuw programma niet hard, en heeft hij tot juli de tijd om te onderhandelen.