Petrobras: symbool voor al het slechte

Petrobras wordt geplaagd door een (politiek) corruptieschandaal. Het bedrijf was een pijler van de Braziliaanse economie, maar wordt steeds meer een blok aan het been.

Vooral groot in diesel en benzine
Vooral groot in diesel en benzine

Met zelfgemaakte grafkisten op hun schouders stampen 150 mannen rond voor de ingang van het hoofdkantoor van het Braziliaanse semistaatsbedrijf Petrobras, in het centrum van Rio de Janeiro. ‘Wij willen ons geld!’, staat op spandoeken. Ze werken voor een bedrijf dat door Petrobras is ingehuurd op het petrochemiecomplex Comperj en krijgen al maanden niet betaald.

Voor wie Petrobras (Petróleo Brasileiro) volgt is dat geen verrassing. Vandaag presenteert Petrobras, het grootste bedrijf van het zuidelijk halfrond, zijn cijfers over het derde kwartaal van 2014. Noodgedwongen. In verband met een onderzoek naar het grootste corruptieschandaal uit de Braziliaanse geschiedenis, operatie Lava-Jato (‘wasstraat’), stelde het bedrijf de presentatie tweemaal uit. Onder druk van morrende crediteuren – die dreigden met een technisch faillissement – komt Petrobras vandaag met de cijfers over de brug.

En die zien er niet best uit. Het bedrijf gaat dit jaar 30 procent minder investeren en schrijft 10 miljard reais (3,4 miljard euro) af, schreef de kant O Globo donderdag op basis van een anonieme bron. Die verliezen zitten in overwaarderingen op vijf raffinaderijen, twee gaspijpleidingen en in het complex Comperj.

Petrobras (86.110 werknemers) heeft een loodzwaar jaar voor de boeg. Het dagelijks groter wordende corruptieschandaal legt een zware hypotheek op het bedrijf, dat ook de mondiaal dalende olieprijzen moet opvangen. Vanwege de nauwe banden tussen Petrobras en de politiek (de staat heeft een belang van 55 procent) maakt het schandaal ook president Dilma Rousseff – die bovendien kampt met aanhoudende tegenvallende economische groei – kwetsbaar. Rousseff begon op 1 januari haar tweede termijn.

Schimmig web

Operatie Wasstraat ontplofte in het voorjaar, toen de federale politie een onderzoek startte naar corruptie binnen Petrobras. Een tussenpersoon – de geldwisselaar Alberto Youssef – en ex-directeur Roberto Costa werden gearresteerd en brachten een schimmig web vol opgeblazen contracten en witwaspraktijken aan het licht.

Al gauw werd de impact duidelijk. Costa vertelde in september gedetailleerd hoe bouwbedrijven 3 procent extra op contracten rekenden en zo enorme hoeveelheden geld in eigen zak staken. En dat twaalf senatoren, 49 federale afgevaardigden en een gouverneur smeergeld aannamen van hoge Petrobras-functionarissen in ruil voor politieke steun. Politici uit alle politieke partijen – inclusief de regerende Arbeiderspartij – zouden daarmee hun verkiezingscampagnes hebben gefinancierd.

Het is voor het eerst dat corruptie in Brazilië op deze schaal zo zichtbaar wordt. Sindsdien buitelen de onthullingen over elkaar heen en breidt het schandaal zich uit als een olievlek op open zee. „Het is een symbolische zaak voor Brazilië”, zei president Rousseff in november tijdens de G20-top in Brisbane. „Dit verandert Brazilië mogelijk voorgoed.”

Wat met zekerheid veranderde, is de marktwaarde van Petrobras. Die kelderde met 55 procent in de afgelopen zes maanden. Het bedrijf had al de grootste schuld van alle olieconcerns ter wereld. Die liep in 2014 op tot 139,6 miljard dollar (124,3 miljard euro).

Ook internationale bedrijven zijn betrokken bij operatie Wasstraat, zoals het Nederlandse SBM Offshore. In het najaar biechtte Pedro Barusco, een voormalige hoge manager, op 18 miljoen euro smeergeld te hebben aangenomen van de Nederlandse maritieme dienstverlener, die al eerder in opspraak raakte wegens een mondiale smeergeldaffaire.

Sinds november loopt er daarom een apart onderzoek naar SBM. Indien schuldig bevonden kan het bedrijf worden uitgesloten voor nieuwe contracten met de Braziliaanse staat – Petrobras incluis. Wanneer de uitspraak is, is onbekend.

In Noord-Amerika dreunt de affaire ook na. De Amerikaanse beurstoezichthouder SEC startte een onderzoek om te zien of Petrobras de Amerikaanse anti-corruptieregels heeft geschonden: veel aandelen worden uitgegeven in New York – en vallen daarom onder Amerikaanse wetgeving.

Oliereserves

Petrobras is zo symbool geworden voor alles wat er slecht gaat in het grootste land van Latijns-Amerika: fraude, slecht bestuur, een kwakkelende economie. En dat terwijl Petrobras tot voor kort juist Brazilië’s trots was, mede omdat de staatsinmenging garandeert dat de overvloedige grondstoffen in handen van het Braziliaanse volk blijven. Opgericht in 1953 groeide het bedrijf al gauw uit tot het grootste bedrijf van het land – en van het continent.

