Nóg een conflict in het Midden-Oosten komt niemand goed uit

Israël zegt dode soldaten te willen wreken. Zware vergelding bleef tot nu toe uit.

Een vrachtwagen met het militaire voertuig dat gisteren door een Hezbollah-raket werd getroffen. Twee Israëlische soldaten kwamen daarbij om het leven.
Een vrachtwagen met het militaire voertuig dat gisteren door een Hezbollah-raket werd getroffen. Twee Israëlische soldaten kwamen daarbij om het leven. Foto AP

Aan de retoriek zal het niet liggen. Israël zal de dood van twee militairen vergelden, aldus de Israëlische ambassadeur bij de Verenigde Naties. Wie dit op zijn geweten heeft, zal daarvoor de prijs betalen, zei premier Netanyahu.

De twee militairen kwamen gisteren nabij de grens met Libanon om het leven bij een aanval van Hezbollah met antitankraketten. Israël sloeg terug met artilleriebeschietingen op het zuiden van Libanon, waarbij een Spaanse militair van de VN-vredesmacht omkwam. Een zwaardere Israëlische vergelding hing in de lucht, maar is vooralsnog uitgebleven.

Duidelijk is dat niemand zit te wachten op nog een conflict in het Midden-Oosten. Israël niet, omdat het vorig jaar nog een oorlog in Gaza voerde. Hezbollah niet, omdat het zich in de Syrische burgeroorlog heeft gestort, aan de zijde van president Assad. En de internationale gemeenschap al helemaal niet. Libanon is een van de weinige landen in de regio die nog min of meer stabiel zijn. Het land huisvest 1,5 miljoen Syrische vluchtelingen .

Toch nam Israël anderhalve week geleden een groot risico door een patrouille van Hezbollah aan te vallen op het Syrische deel van de Golanhoogte. Hierbij kwamen zes Hezbollah-strijders om, onder wie de zoon van een in 2008 vermoorde Hezbollah-commandant die is uitgegroeid tot een held. Ook sneuvelden er enkele Iraniërs, onder wie een generaal. Dat kon Hezbollah niet onbeantwoord laten.

Uit alles blijkt dat de actie van gisteren een vergelding was van die aanslag van anderhalve week geleden. Zo is de ‘Quneitra-brigade’, die de aanval van gisteren uitvoerde, vernoemd naar het plaatsje op de Golanhoogvlakte waar de Israëlische aanval plaatsvond. Ook publiceerde Hezbollah foto’s van de raket met daarop de naam van de omgekomen zoon.

De situatie doet sterk denken aan het begin van de oorlog tussen Israël en Hezbollah in 2006. Ook toen was de aanleiding een aanval van Hezbollah op een Israëlische patrouille. Dit escaleerde al snel in een verwoestende oorlog, die aan 1.300 Libanezen, merendeels burgers, en 165 Israëliërs het leven kostte.

Beide partijen denken vooral in termen van vergelding, maar ze weten dat een nieuwe gevechtsronde waarschijnlijk nog veel verwoestender wordt. Defensieanalist Amos Harel verwacht niet dat de strijd deze keer net zo uit de hand loopt als in 2006. In de Israëlische krant Ha’aretz noemde hij de reactie van Hezbollah „gecalculeerd en beperkt”. Door de jaren heen hebben Israël en Libanon een methode ontwikkeld om elkaar te laten weten wat hun ware intenties zijn, meent hij. En die staan los van de retoriek die er wordt geuit. Volgens Harel heeft zowel Hezbollah als Israël zich gisteren ingehouden, een signaal dat geen van beide partijen oorlog wenst.

Hezbollah zou nu beschikken over vijftigduizend raketten, veel meer dan Israël uit de lucht kan schieten. Bovendien zouden ze zo precies zijn dat ze gerichte (militaire) doelen in Israël zouden kunnen bestoken.

Daarbij zijn er over twee maanden zijn verkiezingen in Israël. Als Netanyahu niet reageert, komt hij over als een zwakke leider. Maar als hij Israël een nieuwe oorlog in stort, neemt hij electoraal een groot risico. Hoe dan ook ligt de bal nu bij Israël.