En jij denkt dat je scheiding goed is geregeld?

De meeste stellen die uit elkaar gaan, leggen afspraken vast in een ‘convenant’. Dat is goedkoper en sneller. Maar het leidt ook vaak tot vervelende financiële verrassingen.

Illustratie XF&M

Het is weer die tijd van het jaar. In de maand na de feestdagen loopt het altijd storm bij advocaten, mediators en financieel adviseurs die mensen helpen scheiden. Niet raar, vindt Rob van Coolwijk van advocatenkantoor SliepenbeekVan Coolwijk in Eindhoven. „Dan zitten ze thuis onder die opgetuigde kerstboom, kijken naar hun man of vrouw en denken: ‘Hou ik dit de rest van mijn leven nog vol?’”

Ongeveer 80 procent van de stellen die besluiten om te scheiden, stelt een convenant op. Daarin leggen ze onderlinge afspraken over kinderen, geld en goederen vast. Die manier van scheiden – goedkeuring door de rechter is daarbij meestal niet meer dan een formaliteit – is steeds populairder.

Het heeft ook veel voordelen om het zo te doen. Van Coolwijk, tevens voorzitter van de Vereniging van Familierecht Advocaten en Scheidingsmediators (vFAS): „De scheiding regelen in een convenant is meestal veel goedkoper en gaat sneller.” Ook voorkomt het vaak dat de bestaande spanningen en conflicten tussen echtelieden oplopen en zijn „allerlei creatieve oplossingen en financiële afspraken mogelijk, die de rechter niet kan bedenken”.

Tenenkrommende adviezen

Juist dit laatste brengt mensen óók regelmatig in de problemen. Voor convenanten worden steeds vaker complexe fiscale en financiële constructies opgetuigd voor de betaling van alimentatie en hypotheek, of de verdeling van geld en pensioen. Lang niet iedereen die zo’n convenant ondertekent, snapt welke consequenties de gemaakte afspraken hebben voor zijn netto-inkomen.

Dat kan leiden tot onaangename verrassingen in de jaren na de scheiding. Bijvoorbeeld als je onverwacht moet afrekenen met de Belastingdienst over het bedrag dat je volgens afspraak van je ex ontving.

Of als je een aftrekpost blijkt te zijn verloren door de afspraken over het gezamenlijke huis. Met een lager besteedbaar inkomen (en mogelijk financiële misère) tot gevolg.

Veel ellende ontstaat doordat de professionals die helpen bij het opstellen van een convenant niet wijzen op deze fiscale en financiële addertjes onder het gras. Of doordat hun boodschap niet aankomt – mensen die in scheiding liggen, zijn vaak emotioneel uit het lood geslagen en dus niet op hun helderst.

„Wij zien vaak tenenkrommende adviezen voor convenanten voorbijkomen”, zegt registeraccountant Edwin Lankester van financieel adviesbureau Boringa & Lankester, dat vaak ingeschakeld wordt door ondernemers, advocaten en rechtbanken bij scheidingen. En is een convenant eenmaal ondertekend, dan is het volgens hem moeilijk daar nog iets aan te veranderen.

Drie valkuilen die je kunt vermijden.

1 Verlies van (de halve) hypotheekrenteaftrek

Een stel dat gaat scheiden, legt in het convenant vast dat de man – die goed verdient – de maandelijkse hypotheekrente blijft betalen, terwijl zijn ex-vrouw (met half inkomen) in het gezinshuis blijft wonen met de kinderen. Hij huurt een etage. Afgesproken wordt dat hij in ruil geen alimentatie hoeft te betalen. Het huis blijft op hun beider naam staan.

Probleem: als de man aangifte doet, blijkt dat hij nog maar 50 procent van de betaalde rente mag aftrekken. Na twee jaar mag hij zelfs niets meer aftrekken, waardoor zijn netto inkomen daalt. Want de fiscus geeft alleen renteaftrek aan degene die het huis bezit – op wiens naam de hypotheek staat, telt niet mee.

Oplossing 1: zet in het convenant dat de helft van de betaalde hypotheekrente alimentatie in natura is, en leg het bedrag vast – dan is het juridisch afdwingbaar. Zo houdt de betaler nog twee jaar 100 procent aftrek. Nadeel: zij moet wel inkomensafhankelijke zorgpremie (de zogenaamde bijdrage Zvw) betalen van 4,85 procent over de helft van het bedrag dat hij betaalde (het alimentatiedeel).

