Tamminga

Waarom Den Haag zich meer met KLM moet bemoeien

Foto ANP

De stammenstrijd bij Air France-KLM heeft een extra dimensie gekregen. Een politieke. Kamerleden stellen vragen, verantwoordelijk staatssecretaris Wilma Mansveld (PvdA) antwoordt en al doende scheppen zij een nieuwe werkelijkheid. In die nieuwe realiteit wordt het lot van KLM (‘nationaal erfgoed’) niet alleen op de klantenmarkt van de reizigers bepaald, maar ook op de politieke markt.

De politieke inmenging in de strategie en de interne organisatie van de beursgenoteerde Frans-Nederlandse luchtvaartmaatschappij illustreert het gevoel dat de leiding van van de verliesgevende Air France-KLM de regie kwijt raakt.

 

Ga maar rustig slapen

Air France-KLM (bijna 95.000 werknemers) moest eind vorig jaar een bestuurscrisis bij zijn winstgevende dochter KLM bezweren. Zij kampt met een negatief eigen vermogen: de schulden zijn hoger dan de waarde van de bezittingen. Er is ruzie geweest met de Franse piloten. De vakbonden die de belangen van de 30.000 Nederlandse werknemers behartigen hebben zich maanden geleden al schrap gezet toen Camiel Eurlings als KLM-president moest aftreden. En nu is het interne financiële beleid van KLM en moedermaatschappij Air France-KLM inzet van discussie. Tot in de Tweede Kamer. Mag Air France-KLM het kasgeld van KLM naar zich toetrekken?

Het enige dat het concern daar tot nu toe tegenover zet is: er is nog niets besloten. De uitgewerkte saneringsplannen volgen nog. Gaat u allen rustig slapen.

De verrassende ontwikkeling is de tegenstelling die ontstaat tussen een bestaande aandeelhouder van KLM, namelijk de Nederlandse overheid, en een potentiële aandeelhouder, namelijk de gezamenlijke piloten. De piloten hebben via hun vakbond VNV in de cao-onderhandelingen laten weten dat zij wel een loonoffer willen brengen in ruil voor een positie als aandeelhouder, zo meldde Het Financieele Dagblad twee weken geleden. Maar staatssecretaris Mansveld (Infrastructuur en Milieu) die het belang van de overheid van bijna 6 procent van de KLM-aandelen beheert, schreef juist aan de Kamer dat ze eigenlijk geen invloed heeft.

De baas is (niet) de baas

Voor de KLM is het loonoffer van de piloten natuurlijk interessant, dat drukt de kosten. Maar dan moet de rest van het personeel wel meedoen, wil het voordeel aantikken. Of zij dat willen? En, nog een vraag: waarom werken de piloten hier niet samen met hun pensioenfonds? In 1994 stak het pilotenpensioenfonds, omgerekend, ruim 70 miljoen euro in de KLM in de vorm van zogeheten participatiebewijzen, een soort niet beursgenoteerde aandelen. Verder hoefde de KLM toen 21 maanden geen pensioenpremie te betalen. Dat kon het pensioenfonds, dat geleid wordt door vakbonden én de werkgever, toen wel lijden.

Terwijl de piloten via een loonoffer-in-aandelen zeggenschap kunnen krijgen, legt Mansveld in antwoord op Kamervragen omstandig de beperkte invloed uit van de staatsaandelen. Dat is niet overtuigend gezien het doel van het staatsbelang: het Nederlands karakter van de KLM handhaven met het oog op de internationale landingsrechten. Kortom: het staatsbelang is cruciaal voor de positie van KLM, dus maak je niet klein, als je voor de belangen van de overheid, het bedrijf, de werknemers én van Schiphol (een staatsdeelneming) wilt opkomen. Mansveld moet beseffen dat haar standpunt in Franse ogen een rariteit is. In Parijs is de baas de baas, een aandeelhouder heeft macht, maar een politieke aandeelhouder is nog machtiger. Nederlandse zelfrelativering en een weg-met-ons mentaliteit kosten ons KLM als nationaal erfgoed.