Leeswijzer

Wat zijn de stokpaardjes en de taboes bij de jaarcijfers?

Foto iStock

Philips. Siemens. Novartis en Pfizer. H&M, Shell en Facebook, allemaal komen ze deze week met jaarcijfers. Waar gaan we veel over horen, en waarover houden bedrijven liever de mond dicht?

Wat zeker langskomt:

1. Prijsverlagingen

Ja, verlágingen. Consumenten zijn er dol op, maar topmanagers en beleggers zien juist lagere inkomsten. Bedrijven zijn meestal ambivalent over het moeten verlagen van prijzen, dus is er veel vraag naar eufemismen. Prijsdruk? Prijserosie?

2. Onzekerheid

Liefst met hoofdletters gespeld. Onzekerheid over de economie. Onzekerheid over technologie, over nieuwe concurrenten. Onzekerheid over terugkeer naar hoge groeipercentages in het Verre Oosten. Onzekerheid over nieuwe regels, vooral als ze in Brussel worden gemaakt, maar in Den Haag concreet worden geschreven. Of Nederlandse politici de regels niet zwaarder willen maken dan de Europese norm.

3. Wisselkoersen

De verzwakking van de euro maakt winsten overzee in Amerikaanse dollars bijvoorbeeld meer waard. Wie niks had gedaan om zich in te dekken tegen valutaschommelingen, plukt het voordeel en kan klein financieel leed onder het tapijt van dit valutavoordeel vegen. Wie fout zat met valuta, staat te kijk, want achteraf wist iedereen natuurlijk hoe het moest.

4. Buitenland

Meer dan ooit merk je dat talloze bekende Nederlandse bedrijven vooral nog Nederlands zijn omdat hun hoofdkantoor hier staat. Kenmerkend voorbeeld: exportkampioen ASML, dat geen enkele chipmachine in Nederland afzet. Voor groei moet je niet in Nederland zijn, niet in Europa zelfs, maar in de VS, Mexico, India en China. Dan gaat het over producten en dochterbedrijven die hier onbekend zijn.

Het is een beetje een bewijs uit het ongerijmde, maar je kunt het belang van het buitenland ook aflezen aan de stroppen en tegenvallers. Het winstalarm van Philips klonk zo hard door ontwrichting in een fabriek in Cleveland (VS). Bouwbedrijf BAM zag zijn winst in het eerste halfjaar van 2014 vrijwel verdampen door onverwachte stroppen in Duitsland en het Verenigd Koninkrijk.

Voordelen zijn er ook: ING liep binnen op een voorbeeldig uitgevoerde beursgang van verzekeringsdochter Voya Financial in New York.

Waarover blijft het stil in de persberichten en presentaties?

1. De fiscus

Multinationals maken zich zeker zorgen over Europese acties tegen onze fiscale attracties. Denk ook aan de innovatiebox, een fiscale regeling die vooral grote bedrijven (KPN, ASML) gebruiken om belasting te besparen, maar die internationaal controversieel is. Met belastingen willen bedrijven niet in de media komen, dus: radiostilte.

2. Arbeidsmarkt

Klachten over de Nederlandse arbeidsverhoudingen. Alleen bedrijven die hier ‘op de grond’ actief zijn, hebben direct belang bij de lokale lonen, sociale lasten en vakbonden. Denk aan PostNL, TNT, KLM, Ahold en grote financiële instellingen.

3. Beursnotering

De beursgenoteerde onderneming oogt als bedreigde diersoort. Van alle Nederlandse bedrijven is maar een fractie aan de beurs genoteerd, al behoren zij wel tot de kanjers en hebben hun investeringen cruciale invloed op de economie.

Maar private-equityfinanciers en familiebedrijven zien de beurs als een marktplaats waar ze hun slag kunnen slaan. Zie de overname van beursgenoteerd softwarebedrijf Exact door private-equityfinancier Apax. En de gretigheid van private-equityfinanciers om de lichtdivisie van Philips te kopen. Het miljardenbod op beursgenoteerd vee- en visvoederbedrijf Nutreco door familiebedrijf SHV. Of de overname van de offshoredivisie van Ballast Nedam door familiebedrijf Van Oord die Ballast financieel wat lucht gaf.

4. Angst voor de banken

Na zes jaar crisis zijn de reserves voor menigeen op. Opgegaan aan verliezen. En daarom kijken de banken over de schouders van de topmanagers mee naar de bedrijfsvoering en hun kredieten. Wie wil daarmee in de krant? Niemand, en de banken zelf zeker niet.