SER positief over individueel pensioen in gedeelde beleggingspot

Foto ANP / Roos Koole

De Sociaal Economische Raad (SER) gaat verder onderzoek doen naar een nieuw pensioenmodel met een individuele pensioenpot die collectief wordt belegd. Dat staat in het ontwerpadvies over de hervorming van het pensioenstelsel dat de SER vandaag heeft gepubliceerd.

De SER heeft in het kader van de nationale pensioendialoog van staatssecretaris Jetta Klijnsma (Sociale Zaken, PvdA) vier pensioenvarianten onderzocht. Ze zijn beoordeeld op de uiteindelijke pensioenopbouw, de aansluiting op maatschappelijke trends, macro-economische effecten en overgangsmoeilijkheden.

Het huidige pensioenstelsel staat ter discussie wegens de crisis van 2008, de vergrijzing en het gegeven dat mensen langer leven, werken en pensioen ontvangen. Ook bleek uit de pensioendialoog dat deelnemers meer transparantie en keuzevrijheid willen. Het pensioenstelsel moet ook aansluiten op de veranderende arbeidsmarkt, zoals flexibilisering en het groeiende aantal zzp’ers.

SER enthousiast over eigen pensioenpot

De analyse van de SER richtte zich op een aantal verschillen: een regeling met een vaste pensioenuitkering (bijvoorbeeld een middelloonregeling of een eindloonregeling) of juist een gericht op kapitaalopbouw, meer of minder keuzevrijheid en meer of minder collectiviteit en risicodeling.

De SER noemt het ‘persoonlijk pensioenvermogen met collectieve risicodeling’, dat de SER verder gaat onderzoeken, nieuw en interessant. Hierbij hebben deelnemers een eigen pensioenpot die collectief wordt belegd om de risico’s te delen. Deelnemers kunnen kiezen uit verschillende beleggingsrisico’s, bijvoorbeeld minder risico naarmate ze ouder zijn en dichter op hun pensioen zitten. Mensen kunnen ook kiezen uit een vaste pensioenuitkering met veel zekerheid of juist een flexibele uitkering die meebeweegt met beleggingsresultaten. De huidige doorsneepremie (premie als vast percentage van het salaris) wordt losgelaten. Werkgevers en werknemers maken in het cao-overleg afspraken over de hoogte van de premie en de collectieve risico’s.

In Zwitserland en Denemarken bestaan praktijkvoorbeelden van regelingen gebaseerd op persoonlijk pensioenvermogen met verplichte risicodeling, schrijft de SER. Hier bouwen werknemers via hun werkgever pensioen op, net als in Nederland, maar gaat dit via individuele en collectieve arbeidscontracten.

SER onderzocht meerdere varianten

De drie andere varianten die de SER heeft onderzocht zijn:

  • een ‘uitkeringsovereenkomst met degressieve opbouw’ (geen doorsneepremie, jongeren bouwen relatief meer pensioen op dat langer kan renderen)
  • een nationale pensioenregeling (behoud doorsneepremie, verplicht voor alle werkenden in Nederland)
  • een persoonlijk pensioenvermogen met vrijwillige risicodeling (maximale keuzevrijheid in bijvoorbeeld pensioenfonds, maandelijkse inleg, beleggingsrisio’s, hoogte uitkering)

Het kabinet komt tegen de zomer met een rapport waarin een aantal mogelijke beleidsrichtingen voor de hervorming van het pensioenstelsel staan.

Vakcentrale voorzichtig positief

De Vakcentrale voor Professionals (VCP) reageerde vanochtend positief op de individuele pensioenvariant die de SER verder gaat onderzoeken. De vakcentrale vindt het positief om wel risico’s te blijven delen om ‘pech- en gelukgeneraties’ te voorkomen. Volgens de VCP wordt in het advies ook duidelijk onderbouwd dat meer keuzevrijheid voor deelnemers risico’s met zich meebrengt en dat het pensioenkapitaal niet zomaar voor de eigen zorgbehoeften en hypotheekaflossing kan worden aangewend.