Diploma’s had de thuiszorgdirecteur niet

Op papier is het toezicht goed geregeld. Maar malafide ondernemers kunnen nog steeds thuiszorg verlenen.

Het is 30 juni 2014 als John Woudenberg het kantoor binnenloopt van de Inspectie voor de Gezondheidszorg in het centrum van Utrecht. Daar heeft hij een kennismakingsgesprek. Zijn net opgerichte thuiszorginstelling TCC Zorg heeft dan al van het CIBG, een orgaan van het ministerie voor Volksgezondheid, groen licht gekregen om te beginnen op de zorgmarkt.

Woudenberg stelt zich voor als verpleegkundige. De inspecteurs weten dan nog niet dat ze de diploma’s waarover hij zegt te beschikken nooit onder ogen zullen krijgen. TCC Zorg heeft de zaakjes niet op orde, blijkt uit het gesprek. Maar dat lijkt niet erg. Woudenberg heeft nog geen klanten, vertelt hij, zijn bedrijf zit nog in de opstartfase.

De inspectie maakt met de thuiszorgdirecteur een afspraak. Zodra hij zorg gaat verlenen, moet hij zich melden. Dan zal een inspecteur worden gestuurd. Een afspraak gebaseerd op vertrouwen, zoals dat volgens de inspectie „altijd” gebeurt met nieuwe toetreders op de zorgmarkt. In het geval van TCC zou dat vertrouwen snel beschaamd worden.

Het bedrijf van John Woudenberg is gevestigd in een rijtjeshuis in Almere, de Seizoenenbuurt. Alle huizen zijn er identiek. Blauwe deuren, blauwe kozijnen. Op het adres staan diverse bedrijven ingeschreven, waaronder een taxi- en touringcarbedrijf dat ook de naam TCC (Travel Care Consultancy) draagt. Van hieruit begint TCC Zorg met thuiszorg.

Volgens de inspectie zijn medewerkers van het bedrijfje tussen juli en september vorig jaar bij zes tot acht mensen over de vloer gekomen. Minimaal, want de inspectie weet niet zeker hoeveel cliënten TCC werkelijk had. Wel zijn facturen gevonden van betalingen door hoofdaannemers voor verleende zorg door onderaannemer TCC. Persoonlijke verzorging, maar ook medisch werk, zoals verpleging.

Met het plaatselijke roc maakt Woudenberg afspraken over samenwerking. Leerlingen kunnen bij TCC terecht voor een werkstage. De afspraak wordt goedgekeurd door erkenningsinstantie Calibris. TCC blijkt de leerlingen in te zetten om zorg te verlenen waarvoor ze niet bevoegd zijn. Ze geven injecties en moeten blaasspoelen – een medische handeling waarbij een vloeistof in de blaas wordt geïnjecteerd. Ook moeten zij soms klysma’s zetten. De medicijnen die TCC Zorg gebruikt worden bezorgd door medewerkers van touringcarbedrijf TCC Travel. Daar zijn regels voor, maar die kent TCC niet. Zorgplannen, verplicht voor thuiszorgcliënten, zijn er trouwens ook niet.

Terwijl TCC al aan het werk is, wacht de inspectie nog altijd op bericht van Woudenberg over de datum waarop het bedrijf start. In augustus en september mailt hij wel dat zijn bedrijf nog niet is begonnen. Nadat oud-medewerkers van TCC Zorg melding maken van misstanden, besluit de inspectie eind september tot nader onderzoek. In november is de inspectie duidelijk dat Woudenberg zich valselijk heeft uitgegeven voor verpleegkundige, en legt hem daarvoor een boete op.

Inspecteurs gaan op 12 december langs bij TCC Zorg. Ze controleren op achttien punten, zoals de aanwezigheid van kwaliteitssystemen, zorgplannen en medicatieveiligheidsprotocollen. Conclusie: „Op geen van de onderwerpen is voldaan aan de voorwaarden voor verantwoorde zorg.”

Woudenberg geeft tegenover de inspectie toe geen enkele kennis te hebben van de wet- en regelgeving voor thuiszorginstellingen. De inspectie vindt dat er „gevaar is voor de patiëntveiligheid”, en meent dat de „kans op gezondheidsschade bij cliënten” zeer groot is. Woudenberg, die tegenover deze krant niet wil reageren, is het er niet mee eens. Hij beweert tijdens het inspectiebezoek eerst dat er nog altijd geen zorg wordt verleend. Geconfronteerd met facturen en ander bewijs geeft hij toe dat hij liegt.

Maar, schrijft hij later aan de inspectie, het klopt volgens hem niet dat leerlingen onbevoegd medische handelingen moesten uitvoeren, en zorgprotocollen zijn in voorbereiding: „Op ieder punt van het inspectierapport zullen wij verbeteringen aanbrengen.” Dat verweer is voor de inspectie onvoldoende. Ze beveelt TCC Zorg op 22 december alle activiteiten te staken.

Na de signalen van de oud-medewerkers trad de inspectie doortastend op, maar ze heeft toch niet kunnen voorkomen dat Woudenberg zijn praktijk begon. Een woordvoerder: „Als deze man zelf ontkent dat hij zorg verleent, kunnen wij pas na signalen ingrijpen.”

Twee jaar geleden scherpte minister Schippers (Zorg, VVD) de regels voor nieuwe toetreders op de zorgmarkt nog aan, juist om misstanden te voorkomen. Dat gebeurde nadat de Volkskrant een eigen verslavingskliniek bleek te hebben kunnen openen – enkel door wat formulieren in te vullen en zich in te schrijven bij de Kamer van Koophandel.

De regels zijn dus strenger geworden, stelt een woordvoerder van het ministerie, maar nog altijd is oprichting van een zorginstelling een papieren exercitie. Juist daarom voerde de minister in dat de inspectie kort na de start op bezoek moet bij zo’n instelling. Schippers tijdens een debat in december 2013: „Ik ben het ermee eens dat je met een papieren toets onvoldoende weet of het in de praktijk goed gaat. We gaan ook nog eens fysiek kijken of men echt goede zorg levert. Dat doen wij binnen vier weken.”

In 2014 zijn, volgens het ministerie, alle 350 nieuwe toetreders tot de zorgmarkt door de inspectie beoordeeld. TCC kwam daar onderuit door te liegen tegen de inspectie.

Binnenkort stuurt de minister een evaluatierapport aan de Tweede Kamer met de resultaten van de ‘fysieke toets’ door de inspectie.