Grieks temperament en diepe hartstocht

Demis Roussos (1946-2015)

Wereldwijd verkocht de zanger met zijn ijle falset meer dan zestig miljoen platen. De ‘Walrus of Love’ was de André Hazes van Europa.

Demis Roussos in 1972
Demis Roussos in 1972 Foto Hollandse Hoogte

Met zijn melancholieke zang en breed uitwaaierende melodieën belichaamde Demis Roussous de romantische ziel van de Griekse popmuziek. De zanger, die zondag op 68-jarige leeftijd in Athene overleed aan kanker, werd eind jaren zestig voor het eerst bekend met de groep Aphrodite’s Child. Hits als Rain and Tears en I Want to Live werden later gevolgd door de solosuccessen Forever and Ever en My Friend the Wind. Wereldwijd verkocht Roussos meer dan zestig miljoen platen.

Artemios Ventouris Roussos werd in Egypte geboren als zoon van Griekse ouders, die door de Suezcrisis gedwongen werden naar Griekenland terug te keren. In Athene leerde Roussos gitaarspelen en begon hij beatgroep The Idols. Met toetsenman Vangelis Papathanassiou formeerde hij als zanger/bassist het trio Aphrodite’s Child, dat eind jaren zestig in heel Europa doorbrak met hitmuziek die ook door liefhebbers van progressieve rock hoog werd aangeslagen. In Such a funny night maakte de groep gebruik van psychedelische sirtakiklanken en een stemvervormend effect op Roussos’ ijle falset.

Het conceptalbum 666 ontleende zijn thema aan de Openbaringen van Johannes en wordt beschouwd als een mijlpaal in de progressieve rock, vooruitlopend op de synthesizermuziek waarmee de voornaamste componist van de band, Vangelis, later beroemd zou worden. Platenmaatschappij Mercury weigerde het album in eerste instantie uit te brengen, wegens de vermeende blasfemie en de openlijke verwijzing naar het vrouwelijk orgasme in het nummer Infinity. De dubbelelpee 666 verscheen pas na het uiteenvallen van de band op het alternatieve label Vertigo, waarmee Aphrodite’s Child als popvernieuwer op gelijke voet kwam te staan met Black Sabbath en Colosseum.

In 1971 begon Demis Roussos een solocarrière die hem succes bracht met het breed uitgemeten sentiment van Forever and Ever en het met bouzouki opgeluisterde My Friend the Wind. Later voegde hij ook Duits- en Franstalige hits als Schönes Mädchen aus Arcadia en Quand Je t’Aime toe aan zijn oeuvre. Om zijn omvang – op zeker moment woog hij 150 kilo – en zijn voorkeur voor wijde en bontgekleurde kaftans werd hij het mikpunt van spot voor liefhebbers van de ‘betere’ popmuziek.

In het punkjaar 1977 bracht de BBC de tv-comedy Abigail’s Party, waarin een feestje uit de hand loopt wanneer de gastvrouw haar liefde voor de corpulente seksgod Demis Roussos en zijn muziek uitspreekt. De zanger verklaarde nuchter dat alle aandacht hem welkom was en dat hij blij was dat zijn invloed tot in het hippe Engeland reikte. In zijn eerste succesjaren als solozanger had Roussos naar Londen willen verhuizen, maar dat werd hem door de Engelse immigratiedienst onmogelijk gemaakt. Hij vestigde zich in Parijs en werd een superster in Frankrijk.

Roussos verloor gewicht en werkte mee aan het dieetboek A Question of Weight. Hij maakte platen met Vicky Leandros en het Nederlandse duo Sandra & Andres. In 1995 zong hij het duet On My Own met Rob de Nijs, die gisteren zijn diepe droefenis uitsprak over het verlies van een gewaardeerd collega. Roussos verlegde zijn werkgebied een tijdlang naar new-agemuziek, maar blijft vooral in de collectieve herinnering om de diepgevoelde hartstocht waarmee hij liederen als Spring Summer Winter and Fall en My Only Fascination naar een groot publiek bracht.

Roussos was een André Hazes voor heel Europa; een volkszanger met onvermoede diepte die zijn Griekse temperament in alle talen kon verwoorden. Zelfs degenen die hem oneerbiedig de ‘Walrus of Love’ noemden, moesten buigen voor zijn imposante persoonlijkheid en muzikaal talent.