Scheld een deel van de Griekse schuld kwijt

Europa is medeschuldig aan de Griekse crisis. Wie alles eist, krijgt minder. Tsipras hoort gelukkig niet tot de corrupte elite, schrijft Sweder van Wijnbergen.

Illustratie Ruben L. Oppenheimer

En zo is ook werkelijk gebeurd wat al maanden werd verwacht. Premier Samaras moest weg, juist nu Griekenland overeind begint te kruipen na de draconische bezuinigingen en hervormingen die als voorwaarden zijn gesteld voor de gigantische schuldhulp, met desastreuze gevolgen voor werkeloosheid en groei.

Griekenland is door de mangel gehaald om te kunnen doorgaan met financiering van een schuld waarvan weinigen nog geloven dat die in verhouding staat tot wat redelijkerwijs verwacht kan worden aan terugbetalingen van een tot op het bot vermagerde economie. Alexis Tsipras, de jonge leider van de protestpartij Syriza, mag nu proberen zijn verkiezingsretoriek waar te maken. Hij wil een einde maken aan de bezuinigingsdwang die de trojka van Europese Centrale Bank, de Europese Unie en het Internationale Monetaire Fonds heeft opgelegd.

De stem voor een radicaal alternatief is – in tegenstelling tot het beeld wat in de media is gevestigd – geen stem tegen Europa. De meerderheid van de Grieken wil helemaal niet uit de eurozone, en al helemaal niet uit de EU. Dat is ook de lijn van Tsipras zelf. Geen Grexit dus wat hem betreft.

De uitslag is meer een stem tegen de politieke elite die met veertig jaar wanbeleid alle ellende heeft veroorzaakt. Met de weggestuurde Samaras hoeven we geen medelijden te hebben: hij is, ondanks zijn heldhaftige pogingen de ontspoorde Griekse trein weer terug op de rails te krijgen, toch een van de vertegenwoordigers van juist die politieke elite.

De hoofdschuldigen aan de Griekse problemen zijn weliswaar de democratisch verkozen maar overigens corrupte politici achter het wanbeleid, maar dit mag niet verhullen dat ook Europa medeschuldig is aan de problemen in Griekenland. Het Europese beleid in Griekenland heeft uitgeblonken door volslagen economisch onbegrip en smalende retoriek die uitsluitend uit een goedkope scoringsdrift jegens een populistische achterban is te verklaren.

Die retoriek doet geen recht aan het feit dat er veel gebeurd is in Griekenland. Er is een gigantisch overschot op de primaire begroting (voor rentebetaling) opgebouwd, lonen zijn drastisch verlaagd, de productiviteit is hard gestegen, mede dankzij sociaal uitermate pijnlijke ontslagrondes. Er moet nog veel gebeuren voordat Griekenland een moderne, goed functionerende economie heeft, maar dat doet niets af aan het feit dat er al grote stappen in die richting gezet zijn.

Hoe nu verder?

De grote vraag is: hoe nu verder? Premier Tsipras zal op korte termijn met de zo gehate trojka om de tafel moeten, eind volgende maand moet er overeenstemming zijn, wil de laatste tranche van het hulppakket overgemaakt worden. Dat gaat natuurlijk niet lukken, maar die deadline is al eerder verschoven. Als er zicht is op een redelijk compromis kan dat nog wel een keer.

Dit compromis lijkt helemaal niet onhaalbaar. Tsipras’ overwinning biedt ook nieuwe kansen, juist op het vlak waar tot grote irritatie van buitenstaanders Griekenland zo weinig vooruitgang heeft geboekt. Die irritatie betreft de voortdurende schandalig lakse belastingmoraal van de economisch-politieke elite en de daarmee nauw verweven corruptie. Het wegstemmen van premier Samaras biedt nieuwe kansen op een voor Griekenland veelbelovende doorbraak. Tsipras gaat natuurlijk niet krijgen wat hij beloofd heeft: een einde aan alle hervormingen en bezuinigingen. Maar een tandje lager kan wel als Europa eindelijk de realiteit onderkent: de schulden in Griekenland zijn zo hoog dat het eisen van volledige terugbetaling daarvan juist de grootste bedreiging vormt.

Redelijke oplossing

Europa zou het model moeten omarmen dat in de jaren negentig met veel succes toegepast is in de emerging market -schuldencrisis uit die tijd: schuldverlichting in ruil voor het opschonen van de economie. De contouren van een redelijke oplossing worden zo duidelijk. Tsipras krijgt ruimte voor armoedebestrijding, misschien kan hij dramatische ontslagrondes enigszins terugdraaien, maar hij kan juist extra leveren in het afbreken van de bastions van oligarchen die belasting ontduiken, in het opschonen van het door corruptie vergeven overheidsapparaat, in het eindelijk optuigen van een fatsoenlijk functionerende belastinginning. Hiermee wordt ruimte geschapen voor de gewone ondernemer, die het zonder connecties met de elite moet stellen en minder last krijgt van een vijandig, op financieel eigenbelang gericht overheidsapparaat.

Daartegenover zou Europa gezond verstand moeten laten zegevieren: schrijf oninbare vorderingen af en schep daarmee de ruimte voor economisch herstel, waardoor de nog overblijvende schulden ook werkelijk terugbetaald zullen worden. De Nederlandse en Duitse politici die zo hardnekkig vasthouden aan de fictie dat alles terugbetaald moet worden, moeten dat eerlijk uitleggen aan hun kiezers: alles eisen betekent minder krijgen.

Schuldvermindering in ruil voor het eindelijk aanpakken van corruptie, belastingontduiking en verstikkende regelgeving is goed voor de Griekse supporters van Tsipras, en uiteindelijk ook voor de Nederlandse belastingbetalers.