Uitslag Griekse verkiezingen klinkt als een noodkreet

De verkiezingen in Griekenland zijn voorbij, maar nu wordt het pas echt spannend. In de eerste plaats voor Griekenland zelf, maar ook voor de rest van Europa. De grote zege die de kiezers de radicaal-linkse partij Syriza hebben bezorgd, is een uiting van de begrijpelijke frustratie van de Grieken over het harde bezuinigingsbeleid van de afgelopen jaren. Tegelijk hebben ze laten blijken de gevestigde politieke partijen grondig beu te zijn.

Syriza-leider Tsipras zei gisteren dat de kiezers hebben gekozen voor „hoop”. Maar velen hebben vooral uit wanhoop over de huidige situatie een proteststem op zijn partij uitgebracht, in het volle besef dat hoogst onzeker is waartoe dat zal leiden. Stemmen op Syriza was voor hen, zoals NRC-correspondent Marloes de Koning vorige week schreef, „ogen dicht en springen in het diepe”.

Tsipras heeft heel hoge verwachtingen gewekt. Zo heeft hij beloofd dat het nu afgelopen is met de bezuinigingen en dat hij een nieuwe regeling zal bedingen voor de enorme schulden die het land heeft. Maar hoe groot het mandaat ook is dat hij van de kiezers heeft gekregen, op eigen houtje kan Tsipras deze beloftes niet inlossen. Financieel staat Griekenland er nog altijd beroerd voor. Als Tsipras een nieuwe regering heeft gevormd, zal hij toch weer de geldschieters nodig hebben die hij in zijn campagne zo grondig heeft vervloekt. Een uittreden van Griekenland uit de euro kan voor het land rampzalig uitpakken.

Maar terwijl Tsipras in 2012 nog botweg zei dat hij de afspraken met de trojka van EU, IMF en ECB „in de prullenbak” zou gooien, spreekt hij nu – realistischer – over nieuwe onderhandelingen. Tsipras heeft daarbij weinig speelruimte, na die stellige beloftes aan zijn kiezers. Maar de rest van Europa staat evenmin klaar om compromissen te sluiten en afspraken open te breken. Dat is aan de eigen kiezers en belastingbetalers niet makkelijk te verkopen. Zeker niet als Griekenland zichzelf in de geest van Syriza blijft zien als onschuldig slachtoffer van Noord-Europese (Duitse) hardvochtigheid – zonder te erkennen dat de huidige ellende is begonnen met decennia van Grieks wanbeleid.

Europa kan de uitslag van de Griekse verkiezingen niet negeren. De uitslag is behalve het resultaat van een democratisch proces ook een noodkreet van een land waar de werkloosheid tot 25 procent is opgelopen en de verarming hard toeslaat.

De komende tijd zal van de onervaren Tsipras veel politieke stuurmanskunst gevraagd worden, om te voorkomen dat zijn land verder afglijdt en nog meer van zijn geloofwaardigheid verspeelt. Maar het is ook in het belang van de rest van Europa dat hij daarin slaagt.