Warme woorden... Maar waarom?

Zo’n beetje heel de wereld kwam Saoedi-Arabië condoleren met de dood van koning Abdullah. En uit zo’n beetje heel de wereld was er kritiek op al die bezoeken.

foto anp

Op de laatste dag van zijn bezoek aan India zou de Amerikaanse president Obama de toerist uithangen. Maar zijn geplande uitstapje naar de beroemde Taj Mahal werd abrupt geschrapt na de dood van de Saoedische koning Abdullah.

Obama vliegt vandaag linea recta naar Riad om zijn medeleven te betuigen en de banden te bestendigen met de nieuwe koning Salman. En dan te bedenken dat Obama als één van de weinige westerse leiders niet meeliep in de ‘republikeinse mars’ in Parijs na de aanslagen op het satirische weekblad Charlie Hebdo. Tekenend voor het belang dat de Verenigde Staten hechten aan een goede relatie met hun trouwe bondgenoot.

De VS zijn overigens niet de enigen. Na de sobere begrafenis van Abdullah afgelopen vrijdag, die volgens de wahabitische traditie alleen door moslims mocht worden bijgewoond, trekt een lange stoet wereldleiders naar Saoedi-Arabië om de koning de laatste eer te bewijzen. Een kleine greep: Frankrijk stuurde president Hollande, Japan kroonprins Naruhito, Spanje koning Felipe, Egypte president Sisi, Denemarken kroonprins Frederik, Groot-Brittannië prins Charles én premier Cameron, en Nederland koning Willem-Alexander.

In al die landen is ook veel kritiek

Het gewicht van de afvaardiging en de bijbehorende lof voor de overledene hebben in tal van landen tot kritiek geleid. Ook in Nederland: veel politieke partijen vonden dat de delegatie te zwaar was. „Saoedi-Arabië is een dictatuur die bekendstaat om systematische en ernstige mensenrechtenschendingen”, zei GroenLinks-fractieleider Bram van Ojik. „We zijn allemaal Charlie, behalve als het om onze oliebelangen gaat.” Ook in Groot-Brittannië klonk scherpe kritiek van politici en mensenrechtenorganisaties, vooral vanwege het besluit om de vlaggen op overheidsgebouwen halfstok te hangen. „Niemand hangt vlaggen halfstok voor al die mensen die Saoedi-Arabië elk jaar executeert na oneerlijke processen”, zei Kate Allen, directeur van Amnesty International.

„Waarom eert Westminster Abbey [de belangrijkste kerk van het Verenigd Koninkrijk, red.] de koning van een land waar het christendom is verboden?” vroeg Ed West, adjunct-hoofdredacteur van de Catholic Herald, zich hardop af.

Erbarmelijke mensenrechtensituatie

De warme woorden voor Abdullah – Obama prees hem voor „de moed van zijn overtuigingen” – klonken inderdaad nogal hol gezien de erbarmelijke mensenrechtensituatie in Saoedi-Arabië. De staatsgodsdienst is het wahabisme, een ultraorthodoxe interpretatie van de islam die nauw verwant is aan de ideologie van de Islamitische Staat (IS). In Saoedi-Arabië bestaat geen vrijheid van godsdienst, geen vrijheid van meningsuiting, geen democratie. Godslastering en geloofsafval worden met de dood bestraft.

Lijfstraffen zijn in Saoedi-Arabië net zo normaal als in het kalifaat. Alleen al in 2013 werden 79 mensen onthoofd – de Britse krant The Independent vroeg zich af: ‘Wie onthoofdt meer mensen, IS of Saoedi-Arabië?’ In 2012 werd een man zelfs onthoofd wegens „hekserij” (hij had een talisman in zijn bezit), en hij was lang niet de enige.