Oplossing 2: er is een onconventionele oplossing om na die twee jaar nog 50 procent aftrek te houden: houd de gemeenschap van goederen in stand (door niet officieel te scheiden) en wissel na twee jaar van huis. Dan krijgt zij nog eens twee jaar recht op 50 procent aftrek. Omdat de twee fiscaal nog partners zijn, kan zij die aftrek aan hem geven. Pas op: doe dit alleen als je band nog goed is en je elkaar vertrouwt. Als de één grote gokschulden maakt, zijn die namelijk óók van zijn ex.

2 Aflossen van de hypotheekschuld

Het echtpaar uit valkuil 1 gaat scheiden, maar hun huis staat voor een ton onder water. In het convenant spreken ze af dat de man de hele hypotheekschuld overneemt en in het huis blijft wonen; in ruil betaalt hij geen alimentatie. Zij huurt een huis.

Probleem 1: de vrouw heeft nu een schuld aan de man van 50.000 euro – de helft van het bedrag dat het huis onder water staat. Goede kans dat de fiscus de schuldovername van de man daarom beschouwt als een schenking aan haar of als afkoop van de alimentatie. Dus moet zij over die 50.000 euro belasting betalen. Maar dat geld heeft ze niet.

Oplossing: stel een schuldverklaring op van de vrouw aan haar ex, en laat haar daarover ook rente betalen. Die wordt bij hem minimaal belast (vermogensrendementsheffing van 1,2 procent) en is voor haar vijftien jaar lang aftrekbaar (voer hem op onder het kopje ‘restschuld’). Daarna betaalt zij haar schuld langzaam terug, of scheldt hij haar uiteindelijk de schuld kwijt. Dit laatste scenario vergt wel precieze timing: het lukt alleen zonder dat de fiscus een hoge aanslag oplegt als je dit doet in de maand nadat het scheidingsverzoek bij de rechtbank is ingediend en vóór het geaccepteerd is, en het huwelijk is ontbonden.

Probleem 2: de bank gaat er niet mee akkoord dat de man alleen verantwoordelijk wordt voor de hypotheek. En als de bank wél akkoord gaat, moet de man een aflossingsvrije lening sowieso omzetten in een annuïtaire – anders verliest hij zijn hypotheekrenteaftrek. Daardoor is hij meer geld aan aflossing kwijt en houdt hij minder geld over om alimentatie te betalen.

Oplossing: houd de gemeenschap van goederen in stand (zie uitleg bij valkuil 1, onder ‘Oplossing 2’, minus de huizenruil).

3 Pensioen delen met oudere ex-partner

Stel, de man van een scheidend stel is vijf jaar ouder dan zijn ex. Dan kan het slim zijn om afwijkende pensioenafspraken te maken. Bij de standaard, wettelijke regeling (beiden zijn in loondienst) krijgt hij de helft van het door haar opgebouwde pensioen pas als zíj met pensioen gaat. Dan heeft hij de eerste vijf jaar, nadat hij met werken stopt een pensioengat. Omgekeerd krijgt zij al pensioen van hem voor ze het nodig heeft. Daarom besluiten ze hun pensioen in één keer met elkaar te verrekenen: hij betaalt haar bijvoorbeeld 50.000 euro uit eigen middelen en houdt zijn pensioenpot zo intact.

Probleem: de fiscus ziet die halve ton als inkomen. Zij moet daarover dus belasting betalen en loopt een pensioengat op.

Oplossing 1: blijf in het jaar van de scheiding elkaars fiscale partner, bijvoorbeeld door beiden op het oude adres ingeschreven te blijven. Dan kan de man die 50.000 euro naar zijn ex overmaken. Voor hem is dat een aftrekpost, voor haar inkomen. Als fiscale partners mogen ze die twee tegen elkaar wegstrepen als ze één aangifte invullen.

Oplossing 2: leg in het convenant vast dat zij de eerste vijf jaar na zijn pensioen niet 50 procent van zijn pensioen krijgt, maar minder. Dan houdt hij geld over om zijn pensioen aan te vullen. Als zij met pensioen gaat, draai je het om: dan krijgt zij meer dan de helft en hij minder (maar dat compenseert hij met de helft van haar pensioen, dat hij dan eindelijk krijgt).