Ebola: WHO is veel te traag

Eindelijk goed nieuws uit West-Afrika. De ebola-epidemie dooft uit. Toch nog vrij plotseling. Van augustus tot ver in december waren er wekelijks soms wel meer dan 700 nieuwe patiënten. In het nieuwe jaar liep het snel terug. Afgelopen week waren het er 145.

Het kan dus toch, een infectieziekte bestrijden in een land waar de overheid niet functioneert en waar de gezondheidszorg op zijn gat ligt. Het vereist vredelievende militairen die hun logistieke kennis gebruiken om materieel aan te voeren en veldhospitalen op te zetten. En er zijn menslievende verpleegkundigen en artsen nodig die vrijwillig naar gevaarlijk gebied reizen om bij tropische temperaturen in benauwde isolatiepakken zieken te helpen. Met de kans zelf besmet te raken met een virus dat makkelijk doodt, of het leven te verliezen doordat de wantrouwende bevolking zich tegen hulpverleners keert van wie ze denken dat die de ziekte veroorzaken. Dat is afgelopen maanden allemaal gebeurd.

Iedereen weet waardoor het deze keer fout liep: geen overheid, geen zorg, een wantrouwende bevolking. Maar ook: een Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) die veel te traag reageert bij calamiteiten. Virussen wachten niet op Geneefse bureaucraten.

Dit weekend erkende WHO-directeur generaal Margaret Chan in een vergadering van de executive board van de WHO dat de organisatie niet is toegerust om adequaat op calamiteiten te reageren.

Dat is wat Chans critici deze zomer al zeiden. En wat in 2010 al gezegd is over de rol van de WHO toen de Mexicaanse griep uitbrak: „De WHO heeft een dubbele rol, als bewaker van de wereldgezondheidspolitiek en als dienaar van de lidstaten”, concludeerde een commissie toen. Snel reageren op een plotseling opdoemende noodsituatie, dat kan de WHO niet, concludeerde de commissie.

Chan zei gisteren dat de WHO gaat samenwerken met de Wereldvoedselorganisatie (FAO). Die VN-organisatie heeft wel de logistieke kennis en mogelijkheden om snel (voedsel)hulp te leveren.

Nu waren het de VS, Groot-Brittannië, non-gouvermentele organisaties als Artsen Zonder Grenzen en andere VN-organisaties die uiteindelijk de ebolabestrijding op stoom brachten.

Hoe alert de WHO ook wordt: een organisatie die de dienaar is van de lidstaten, is altijd van regeringen afhankelijk. Het loopt mis als die niet meewerken of onmachtig zijn, zoals in Sierra Leone, Guinee en Liberia die herstellende waren van burgeroorlogen. Het bleek jarenlang bij de falende hiv-bestrijding in Zuid-Afrika, bij de sars-uitbraak in China en zelfs bij de recente uitbraak van het mers-virus in het rijke Saoedi-Arabië. Daar ligt het kennelijk gevoelig dat waarschijnlijk de dromedaris een rol in de besmetting speelt.