Sinds de Arabische Lente heeft Abdullah met miljarden dollars en keiharde repressie weten te voorkomen dat de protesten oversloegen naar de grote hoeveelheid werkloze jongeren in eigen land. Het verbod op demonstraties werd nog maar eens bekrachtigd. Niet dat dit nodig was, want op de Dag van Woede die was uitgeroepen in maart 2011 kwam welgeteld één demonstrant opdagen. Saoediërs zijn niet gewend aan straatprotesten. Als ze hun onvrede al laten blijken, doen ze dat eerder via sociale media.

Maar ook dat is niet zonder risico. Honderden politieke dissidenten zijn gearresteerd en veroordeeld tot stokslagen en zware gevangenisstraffen. Veel van dit soort zaken komt nauwelijks in het nieuws. Een uitzondering was de blogger Raif Badawi, die twee weken geleden de eerste vijftig stokslagen kreeg van de duizend waartoe hij is veroordeeld wegens belediging van religie. Hij had gezegd dat liberalisme „een schitterende leus” is.

Hulde voor de hervormer? Hmm...

Abdullah werd door veel wereldleiders geprezen als een hervormer. Christine Lagarde, voorzitter van het Internationaal Monetair Fonds, noemde hem zelfs „een krachtig pleitbezorger voor vrouwen”. Het is waar dat Abdullah enkele voorzichtige hervormingen doorvoerde: zo kregen vrouwen stemrecht, een aardverschuiving in het aartsconservatieve land.

Maar op veel andere vlakken blijft de positie van vrouwen dramatisch. Ze mogen niet reizen, geen bankrekening openen, of zonder toestemming van hun familie of echtgenoot een medische behandeling ondergaan. Vrouwen die niet volledig gesluierd de straat opgaan riskeren geslagen te worden door de religieuze politie. En autorijden blijft verboden, ondanks acties van Saoedisch feministes.

Tanks en militairen tegen protesten

Ook in de regio is Saoedi-Arabië bepaald geen voorvechter van mensenrechten en democratie. Het land reageerde op de Arabische Lente met een regionale contrarevolutie. Toen er in 2011 shi’itische protesten uitbraken tegen het bevriende sunnitische koningshuis van Bahrein, zond Saoedi-Arabië tanks en militairen om de opstand neer te slaan. En koning Abdullah was de eerste die Egyptische generaal Sisi feliciteerde na de staatsgreep tegen president Morsi.

In Syrië speelt Saoedi-Arabië juist een destabiliserende rol. Het steunt het Islamitisch Front, een coalitie van fundamentalistische rebellengroepen die vechten voor de invoering van de sharia, en niet voor de vestiging van een democratische staat. Saoedi-Arabië ziet dit als een cruciaal onderdeel van de regionale machtsstrijd met zijn shi’itische aartsvijand Iran, de belangrijkste bondgenoot van het Syrische regime.

De Saoedische geestelijkheid wakkert de haat tegen de shi’ieten aan, wat ertoe heeft bijgedragen dat Syrië en Irak worden verscheurd door sektarisch geweld. Toch prees premier Cameron koning Abdullah voor „zijn bijdrage aan vrede en voor het versterken van het begrip tussen religies”.

Maar wel een baken van stabiliteit

De reden voor de warme woorden is simpel: Saoedi-Arabië blijft een belangrijke olieproducent, een belangrijke klant van de westerse wapenindustrie (dit jaar heeft het weer 17 miljard gereserveerd voor de aankoop van nieuwe wapens), en een belangrijke bondgenoot van het Westen in de strijd tegen IS. Saoedische gevechtsvliegtuigen bombarderen doelen van de terreurgroep in Syrië en Irak.

Daarbij is Saoedi-Arabië een baken van stabiliteit in een regio die wordt verscheurd door oorlog. Het laatste slachtoffer is het buurland Jemen, waar Al-Qaeda dreigt te profiteren van de opmars van shi’itische rebellen en de totale ineenstorting van de staat. Dat wil het Westen koste wat kost te voorkomen.