Geloven in God is volstrekt gestoord

Het satirische programma Zondag met Lubach krijgt nieuwe afleveringen, zo werd deze week bekend. Verwacht grappen over ondergesneeuwde onderwerpen. Onno Hoes is te gemakkelijk.

Foto Andreas Terlaak

Pril begin

„Ik was ontzettend blij toen ik hoorde dat we nieuwe afleveringen mogen maken, en tegelijk een beetje angstig. Het is zo snel. We zijn net twee weken klaar en over een maand zijn we weer op televisie. Ik dacht, als we mazzel hebben kunnen we misschien in mei verder. Nu maken we er zes in februari en in het najaar nog eens twaalf. Het wordt weer een heftige tijd. Dinsdagavond schrijven we de eerste ideetjes op, woensdag brainstormen we, dan keihard schrijven en zondagmiddag zijn de opnames. Gelukkig kunnen mijn vaste schrijvers meewerken: Tex de Wit [Comedytrain], Diederik Smit [De Speld] en schrijver Jonathan van het Reve. En Edo Schoonbeek [de Kwis, Buro Renkema] komt erbij. We zijn met met zo’n vijftien mensen, zonder camera en techniek en zo. Het Amerikaanse satirische tv-programma The Colbert Report heeft 140 werknemers. We staan ook nog maar aan het prille begin hè. Toen Stephen Colbert na tien jaar stopte had hij 1.024 shows gemaakt. Wij hebben er nu acht. Acht hè. Dat is nog niks.”

Thriller

„Ik was alweer een beetje muziek aan het maken en aan het schrijven. Ik werk nu aan twee boeken. Dat moet ik dus allemaal weer uitzetten in mijn hoofd, wat best een ingewikkeld proces is. Dat duurt even bij mij. Niet dat ik getwijfeld heb, dit zijn kansen die moet je grijpen. Ik doe dit presenteren gewoon zolang ik het leuk vind, wie weet wil ik het over een paar jaar niet meer. Dat kan. Ik vind het altijd zo grappig als je leest over vergane tv-sterren. Alsof iemand gefaald heeft. ‘Waar is die-en-die?’, wordt er dan gevraagd. Nou, gewoon waar die altijd al was: thuis. Alleen rijdt hij niet meer naar een studio en zet er niemand meer een camera aan.”

Mohammed

„Humor op tv is óf grappig óf pijnlijk. Bij een talkshow kun je nog zeggen dat het een saai gesprekje was, maar als je vijf minuten zit te kijken naar iemand die grappen maakt die niet leuk zijn… Dat kan niet. Voordat ik met de eerste serie begon heb ik gezegd dat je zelfs over MH17 grappen kan maken. Dat vind ik nog steeds, de aanslagen in Parijs hebben daar weinig aan veranderd. Ik heb het echte dilemma nog nooit gehad. Ik heb nooit gedacht: nu wil ik eigenlijk graag een rare Mohammed afbeelden. Kijk, een grap maken over Mohammed is nu een grap maken over het feit dat je geen grap mag maken over Mohammed. Meteen een statement. Daar komt bij: met het keihard stelling nemen, bestrijd je ook weer niet per se het kwaad. Het is niet zo dat zo’n gast terugkomt uit Jemen, mij op tv ziet en dan denkt, wacht eens even, die Lubach heeft een punt.”

Twitter

„Het humoraanbod is door Twitter veranderd. Twintig jaar geleden kon je nog een grap verzinnen en denken, wauw, dit is geniaal, terwijl veel mensen dat misschien al bedacht hadden. Maar als je Twitter aanzet, kun je urenlang alle grappen en woordspelingen zien langskomen. Twee dagen na het aftreden van Onno Hoes zaten we te brainstormen en dachten: we doen helemaal niets met Hoes, wij doen iets met het ICT-debacle van de overheid. Wij kiezen vaker onderwerpen die ondergesneeuwd raken, dat is het spannendst.”

Slimme Schemer

„Ik heb Zweeds gestudeerd, Spaans en filosofie, maar niets afgemaakt. Ik zag het als een soort bezigheidstherapie. Van huis uit was het vanzelfsprekend dat ik naar de universiteit zou gaan. Mijn vader is hoogleraar in Groningen, mijn broer is advocaat en mijn moeder gaf jeugdrecht. Dus ik dacht dat het moest. Maar ik wachtte op iets, ik weet niet wat. Ik dacht: ik ontmoet iemand, ik schrijf iets, of ik ga naar het buitenland. Toen scoorde ik ineens een top-40 hitje met Janine Abbring. Het was Jelle van Slimme Schemer, een parodie op Stan van Eminem en Dido. Het stond maanden bovenaan in de top veertig. Het gaf me bovenal het vertrouwen dat ik geld kon verdienen met mijn creativiteit. Het is zelfvertrouwen. Als ik er zelf al niet in geloof wordt het nooit wat.”

Gepest

„Mijn moeder overleed toen ik twaalf was. Dat was een ellende. Zeker ook op school. Ik werd gepest. Ze overleed in oktober en ik zat net een maand in de brugklas met allemaal nieuwe kinderen en toen ik terugkwam waren die jongens allemaal vriendjes geworden. Ik was die jongen met die dode moeder. En later die jongen met de slechte cijfers. Op een gegeven moment werd ik het pispaaltje. Toen dacht ik, ik laat mezelf zitten. Het jaar erop ging het beter. Ik weet niet of het overlijden van mijn moeder nu nog veel impact heeft. Het is het decor van mijn leven. Ach, er zal best wat zijn. Ik heb nooit heel lange relaties gehad. Als ik met een psycholoog zou praten dan zal hij vast binnen tien minuten zeggen dat het komt door mijn moeder. Dat kan ik zelf ook wel bedenken. Maar goed, ik zie mezelf niet als het slachtoffer van de dood van mijn moeder. Maar ongetwijfeld heeft het invloed.”

Religie

„Ik heb weinig coulance voor mensen die domme dingen of onwaarheden zeggen. Religie bijvoorbeeld – volgens sommigen mijn stokpaardje. Ik kan er gewoon niet bij dat weldenkende mensen in een god kunnen geloven. Dat ze slim zijn maar alsnog denken dat zij tot de lucky few behoren die de waarheid in pacht hebben over een of ander opperwezen dat hen beschermt. Dat vind ik echt volstrekt gestoord. Ik ben wel gelovig opgevoed. Gereformeerd. Maar rond mijn dertiende begon ik vragen te stellen en brokkelde het langzaam af. En toen was er alleen nog maar een soort medelijden met mijn moeder die dacht dat ze haar vader weer zou ontmoeten. Het is schrijnend als je bedenkt dat je iemand nooit meer zal zien. Dat is waarom geloof bestaat: angst, onwetendheid en de hoop dat je een overledene ooit terugziet. Ik benader het liever rationeel.”