‘Het grootste gevaar is dat je slaaf van je eigen winkel wordt’

Walter Kelders (49) en Roland de Jong (50) hebben bloemenwinkel Walter & Roland in Laren. „Walter is een celebrity, dat is gewoon zo, klaar. Daarom staat zijn naam als eerste op de gevel.”

Walter (links): „Laatst deden we een huwelijk in Turkije, toen heeft Roland zelfs het bruidspaar getrouwd.”
Walter (links): „Laatst deden we een huwelijk in Turkije, toen heeft Roland zelfs het bruidspaar getrouwd.” Foto David Galjaard

De bloemen voor Koffietijd

Walter: „Ik zit al dertig jaar in de bloemen. Mijn vorige zaak heb ik dertien jaar geleden verkocht, toen mijn toenmalige partner is verongelukt. Ik hoefde niet te bewijzen dat ik het alleen ook kon, het was iets wat we samen hadden opgebouwd. Maar na een tijdje ging het toch weer kriebelen.”

Roland: „Zeven jaar geleden werden we partners. We kennen elkaar van een feestje.”

Walter: „We leveren veel aan tijdschriften. Kerstitems, voorjaarsitems. En ik doe ook iedere maandagochtend de bloemen voor Koffietijd. Het is begonnen als bloemenwinkel, maar we hebben er zoveel meer omheen. Van het organiseren van een verjaardagsfeest, tot een huwelijk of een bedrijfsevenement. Van het maken van de kaart tot het meedenken over locatie, bloemen, cateraar. Hapjes bedenken, dat doen we ook.”

Roland: „Ik verhuurde mezelf al als event manager. Walter deed ook al evenementen, maar dan vooral de bloemen en styling.”

Walter: „Als ik met mensen in gesprek was over de bloemen, dan raakte ik enthousiast. Heb je hier ook aan gedacht, vroeg ik dan. En voor ik het wist was ik een heel feest aan het organiseren.”

Roland: „Op zondag gaan we wel eens naar mensen toe. Kom, even een bloemetje uit de winkel pakken, zegt Walter dan. Maar op zondag hoef ik de winkel echt niet te zien. Gewoon niet. Ons sociale leven speelt zich veel thuis af. Voor mij ook in de kroeg. En voor hem in de sauna.”

Walter: „Warm en rustig.”

Roland: „Ik ben wat meer van eruit. Even lekker naar Amsterdam, de kroeg in met vrienden. Ook al loop ik eigenlijk op mijn tandvlees. Het geeft me heel veel energie om even iets heel anders te doen dan mijn klanten te pleasen.”

Twee keer per jaar dicht

Roland: „Walter is de bloemist. Ik ben meer van de organisatie eromheen. We hebben veel mensen die wekelijks bloemen bestellen. Die bezorg ik. Om zes uur gaat de winkel dicht. Maar we zitten hier ook wel eens tot zeven. We zijn geen postkantoor. Het grootste gevaar is dat je slaaf van je eigen winkel wordt. Ik word over twee weken vijftig. Wat wil je hebben, vroeg Walter. Vrije tijd, zei ik. Twee keer per jaar doen we de winkel een week dicht. Vaker kan niet. Freelancers alles laten doen, dat wordt heel kostbaar.”

Walter: „En je hebt ook veel mensen die echt voor Roland of mij komen.”

Roland: „Mensen komen binnen en zeggen: Walter weet het wel, het is voor die groene vaas op de blauwe kast. Walter is een celebrity, dat is gewoon zo, klaar. Daarom staat zijn naam ook als eerste op de gevel. Het is wel eens lastig.”

Walter: „Je houdt elkaar een spiegel voor. Niet door dingen aan te halen, maar doordat je ziet hoe iets gebeurt. Ro denkt: om zes uur is het genoeg. Als we een half uurtje doorgaan, dan is het klaar, zeg ik dan. Dat kan, ja, een dingetje zijn.”

Roland: „Die tomeloze energie die heb ik niet, dan haak ik af. Ik weet nu dat ik hem dan het beste nog even alleen kan laten werken.”

Walter: „Soms loop ik door de winkel om op te nemen wat er morgen moet gebeuren. Dan kan ik nog een beetje schaven. En dat geeft mij weer rust.”

Het is niet protserig

Walter: „Huwelijken, die doen we samen. Voor het huwelijk van Jeroen van de Boom in Spanje waren we zo’n drie, vier dagen op locatie. Op zaterdag kwam de vrachtwagen met bloemen uit Nederland aan, kon ik beginnen. Roland kwam een dag later en heeft de verdere organisatie op zich genomen. Laatst deden we ook een huwelijk in Turkije, toen heeft Roland zelfs het bruidspaar getrouwd.”

Roland: „Nu zit er waarschijnlijk een huwelijk in Italië aan te komen. Walter moest pas een huis in Spanje afstylen. Dan vliegt hij in een dag op een neer. En toen de vader van een andere klant in Zwitserland overleed – ja, de bloemen daar zijn shit – werd Walter weer ingevlogen.”

Walter: „Het gaat er niet om de ceremonie een champagne-kaviaar-gevoel te geven. Deze mensen vinden het gewoon belangrijk dat alles in harmonie wordt afgestemd. Heel veel dingen die wij doen zijn ook heel puur. Het is niet protserig.”

Glaasje champagne

Roland: „We hebben een winkel van 110 vierkante meter, met meer dan vijftig leveranciers. Dat is heel veel. En als je bij zo’n bedrijf bent en er zijn 50.000 artikelen, ga dan maar eens bedenken: wat gaan wij dit jaar bestellen.”

Walter: „Maar, we hebben er ook lol in. We gaan zo’n heerlijke showroom in en tijdens de lunch bespreken we dan dingen. Een glaasje champagne, dan word je wat losser en dan gaan we samen bestellen.”

Roland: „Buitenlandse beurzen doen we samen. Op maandag doe ik de rest.”

Walter: „Het vreet tijd.”

Roland: „God, hadden we maar een kledingzaak, zeg ik wel eens. Met een winkel met dagverse producten ben je nooit klaar.”

Walter: „Je moet toch elke dag weer zorgen dat het spannend uitziet.”

Roland: „Het moet gewoon goed zijn, onze naam staat erop!”