Laat activisten in toerisme snoeien

Toerisme betekent ook business, maar burgers moeten voorkomen dat die het gewone leven overwoekert, waarschuwt Adjiedj Bakas.

Onlangs vroeg een Amerikaanse bezoeker in Brugge mij: „Hoe laat gaat het hier dicht?” Brugge was een soort pretpark, dacht hij. De trend van ‘verpretparking’ van binnensteden doet zich niet alleen voor in Brugge; Marente de Moor beschrijft ‘m hiernaast voor Maastricht. Een trend overigens, die lang niet altijd in goede aarde valt bij de bewoners van die steden.

Elke stad heeft diverse economische pijlers en knopen nodig om voldoende aantrekkelijk te blijven voor de eigen bewoners. Alleen dreigt recreatie zo dominant te worden in sommige steden dat andere economische knopen instorten. Zoals een klimop andere planten overheerst en uiteindelijk doodt, zo doodt recreatie andere economische knopen. Hoe vallen de toeristenstromen wel in goede banen te leiden?

Volgens UNWTO, de Wereld Toerisme Organisatie, zwermden er in 2014 ruim 1,1 miljard internationale toeristen over de wereld. Dit aantal zal jaarlijks met 3,3 procent stijgen, naar 1,8 miljard sightseeënde en selfies nemende toeristen in 2030.

Stedentrips maken praktisch altijd onderdeel uit van de reisplannen. Dat betekent een behoorlijke economische impuls voor die steden. New York trekt jaarlijks ruim 50 miljoen toeristen en verdient daar een kleine 33 miljard dollar aan. Dat betekent, naast hogere omzetten voor hotels, winkels, theaters en musea, veel extra werkgelegenheid. Logisch, dat stadsbesturen de loper uitnodigend uitrollen voor de massaal toestromende citytrippers.

Wat er gebeurt als toerisme uit de hand loopt , zien we in Venetië. Dagelijks dwalen gemiddeld 80.000 toeristen door het oude centrum. Ter vergelijking: er wonen nog maar een kleine 60.000 mensen in Venetië, tegenover 175.000 kort na de Tweede Wereldoorlog.

De autochtone bevolking trekt onder meer weg omdat het centrum te duur en te eenzijdig is geworden. Huizen en appartementen worden verkocht aan rijke buitenlanders, huren stijgen explosief en winkels bieden alleen souvenirs en peperdure merkartikelen aan – geen levensmiddelen. Voor ondergoed moeten Venetianen hun stad uit, want de laatste winkel die ondergoed verkocht, sloot tien jaar geleden. Voor jongeren is er buiten het toerisme bijna geen baan te vinden.

Inmiddels strijden de Venetianen in actiegroepen tegen de pretparkisering van hun stad. In de documentaire I love Venice, van Quirine Racke en Helena Muskens, zien we hen demonstreren tegen de huizenhoge cruiseschepen die Venetië dagelijks aandoen. Of betogen voor het behoud van het laatste ziekenhuis, want aan een dergelijke voorziening heeft het massatoeristische monster geen behoefte.

De Venetianen staan overigens niet alleen in hun strijd: Unesco waarschuwt dat de stad wel eens van de Werelderfgoedlijst kan verdwijnen, als het op geld beluste stadsbestuur haar blijft uitverkopen aan de toeristenindustrie.

In Marrakech, waar ik net was, dreigt hetzelfde te gebeuren: de stad wordt te duur voor Marokkanen, te veel mensen persen zich op brommertjes door de smalle straatjes van de oude binnenstad, de authenticiteit vermindert, het hele leven van de bewoners komt in dienst van het toerisme te staan en de verpretparking rukt op.

Massatoerisme is een melkkoe die door veel gemeentebesturen alle ruimte wordt gelaten. Neem Barcelona, een stad met 2 miljoen inwoners en 7,5 miljoen toeristen per jaar. Ondanks felle protesten van inwoners, die de leefbaarheid in hun stad met rasse schreden terug zien lopen, wil het stadbestuur het aantal toeristen laten doorgroeien naar 10 miljoen bezoekers per jaar. De sector zorgt in Barcelona voor 15 procent van het bbp, en in tijden van economische tegenwind is dat voor bestuurders geen onbelangrijk gegeven.

Het bedrijfsleven zorgt voor de rest. Budgetluchtvaartmaatschappijen krijgen nu concurrentie van nog goedkopere busmaatschappijen die ook citytrips aanbieden. En er wordt door budgetairlines al nagedacht over gratis toeristenvervoer naar steden, in ruil voor een percentage van de toeristenbelasting die de gemeente dan gunt aan de vliegtuigmaatschappij.

Nu de middenklasse in Europese steden verarmt (in Duitsland is de middenklasse al met 5 miljoen mensen gekrompen, volgens het Rode Kruis), zullen nog meer stedelingen hun huis of kamer verhuren, om extra inkomsten te genereren. Via AirBnB wordt iedereen hotelier. De verpretparking van historische binnensteden zal alleen maar toenemen.

Het schrikbeeld van Venetië en in mindere mate Barcelona, is relevant voor toeristensteden als Maastricht, Amsterdam en Brugge. Wat te doen? Een idee is om toeristen alleen op reservering toe te laten, om zo het bezoekersaantal te kunnen beheersen en het toerisme over het jaar heen te verspreiden. Bhutan pakt het op deze wijze aan. Dit Himalaya-koninkrijkje laat een beperkt aantal toeristen toe, omdat de overheid niet wil dat het land, net als Nepal, wordt overspoeld door reizigers. Schaarste doet prijzen stijgen; vakantie vieren in Bhutan is dan ook duurder dan elders. Het werkt en zou een idee voor onze steden kunnen zijn.

Een ander idee is om andere economische knopen te stimuleren. Maastricht zou de campus van de universiteit versneld kunnen ontwikkelen met een reeks start-ups, zodat die economische knoop sneller groeit, sneller meer werk genereert en voorkomt dat de stad door de recreatieklimop overwoekerd wordt. Want als er alleen banen in recreatie zijn, trekken andersgetalenteerden weg, zoals je ook in Venetië ziet.

Activistisch burgerschap zou ook een rol kunnen spelen in het terugsnoeien van de massatoeristische klimop. Als de inboorlingen van Maastricht, Den Bosch en Amsterdam beseffen dat de verpretparking leidt tot minder supermarkten, minder zorgaanbod, minder scholen en minder banen in andere sectoren dan recreatie, zullen ze beseffen dat ze de verliezers van de toekomst zijn en ingrijpen. Want de Nederlandse handelsman weet dat pennywise, poundfoolish onverstandig is.

Wat ook helpt is de opkomst van nieuwe toeristensteden, zoals het tot voor kort vervallen Manchester, en straks wellicht ook Rotterdam. Daardoor spreidt het toerisme zich over meer steden. Gewenning aan een zekere mate van verpretparking van steden, gekoppeld aan initiatieven om de recreatie niet geheel de overhand te laten krijgen – dat wordt de toekomst. Burgers kunnen deze trend sturen door agenda van de lokale politiek te bepalen.

Werkt dat niet? Dan kunnen burgers een lokale partij oprichten die dit thema claimt. We zien de rol van lokale partijen toenemen, en dit thema leent zich bij uitstek voor activistische politiek.

Maar we moeten niet uit het oog verliezen dat de verpretparking ook business betekent. Ten slotte maakt de verloren textielindustrie in het vervallen Manchester nu een revival door, omdat er authentiek textiel voor de toeristen wordt gemaakt.