Nog niet zo lang geleden verkeerde het bedrijf in jubelstemming. In 2007 ontdekte Petrobras enorme olievelden voor de zuidkust, weliswaar verstopt onder een dikke laag zout, maar met in potentie de grootste olievoorraad ter wereld. De positie van grootste bedrijf ter wereld lag binnen bereik: 2010 werd afgesloten met een recordwinst van 19,2 miljard dollar (17,1 miljard euro).

Maar de euforie was van korte duur. Tussen 2010 en afgelopen voorjaar kwamen al kleinere schandalen boven tafel. Bovendien raakte het bedrijf in financiële problemen door forse overheidssubsidies op benzine die feitelijk door Petrobras werden betaald.

En nu zitten ruim veertig mensen achter de tralies: hoge functionarissen en bestuurders van Petrobras en bouwbedrijven. Ook president Rousseff is blijvend in beeld. Bewijs dat zij van de witwaspraktijken wist ontbreekt, maar de omkopingen begonnen al toen zij minister van Mijnen en Energie was (2003-2005) en tijdens haar voorzitterschap van Petrobras (2005-2010).

Volgens een rapport van de openbare aanklager zijn de schimmige praktijken al zeker vijftien jaar aan de gang. Naar schatting is ten minste 3,3 miljard euro verduisterd, maar de precieze omvang blijft onduidelijk.

Toch zijn er op het hoogste niveau nog geen koppen gerold. Half december lekte uit dat bestuursvoorzitter Maria das Graças Silva Foster (‘Graça Foster’) al in 2009 via e-mails op de hoogte zou zijn gebracht van fraude binnen het bedrijf. Zij ontkende, noemde de mails „onduidelijk”, maar diende wel haar ontslag in bij president Rousseff.

De president weigerde dit en ook de nieuwe minister van Mijnen en Energie, Eduardo Braga, wilde er niets van weten. „Ik zie geen reden om Graça Foster of een ander bestuurslid te verwijderen”, zei Braga vorige week. „Dit kan veranderen zodra er belastend bewijs opduikt.”

Olympische Spelen

Het recentste en ook meest onverwachte slachtoffer van de omkoopaffaire is de Olympische Spelen die de stad Rio de Janeiro in 2016 organiseert. Duizenden arbeiders werken hard om alle accommodaties op tijd af te krijgen, maar met hun hoge bazen achter de tralies, sluipt er vertraging in. In het kielzog van Petrobras worden steeds meer bedrijven ontmaskerd, waaronder bouwgroep OAS en staalbedrijf Sanko Sider.

Zo suddert de affaire door, met dagelijks nieuws, wekelijks onthullingen en paginagrote verhalen in de kranten. Het vertrouwen van Brazilianen en beleggers in Petrobras is tot een dieptepunt gedaald.

Maar het echte probleem van Petrobras ligt elders, zegt Edmar Luiz de Almeida, onderzoeksdirecteur van het economisch instituut van de Federale Universiteit van Rio de Janeiro. „Dat is de wijze het bedrijf wordt bestuurd”, zegt hij. „De politieke dimensie van dit bedrijf is zo groot, dat het schandaal onderdeel is geworden van partijpolitiek”, zegt hij. „Meer dan goed is voor het bedrijf, en meer dan het bedrijf verdient.”

Almeida constateert bovendien dat Petrobras „te groot is om te falen”. En dat is niet alleen voor Petrobras, maar vooral voor Brazilië een probleem. Als de schuld nog verder oploopt, redeneert de econoom, komt dat ten laste van de reeds stagnerende economie en van de belastingbetalers. „Behalve veel privaat kapitaal zit er veel publiek geld in dit concern.”

Daar komt bij dat de olieprijs voorlopig laag lijkt te blijven. Al doet dat Petrobras op korte termijn goed, meent Adriano Pires, directeur van het CBIE, het Braziliaanse Centrum voor Infrastructuur. „Het bedrijf importeert veel olie uit het buitenland, en die is nu goedkoper.”

Op lange termijn werpt een lage olieprijs echter een extra drempel op voor het herstel van Petrobras. „Diepzeeboringen behoren tot de duurste ter wereld, de grootste olievoorraden moeten nog ontgonnen worden en die liggen onder een dikke laag zout”, zegt Pires. „De winning van die olie is duur, broodnodige investeringen worden nu moeilijker. Dat komt er nog eens bovenop dit jaar.”

Wat de omkoopaffaire Petrobras gaat brengen, durft niemand te zeggen. Of president Dilma Rousseff – die vorige week de inauguratie van de Boliviaanse president verkoos boven het Wereld Economisch Forum in Davos – zich staande houdt, evenmin. Hoewel hij het „gevaarlijk” vindt vooruit te kijken, voorspelt econoom Ameida een woelig jaar voor Petrobras en voor Brazilië. „De bodem van dit schandaal is nog lang niet in zicht.”