‘De overheid betaalt 80 procent van je studie’

Deze rubriek beoordeelt elke woensdag een bewering op waarheidsgehalte. Deze week een motie op het partijcongres van de PvdA.

Foto ANP

De aanleiding

Eén van de vele moties op het PvdA-partijcongres vorige week ging over collegegelden voor hogescholen en universiteiten. Die zouden lager moeten worden, was de stelling, meer op het niveau van het collegegeld in andere Europese landen. Het partijbestuur ontraadde de motie, want: „In Nederland wordt 80 procent van een studie betaald door de overheid, en 20 procent door de student.”

Dat gaan we checken.

Waar is het op gebaseerd?

Een woordvoerder van de PvdA laat weten welke berekening er is gemaakt. Die begint met de rijksbijdrage: een wo-student is iets duurder dan een hbo-student. Gemiddeld betaalt de overheid 6.650 euro per student per jaar.

Dan de basisbeurs. Een thuiswonende student ontvangt 102,77 euro per maand. Een uitwonende student krijgt 286,15 euro. Nog wel. De basisbeurs wordt afgeschaft. Maar de woordvoerder verzekert dat het geld dat zo wordt bespaard, wordt „geherinvesteerd” in het onderwijs. Daarvoor becijfert hij 2.000 euro per student per jaar.

Ten slotte is er de ov-studentenkaart voor gratis reizen met het openbaar vervoer. Die kost de overheid 1.150 euro per student per jaar.

Totaal: gemiddeld 9.800 euro per student per jaar. Daartegenover staat het collegegeld van 1.906 euro dat elke student jaarlijks betaalt. Dat betekent dat de overheid dan dus bijna 84 procent van de kosten van de studie betaalt. De PvdA gaat daarbij uit van het nieuwe leenstelsel.

En, klopt het?

Komend studiejaar wordt dit nieuwe leenstelsel ingevoerd. Dit betekent dat alle nieuwe studenten die vanaf 1 september 2015 met een opleiding in het hoger onderwijs beginnen hun basisbeurs verliezen. De aanvullende beurs en de ov-kaart blijven wel bestaan.

Omdat we ons afvragen waar die 2.000 euro precies op is gebaseerd, mailt de PvdA-woordvoerder een nieuwe berekening. Het bedrag is gebaseerd op de 920 miljoen euro die de afschaffing van de basisbeurs oplevert (volgens het ministerie). Deel dat door de 503.400 hbo- en wo-studenten die straks geen recht meer hebben op een basisbeurs en je komt uit op 1.827 euro per student.

Wat de student daar voor terugkrijgt, is niet helemaal duidelijk. „Daarbij valt te denken aan intensievere begeleiding, meer contacturen en beloning voor wetenschappers die goed lesgeven”, staat op de website van het ministerie.

De eerste lichting studenten die straks misschien geen basisbeurs krijgt, ziet dat geld niet meteen terug in een sterke verbetering van het onderwijs: daar moeten nog plannen voor worden gemaakt.

En nog een kanttekening. In de berekeningen wordt uitgegaan van studenten die hun studie in vier jaar afronden. Daarna houdt de studiefinanciering op, maar moeten studenten nog wel collegegeld betalen. Gemiddeld doen zij er vierenhalf jaar over, zo blijkt uit cijfers uit 2010. En er zijn nog studieboeken, die niet in de berekening van de PvdA zitten, maar volgens het Nibud jaarlijks 1.008 euro kosten.

Alles bij elkaar opgeteld betaalt de overheid gemiddeld 9.627 euro per student per jaar. De student 2.914 voor collegegeld en boeken. In totaal betaalt de overheid dus 77 procent van de studie.

Conclusie

We checken of de overheid 80 procent van de studie betaalt. We beoordelen de stelling als grotendeels waar.